Bertolucci: virtuoos filmer van wervelend spektakel en fatale relaties

Bernardo Bertolucci 1941-2018, filmregisseur De Italiaanse filmregisseur maakte ambitieuze films vol warme kleuren, dramatische belichting en weelderige decors. Hij debuteerde al op 21-jarige leeftijd als regisseur.

Bernardo Bertolucci in Rome, 2012. Foto Andrew Medichini/ AP

De Italiaanse regisseur Bernardo Bertolucci is maandag op 77-jarige leeftijd aan longkanker overleden. Hij werd berucht met zijn gedoemde romance Last Tango in Paris (1972) en beroemd met zijn epos The Last Emperor, die in 1987 negen Oscars won; zelf kreeg hij Oscars voor beste regie en script.

The Last Emperor was een groots, wervelend spektakel over de laatste keizer van China, Pu Yi, marionet van de Japanners, heropgevoed in communistisch China. Een antiheld zoals Bertolucci ze graag zag: introvert, geïsoleerd en wereldvreemd door zijn opvoeding in Beijings Verboden Stad. Het ambitieuze, grootse epos paste bij de rijpe Bertolucci, die zich met het ruim vijf uur lange Novecento (1976) al aan een korte geschiedenis had gewaagd van het Italiaanse fascisme aan de hand van twee jeugdvrienden: Robert De Niro als decadente rijkeluiszoon Alfredo en Gérard Depardieu als communistische boerenzoon Olmo, met een glansrol voor Donald Sutherland als perverse bullebak Attila.

Bernardo Bertolucci werd in 1941 geboren in Parma als zoon van de Italiaanse dichter, kunsthistoricus, leraar en filmcriticus Attilio. Aanvankelijk wilde hij net als zijn vader schrijver worden: Bernardo bedacht voor Sergio Leone het verhaal voor Once Upon a Time in the West. Maar toen zijn vader de eerste roman van regisseur Pier Paolo Pasolini hielp publiceren, werd hij als wederdienst ingehuurd als Pasolini’s assistent bij Accattone (1961). Zo rolde hij de filmwereld in.

In 1962 mocht Bertolucci het als 21-jarige zelf proberen met La commare secca, over de moord op een prostituee. Zijn grote doorbraak bleek in 1964 het sterk door de Franse nouvelle vague beïnvloede, licht autobiografische Prima della rivoluzione, over een provinciale jongeman die een incestueuze relatie heeft met zijn tante Gina terwijl hij weifelt over de houdbaarheid van zijn communistische idealen, gezien zijn veilige bourgeoisleven. Die wrijving van grote dromen en idealen versus eigenbelang en seksuele begeerte keerde vaker terug: een clash van Marx en Freud, van buiten- en binnenwereld.

Bertolucci choqueerde indertijd de Italiaanse pers door een persconferentie in het Frans te beleggen: dat was volgens hem de ware taal van de film. Maar hoewel Parijs meermalen decor was voor zijn films, bleek zijn passie voor de nouvelle vague minder hardnekkig dan zijn marxisme. Novecento, met zijn decadente en cynische rijken, beestachtige fascisten en met rode vlaggen zwaaiende boertjes, oogt nu deels als communistische agitprop. Het verklaart ook dat China, dat zich medio jaren tachtig opende richting de wereld, hem toestond om The Last Emperor in de Verboden Stad te filmen: keizer Pu Yi eindigt na een harde, maar wijze heropvoeding als een bescheiden communist.

Toch vertrouwde Hollywood juist Bertolucci grote budgetten toe om zijn wereldcinema te maken. Bertolucci’s virtuoze stijl, soms overhellend naar mooifilmerij, wekte alle vertrouwen: hij hield van warme kleuren, weelderige decors, dramatische belichting, weidse, epische shots en wervelende massascènes – dat alles zeer chic in beeld gebracht door zijn vaste cameraman Vittorio Storaro.

In 2002 bekende Bertolucci de val van de Muur in 1989 te hebben ervaren als een groot verlies, omdat „we niet meer groots, utopisch konden dromen”. Zijn loopbaan belandde in de jaren negentig in een glijvlucht. Het meanderende The Sheltering Sky (1990) – over een koppel dat elkaar wil hervinden met een groots avontuur, maar oplost in de Sahara – bleek een dure flop. Met het kitscherige boeddhistische epos Little Buddha (1993) wekte Bertolucci de indruk zich te forceren op zoek naar een nieuwe, grootse visie.

Hij herpakte zichzelf enigszins met meer bescheiden films over adolescenten die zichzelf seksueel ontdekken. Op het gelikte Stealing Beauty (1996), waarin de jonge Liv Tyler haar maagdelijkheid verliest in Toscane, volgde het veel sterkere The Dreamers (2003), waarin een Amerikaanse student – Bertolucci zette vaak ontheemde Amerikanen in – tegen de achtergrond van de Parijse rellen van 1968 belandt in een broeierige, fatale driehoek met een Franse broer en zus: een seksuele revolutie binnen een revolutie. In zijn laatste film, Io e Te (2012), trekken een broer, een introverte puber, en zijn verslaafde halfzus zich helemaal terug in hun binnenwereld: een kelder.

Verdienstelijke films die niet in de schaduw konden staan bij de twee films waarmee Bertolucci begin jaren zeventig artistiek piekte, beide met getraumatiseerde, emotioneel lamgeslagen antihelden in de hoofdrol. In Il conformista (1970) helpt een opportunistische meeloper Mussolini’s fascistische regime met de moord op zijn naar Frankrijk gevluchte professor en de vrouw die hij liefheeft. Opvolger Last Tango in Paris was een wereldwijde schandaalhit, in Italië jarenlang verboden, elders door censors verknipt. Marlon Brando – deels tragische held, deels cynische ploert – begint daarin als oudere weduwnaar van een vrouw die zelfmoord pleegde een bewust gevoelloze, strikt anonieme relatie met een op het eerste gezicht lege, willoze jonge vrouw.

Bijna 45 jaar later werd Last Tango in Paris voor de tweede keer een schandaal. Bij de opname van de beruchte ‘boterscène’ van een anale verkrachting overviel de toen 48-jarige Marlon Brando de 19-jarige, onervaren actrice Maria Schneider door boter op haar billen te smeren: een overrompelingstactiek om een ‘pure reactie’ van vernedering te ontlokken. „Ik wilde de reactie van het meisje, niet van de actrice”, aldus Bertolucci in 2013 tegen Twan Huys in College Tour. Schneider belandde na afloop in een spiraal van razernij, verslaving en zelfmoordpogingen en noemde Bertolucci later een nare, zweterige manipulator. Hijzelf bekende in College Tour dat hij zich schuldig voelde, maar geen spijt had. Toen die clip eind 2016 doordrong tot Hollywood, leidde dat tot een collectieve woedegolf. Achteraf bleek dat een voorbode van het Harvey Weinstein-schandaal en #MeToo, dat driekwart jaar later losbarstte.

    • Coen van Zwol