Kabinet laat tragere stijging AOW-leeftijd onderzoeken

Pensioenen Het kabinet wil nog steeds een akkoord met de bonden. De stijging van de AOW-leeftijd is een struikelblok.

Minister Wouter Koolmees, premier Mark Rutte en Sybrand Buma van het CDA in de Tweede Kamer voor het plenaire debat over de misgelopen onderhandelingen rond een nieuw pensioenakkoord. Foto: Koen van Weel

Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) zal laten onderzoeken of de AOW-leeftijd op den duur minder snel omhoog kan gaan. Een meerderheid van de Tweede Kamer, waaronder alle regeringspartijen, riep de minister dinsdag in een debat op tot zo’n onderzoek. Koolmees zei daarop dat hij dat „verstandig” zou vinden.

Volgens de huidige regels stijgt de AOW-leeftijd mee met de levensverwachting: voor elk jaar dat de gemiddelde levensverwachting stijgt, moet er een jaar langer gewerkt worden. De laatste jaren is er discussie ontstaan, onder meer onder demografen, of dat niet te snel gaat. Want een extra jaar dat iemand langer leeft, wordt misschien niet altijd in goede gezondheid doorgebracht.

De stijging van de AOW-leeftijd was ook een belangrijke reden dat het kabinet vorige week niet tot een pensioenakkoord kon komen met werkgevers en vooral de vakbonden. De vakbonden eisten dat het huidige kabinet al een beslissing zou nemen over een tragere stijging. Het kabinet benadrukte dat dit zeker 6 miljard euro per jaar kost. Over zo’n grote uitgave zou pas in een volgende kabinetsformatie beslist kunnen worden.

In het debat in de Tweede Kamer bleek dat het kabinet en de regeringspartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie nog steeds hopen op een pensioenakkoord met vakbonden en werkgevers. Begin dit jaar zei de VVD nog dat het kabinet met een eigen plan zou moeten komen als er niet snel een pensioenakkoord zou liggen. Vorige week opperde Hans de Boer, voorzitter van werkgeversvereniging VNO-NCW, dat Koolmees nu zelf een beslissing zou kunnen nemen.

Premier Mark Rutte (VVD) wilde niet vooruitlopen op de zaken. „We nemen echt even de tijd om te kijken hoe het nu verder moet”, zei hij. Rutte zei dat hij de vakbonden vergaand tegemoet had willen komen. Toch wilde hij „niemand” verwijten dat de gesprekken waren mislukt.

Lees ook: FNV eist bevriezing AOW-leeftijd, anders geen pensioenakkoord

Rutte was het niet eens met zijn partijgenoot, VVD-Kamerlid Roald van der Linde, die zei dat hij moeilijk kan verdedigen dat „we onze pensioenen laten regelen door vakbonden die maar een paar procent van de werkenden vertegenwoordigen”. De premier zei dat hij de vakbeweging wel representatief vindt.

    • Claudia Kammer
    • Christiaan Pelgrim