Opinie

    • Arjen Fortuin

In de Sahara vindt Bram Vermeulen slavernij en vetgemeste meisjes

Zap In zijn reisseries is Bram Vermeulen meer een journalist op zoek naar misstanden, dan een invoelende antropoloog.

Sahara: meisjes in Mauritanië worden vetgemest met zeven liter melk per dag. VPRO

De plaatjes zijn schitterend in de eerste aflevering van Sahara, de VPRO-reisserie, waarin Bram Vermeulen op zoek gaat naar de bewoners van de bekendste woestijn ter wereld. De beginaflevering vertrok zondag aan het westelijke uiteinde van de Sahara, in het door cameraploegen maar zelden bezochte Mauritanië. „Bijna heel het land is zand”, binnenrijmt Vermeulen. Aan de kust blijkt het ijskoud. Daar helpt de Spaanse guardia civil de autoriteiten voorkomen dat mensen in bootjes de Canarische Eilanden bereiken. Wanneer de laatste migrant uit het water is gehaald? Dat weten we nog goed, zegt een van de mannen. Het was in 2008.

Zeer fotogeniek is een drie kilometer lange trein die de woestijnwinden trotseert: de passagiers zitten opeengepakt op een verhoginkje in een wagon, die schertsend de eerste klas wordt genoemd. De trein schudt zo dat de branders waar ze hun theewater op warmen steeds weer om dreigen te vallen. Ze kijken uit op honderden goederenwagons vol ijzererts, waar mensen op meeliften.

Vergeleken met andere mannen die de omroep de wereld rondstuurt – zoals Stef Biemans in Latijns-Amerika en Ruben Terlou in China – is Vermeulen (ook Afrika-correspondent voor NRC) minder een antropoloog en meer een klassieke journalist op zoek naar onrecht. Daarbij opereert hij in antropologisch opzicht soms wat onhandig. Op bezoek bij een gezin dat in een woestijntent woont, vraagt hij de man of die weet wat de datum is. Het antwoord: „Daar zou ik voor op mijn telefoon moeten kijken.” En: „We zijn niet achterlijk, we weten hoe tijd werkt.”

Achterlijk niet, maar de ‘leblouh-cultuur’ waarover vervolgens wordt verteld, brengt gruwelijk onrecht met zich mee. Meisjes en jonge vrouwen worden vetgemest door een dieet van melkpap en melk, tot zeven liter per dag. (Vermeulen zit na een half beleefdheidsbekertje al vol.) „Als ze niet wil drinken, knijp ik haar hier”, zegt een oudere vrouw opgewekt, waarna ze met twee vingers een teen van de verslaggever bijna vermorzelt.

Het doel is de meisjes zo jong mogelijk zo volgroeid mogelijk te laten lijken om een snelle uithuwelijking te bespoedigen. Bovendien, zegt de knijpster: „Zo lopen ze niet weg. Een dikke vrouw komt niet ver.”

Slavernij gaat over van moeder op dochter, hoort Vermeulen. En die slavernij is niet figuurlijk. Uiteraard is slavernij officieel verboden in de islamitische republiek Mauritanië. Sinds 1981, toen het als laatste land ter wereld een streep door de lijfeigenschap haalde. De praktijk blijkt weerbarstig. Bovendien heeft een ex-slaaf weinig mogelijkheden: zich aansluiten bij de talloze armen in de grote stad, of zich toch maar weer bij de voormalige ‘eigenaars’ melden.

Lees ook: Bram Vermeulens NRC-reportages over de Sahara

‘s Avonds laat in de avond ontkomt Vermeulen aan het gezelschap van de regeringsfunctionaris die hem dagelijks volgt en bezoekt hij mensen die het taboe op praten over slavernij willen doorbreken. Bij activist Biram Dah Abeid ontmoet Vermeulen een moeder en haar volwassen zoon. Zij ligt ziek onder een deken; jaren heeft ze haar meesteres gedragen. Getrouwd is ze nooit. De zoon, die tot 2013 met haar in slavernij leefde, is het kind van de meester, legt Abeid uit. „Of van de zoon van de meester, van zijn neef, van zijn vriend, van het bezoek.”

Abeid zit vol vertrouwen in de kansen om zijn land te veranderen. „Het is zeker dat ik president word”, zegt hij nadrukkelijk. Vermeulen bezocht hem afgelopen zomer. Een paar weken later, nog vóór de parlementsverkiezingen waarin hij kandidaat was, werd hij gearresteerd.

    • Arjen Fortuin