Acht vragen over de nieuwe Maasverbinding voor Rotterdam

Nieuwe Maas Voor het eerst sinds de bouw van de Erasmusbrug krijgt Rotterdam een nieuwe verbinding tussen de twee Maasoevers. Waar komt de nieuwe brug (of tunnel)? En andere vragen.

Verkeer op de Van Brienenoordbrug. De twee oevers van de Nieuwe Maas in de regio Rotterdam krijgen een nieuwe verbinding, die een aantal regionale problemen moet verkleinen. Foto Bas Czerwinski/ ANP

Hij gaat er komen, over of onder het water. De twee oevers van de Nieuwe Maas in de regio Rotterdam krijgen een nieuwe verbinding. Na jaren lobbyen door Rotterdam heeft minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur, VVD) dit eind vorige week bekendgemaakt.

Nu de vraag: hoe dan? Wordt het een brug of een tunnel? En waar precies? En hoeveel mag het kosten? Donderdag wordt het plan voor de nieuwe oeververbinding besproken in de Tweede Kamer.

  1. Waarom moet er een nieuwe oeververbinding komen?

    Rotterdam heeft van west naar oost achtereenvolgens al de Maastunnel (1942), de Erasmusbrug (1996), de Willemsbrug (1878, vernieuwd in 1981) plus de Van Brienenoordbrug (1965) met de rijksweg A16. Toch moet een nieuwe verbinding een aantal regionale problemen verkleinen. De A16 tussen de wijk Feijenoord en Ridderkerk staat op nummer zes in de nationale filetopvijftig. Daarnaast staat het verkeer dagelijks vast op de N210 rond de Algerabrug, de enige route van Krimpen aan den IJssel richting de regio Rotterdam. Ook het openbaar vervoer staat onder druk, omdat Rotterdam groeit: tot 2040 moeten er 50.000 woningen gebouwd worden. Een nieuwe oeververbinding moet het metronetwerk plus de tramlijn over de Erasmusbrug ontlasten. De wens is ook dat de verbinding leidt tot minder autoverkeer in het stadscentrum.

  2. Waar moet de nieuwe oeververbinding komen?

    Dat besluit wordt over een half jaar genomen. In een zogenoemde pre-verkenning zijn nu drie locaties onderzocht, waarvan de locatie ‘West’ definitief is afgevallen. Een nieuwe oeververbinding in West zou de drukte op de weg en in het ov niet veel verminderen. Daarbij is het Havenbedrijf Rotterdam tegen, omdat een brug in het gebied Waalhaven-Merwe-Vierhavens de scheepvaart zou belemmeren.

    Ook zou de huidige cruiseterminal mogelijk verplaatst moeten worden, omdat hoge cruiseschepen niet onder een brug door kunnen. De ene overgebleven optie is de oeververbinding ‘Oost’ tussen de gebieden Feijenoord en Kralingen-De Esch. De andere locatie, ‘Oost-Oost’ genoemd, zou een verbinding worden tussen Ridderkerk en de Krimpenerwaard. De keuze is dus tussen een nieuwe stadsbrug (of tunnel) in Oost-Rotterdam of buiten de ring.

  3. Welke van de twee locaties maakt het meeste kans ?

    „Ik hóóp natuurlijk dat het onze oostelijke variant wordt met een meerwaarde voor Rotterdam”, zegt wethouder Judith Bokhove (Mobiliteit, GroenLinks). Een oeververbinding in Oost, ten westen van de Van Brienenoordbrug, zou een belangrijke impuls voor Rotterdam-Zuid zijn. Net als de Erasmusbrug destijds de ontwikkeling van hoogbouw op de Wilhelminapier en de Kop van Zuid plus de hippe wijk Katendrecht heeft gestimuleerd. Een brug of tunnel in Oost sluit aan bij de gebiedsontwikkeling van Hart van Zuid rond Zuidplein en het beoogde Feyenoord City rond het nieuwe voetbalstadion met treinstation. Het ov-knooppunt Kralingse Zoom en de bedrijvenparken Brainpark en Rivium zijn ook gebaat bij een nieuwe oeververbinding. Wie de pre-verkenning leest, ziet dat de variant ‘Oost’ wat meer pluspunten krijgt toebedeeld dan ‘Oost-Oost’. En niet onbelangrijk: Rotterdam kan financieel meer bijdragen dan Krimpenerwaard.

  4. Is de nieuwe verbinding dan niet vooral een stadsbrug?

    „Nou, dat is niet helemaal het geval”, zegt gedeputeerde Floor Vermeulen van de provincie Zuid-Holland (Verkeer en Vervoer, VVD). „De Van Brienenoordbrug is de drukste brug van Europa. Er zit heel veel lokaal verkeer op dat eigenlijk niet op die brug hoort. Het regionaal belang is natuurlijk dat die snelweg wordt gebruikt voor doorgaand verkeer.” De nieuwe verbinding moet verder dus ook een oplossing bieden voor andere verkeersknelpunten en de verwachte bevolkingsgroei in de hele regio. Rotterdam-Zuid is bovendien een regio op zich met ongeveer 240.000 inwoners – meer dan Eindhoven. Wethouder Bokhove: „Iedereen is zich wel bewust dat het voor de hele regio belangrijk is, anders zou dit plan er ook nooit doorheen zijn gekomen, denk ik.”

  5. Wordt het een nieuwe brug of toch een tunnel?

    In het onderzoek wordt alleen gesproken van een ‘multimodale oeververbinding’ voor de auto, openbaar vervoer en fietsers. Maar de geraamde kosten van 640 miljoen euro zijn gebaseerd op een brug als de meest logische oplossing. Een brug in Oost tussen Feijenoord en Kralingen zou met twee tot vier rijbanen 418 tot 449 miljoen euro moeten kosten. Een tunnel met een metroverbinding van Kralingse Zoom naar Zuidplein is met 2,1 miljard euro al snel vijf keer zo duur. Dat wil niet zeggen dat een metroverbinding bij voorbaat is uitgesloten.

    Tijdens het vervolgonderzoek in de komende twee jaar wordt naar „alternatieve bekostiging” gekeken om geld uit de markt te halen, vertelt gedeputeerde Vermeulen. „Er is geen gratis geld, zeg ik altijd. Je kunt niet zomaar naar Europa gaan en zeggen: doe mij maar een paar honderd miljoen. Dat zal altijd een lening zijn. De vervolgvraag is: hoe ga je die terugbetalen?” Vorig jaar hebben de gemeente en het ministerie van infrastructuur al een studie verricht naar andere geldbronnen voor de oeververbinding. De eerste suggesties varieerden van vastgoedpartijen, pensioenfondsen en een tolsysteem tot loterijen en crowdfunding. Een ander idee was dat bedrijven bijdragen die dankzij de oeververbinding minder woon-werkvergoedingen voor personeel hoeven te betalen.

  6. Hoe zeker is het dat de nieuwe oeververbinding er komt?

    Rotterdam lobbyt al járen in de regio en bij het Rijk voor een nieuwe oeververbinding, maar tot nu toe ontbrak het geld. Het akkoord wat er nu ligt, is onderdeel van een pakket met afspraken voor de bereikbaarheid in heel Nederland, het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT). Volgens de spelregels van het MIRT moet 75 procent van de geraamde kosten gedekt zijn. Van de totale geraamde kosten van 640 miljoen euro nemen de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, de provincie Zuid-Holland en de gemeente Rotterdam gezamenlijk 280 miljoen euro voor hun rekening; het ministerie van Infrastructuur wil 200 miljoen euro bijdragen. Daarmee is 75 procent van de kosten gedekt en is het Rijk ook financieel gecommitteerd. Het komt in de praktijk zelden voor dat zo’n project dan niet wordt uitgevoerd.

  7. Wanneer moet de nieuwe oeververbinding klaar zijn?

    Theoretisch zou er over zeven jaar een nieuwe oeververbinding moeten zijn. De verdere verkenning duurt twee jaar, de uitwerking nog eens twee jaar en de bouw zelf drie jaar. Maar zoals bekend willen grote bouwprojecten door complicaties nog wel eens uitlopen. „Het klinkt heel ver, maar misschien is het hele project pas in 2030 afgerond”, zegt wethouder Bokhove. Ter vergelijking: bij de Erasmusbrug zaten er ongeveer zes jaar tussen de eerste tekeningen en de oplevering, waarbij de bouw zelf drie jaar duurde. De Erasmusbrug werd overigens op schema en binnen het budget (kosten: 362 miljoen gulden in 1996) opgeleverd.

  8. Is de verbinding voldoende om Rotterdam bereikbaar te houden?

    Bij lange na niet. Om Rotterdam en regio leefbaar en bereikbaar te houden, is op termijn minstens 2,5 miljard euro nodig, zo rekende toenmalig wethouder, Pex Langenberg (verkeer en vervoer, D66) begin dit jaar de verslaggevers voor. „Niet alleen voor een nieuwe oeververbinding, maar ook voor het doortrekken van de RandstadRail naar Feijenoord, Dordrecht en Leiden. We willen geen plukken woningbouw, her en der, maar alleen langs openbaarvervoersknooppunten.”

Lees meer over de waterweg die Rotterdam-Noord en -Zuid verbindt en scheidt: De Nieuwe Maas is geen grens, maar eerder de bestaansreden van Rotterdam

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.

    • Jos Verlaan
    • Eppo König