Veroveren

is visser en doet verslag vanaf de waterkant. Deel 7: over dodelijke verleiders

Fula negra, herrera, pejeverde, pez lagarto, cabrilla. Exotische vissen. Exotische klanken. Patronen als van Peruviaanse vloerkleden. Stuk voor stuk tover ik ze uit de diepte van Lanzarote.

Maar één diertje spant de kroon: pez globo, ballonvis (bij ons: kogelvis). Niet om zijn spectaculaire kleuren, hij is wat flets, maar omdat-ie, telkens als ik hem haak, zichzelf opblaast tot een fraaie ballon en zich volzuigt met water om het vervolgens weer met smakkende babygeluidjes in straaltjes eruit te spuiten, kan ik geen genoeg van ’m krijgen. Een koddig gnoompje. Dit terwijl mijn Spaanse collega’s ’m spuugzat zijn en ’m telkens met een vies gezicht terugwerpen. „Sodemieterse plaag! Niet te vreten!”, roept Alonso.

Spanjaarden schransen vrijwel alles wat in de oceaan beweegt, maar voor dit beestje bedanken ze vriendelijk. Niet zo raar. Dit diertje is giftig. Dodelijk giftig. Eén picogrammetje maagsap is genoeg om een paard te vellen. Die paar overmoedige Spanjaarden die het toch waagden het visje in de paëlla te stoppen werden krijsend en stuiptrekkend naar het ziekenhuis vervoerd en van daaruit naar het kerkhof.

In Japan zijn ze stoerder. Daar bestaat een ware cultus rondom deze vis. De fugu. Een delicatesse die op de zwarte markt voor grof geld van de hand gaat en ieder jaar weer een bosje iets te gulzige Japanners een enkeltje hemelvaart bezorgt. Bij wet mogen daar uitsluitend gediplomeerde kogelviskoks het diertje schoon- en klaarmaken.

Maar hier aan de Canarische kust gruwelen ze van de pez globo. Ze moesten eens weten welk genie ze daar als een kloddertje snot wegsmijten. Ik zeg u: de kogelvis beschikt over een vernuft dat Leonardo da Vinci zou doen beven van jaloezie.

Dit vernuft blijft lang verborgen en openbaart zich pas als het visje de aandrang voelt een wijfje te verleiden. Dan verandert het kleine mormel in een duivelskunstenaar. Dan ontvouwt zich in de zanderige oceaandiepte een duizelingwekkend schouwspel. Zonder gebruik van applicaties van Silicon Valley vervaardigt het visje een volmaakte cirkel van 360 graden met een dwarsdoorsnee van zo’n dertig keer zijn eigen lengte. Binnen die cirkel graaft en kneedt hij volgens een perfect geometrisch stramien prachtige schelpachtige figuren die elkaar caleidoscopisch vanuit elke hoek spiegelbeelden. Dagenlang, zonder één seconde rust, kneedt, graaft en boetseert hij dit ongekend architectonische kunstwerk. Zonder liniaal, zonder passer, zonder rekenmachine, met als enig gereedschap: staart-, buik- en borstvin.

Als het wijfje dan eindelijk komt gluren is ze op slag betoverd en volgen hartstochtelijke wittebroodsweken.

Ik moet denken aan een etentje met een vriendin een paar maanden terug. Ze had een poosje „sociaal geëxperimenteerd” op Tinder en verzuchtte die avond tegen mij: „Waar zijn toch de mannen gebleven die nog écht moeite doen om een vrouw te veroveren?” Ik glimlachte en zweeg, maar ik had moeten zeggen: „Ze bestaan. Ze leven onder water.”

    • Mohammed Benzakour