Recensie

Deze SUV had een Audi kunnen zijn (maar het is een Skoda)

Autotest De Skoda Karoq is niet het zoveelste verveelde lifestyleding, vindt . Deze kan wat.

Skoda Karoq bij Muntstad Skoda in De Meern. Foto Merlijn Doomernik

Leuk aan Skoda’s na de Wende en de overname door VW vond ik dat ze een beetje communistisch bleven. Dienstbaarheid aan de gewone man en zijn gewettigde behoeften bleef principezaak. Het toen al steeds mondainere VW, ooit het merk van Hitlers Kever, vond op de mestvaalt van een ander dictatoriaal regime de weg terug naar zijn wortels in het volksvervoer.

De Skoda-rijder kreeg voor minder geld meer ruimte dan in auto’s uit het vuige Westen, nuttige foefjes die hem troostten voor de nukken van het arbeidzame leven of het weer. In de Skoda Superb, verlengde Passat, had je achterin voor middenstandersprijzen de beenruimte van een partijleider. In de tankklep vond je de immer vergeten ijskrabber waarvoor het grootkapitaal je bij de pomp toch weer een grijpstuiver afhandig had gemaakt. In de achterdeuren van de Superb, ik had er een, zaten paraplu’s verstopt. Nomenklatoera-privileges voor de massa.

Door de nuchtere grondhouding behield de luxe, die natuurlijk toch kwam, in Skoda’s zijns ondanks het patina van achtenswaardig burgerrecht. Aan navigatie had je wat, stoelverwarming past ons allemaal. Ook het volk zoekt de enig juiste weg, met helder xenonlicht bestraald, en ook het volk heeft het koud.

Voorbij. Het is alsof in Tsjechië de Muur pas nu echt is gevallen. De Skoda Karoq zet de poort voor kapitalistisch variété wijd open. Het infodisplay zegt ‘welkom, bestuurder 1’, de voordeur werpt bij nacht een Skoda-lichtreclame op het asfalt; hij staat op 18 inch lichtmetalen velgen, model Braga. De kleurencombinatie past een Jaguar: donkergroene lak, crème leer. Deze Karoq is als de vakbondsleider die je na tien jaar terugziet als consultant in een modejasje. Dit is een SUV waarvan de andere confectiepakken moeten denken: Waar doet hij het van? Van hetzelfde, kameraden. Aanpassing!

Het had een Audi kunnen zijn. En misschien wás hij dat op de tekentafel wel, tot de ontwerpchef van de schetsen zei: te weinig spek, geef maar aan Skoda, dit wordt niets. Maar de Seat Ateca of de Audi Q3 uit hetzelfde huis hadden net zo goed Skoda’s kunnen worden. Ik zou na vijf jaar coma echt geen SUV van dat concern meer herkennen. De gelijkschakeling is totaal.

Dat is nieuw bij Skoda. Tot nu toe kreeg dat de speelruimte voor eigenzinnige cross-overs als de gekke Yeti of de bolle Roomster. Ineens loopt het gamma netjes in de pas met de doctrine die voor alle ingelijfde merken bindend is. Elk genre komt daar in drie maten. De Skoda Kodiaq is de grote SUV, de Karoq de middenklasser, en er komt vast nog een kleinere. Zo ging het bij Seat, Audi en Volkswagen immers ook.

Averechts effect

Zoals gebruikelijk komt de motor van VW, de 1.6 TDI-diesel met het verbazingwekkende verbruik van 1 op 20. Het dashboard spreekt VW-Duits met een Skoda-dialect. De menuvoering van het touchscreen ken je van alle andere VW-klonen, en de DSG-automaat heeft de van VW’s bekende voorliefde voor akoestisch onplezante lage toerentallen. De bak schiet zo snel mogelijk naar de hoogste versnelling, die de motor voor een paar druppels verbruiksvoordeel krampachtig uit zijn comfort zone probeert te houden. Met averechts effect. Om van dat irritante brommen af te zijn ga je meer gasgeven en meer verbruiken. Dat helpt. Boven de 100 wordt hij kalm en verdacht potig voor een dieseltje met 115 pk. Het vermoeden dat een achterbakse Tsjech imperialistisch aan de turbosoftware heeft gemorreld laat je niet meer los.

Daarna ga je hem stap voor stap ontdekken. De slimme Tsjech in de Karoq is ondergronds gegaan, maar naar de Skoda-handigheidjes is het niet lang zoeken. Met zoveel opbergvakjes in dashboard en deuren is de Karoq allereerst de ideale smokkelauto; de douane vindt ze nooit allemaal. Er zit een echte Skoda-paraplu onder de voorstoel. Topper is de tassenhaak in het bagageruim; het citroen-meringuetaartje van Holtkamp dat ik er elitair losbandig aan liet bungelen kwam ongehavend aan. Zelfs het uitneembare afdekrolgordijntje voor de kofferruimte heeft zijn eigen opbergplek. Maar het echte Skodawonder is Varioflex, verzamelnaam voor de acrobatische bekwaamheden van de drie losse stoelen achter. De rugleuningen zijn kantelbaar, ze zijn in lengte verstelbaar, opklapbaar én uitneembaar. Na verwijdering ontstaat een transportcapaciteit van 1.810 liter en dat is voor een SUV in deze klasse echt enorm. Ik mis de Yeti, maar dit is niet het zoveelste verveelde lifestyleding. Deze kan wat.

    • Bas van Putten