Minister wil aandacht voor genderbias in de wetenschap

Onbewust worden vrouwen mogelijk minder beoordeeld dan mannen, zegt de minister na onderzoek van NRC.

Archiefbeeld. Foto Evert-Jan Daniels/ANP

Minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, D66) wil meer aandacht voor onbewuste genderbias in de academische wereld, “zowel bij de universiteiten, de onderzoeksinstituten als bij NWO-beoordelingscommissies”. Dat schreef de minister in antwoord op Kamervragen naar aanleiding van onderzoek van NRC waaruit bleek dat vrouwen een kleinere kans hebben om cum laude te promoveren dan mannen.

Waar het predicaat cum laude bij het afstuderen wordt toegekend op basis van de cijferlijst is dat voor promovendi niet objectief. Aangezien er geen enkele reden is om aan te nemen dat vrouwen slechtere proefschriften schrijven, is het aannemelijk dat vrouwen onbewust minder positief worden beoordeeld, bleek uit cijfers die door NRC werden verzameld.

Lees ook het onderzoek: Helft van de promovendi is vrouw, maar cum laude krijgen ze zelden

Of de ongelijkheid te verklaren is voor onbewuste vooringenomenheid van de vaak mannelijke beoordelaars, durft Van Engelshoven niet te zeggen. In de samenstelling van wetenschappelijke commissies wordt tegenwoordig meer rekening gehouden met de man-vrouwverhouding, schrijft ze, “wat overigens niet automatisch betekent dat dit gelijke kansen voor mannen en vrouwen creëert”. Volgens de minister kan “al dan niet onbewuste genderbias (…) een belangrijke veroorzaker zijn voor de ongelijke behandeling tussen mannen en vrouwen”, en is dat ook uit onderzoek gebleken.

Om de mogelijke onbewuste genderbias de wereld uit te helpen, is zij in gesprek met de Vereniging van Universiteiten (VSNU) over de vraag of het “mogelijk en zinvol” is om cijfers over gepromoveerden, cum laude gepromoveerden en de samenstelling van commissies bij te houden. Dit “omdat ze mogelijk van belang zijn in de gehele carrièreladder van vrouwen”. “In verband met de lastendruk” wil de minister dat liever niet verplichten.

Cijfers over de manier waarop mannen en vrouwen academisch carrière maken, worden niet centraal bijgehouden. NRC vroeg de gegevens daarom op bij alle veertien universiteiten.

    • Bastiaan Nagtegaal