‘Minister bemoeide zich met zaak-Poch’

Dodenvluchten

De politie wilde de aangifte tegen Julio Poch aanvankelijk niet onderzoeken. Ernst Hirsch Ballin, toen minister, zou hier opdracht toe hebben gegeven.

Oud-Transaviapiloot Julio Poch in de rechtbank in Argentinië. Eerst zou hij in Nederland worden berecht. Foto Alejandro Pagni/ANP

Ernst Hirsch Ballin heeft eind 2007 als minister van justitie persoonlijk de politie opdracht gegeven te onderzoeken of toenmalig Transavia-piloot Julio Poch betrokken zou zijn geweest bij de ‘dodenvluchten’ waarmee eind jaren zeventig in Argentinië politieke tegenstanders werden vermoord.

De opdracht van de justitiële bewindsman zou volgens het radioprogramma Argos (VPRO/Human) blijken uit politiedocumenten die de redactie in handen heeft. Het Team Internationale Misdrijven van de politie, dat de opdracht zou hebben gekregen de aangifte tegen Poch uit te zoeken, vond dat andere zaken kansrijker waren. Op aandrang van de minister is men met de zaak tegen Poch aan de slag gegaan, aldus Argos, dat zaterdagmiddag om 14 uur op NPO Radio 1 een reconstructie uitzendt van de kwestie rond de Argentijns-Nederlandse piloot.

Julio Poch (66) werd in 2006 door Nederlandse Transavia-collega’s beschuldigd van betrokkenheid bij misdaden tegen de menselijkheid tijdens het militaire bewind dat van 1976 tot 1983 in Argentinië de dienst uitmaakte. Poch werd in 2009 in Spanje gearresteerd en in 2010 uitgeleverd aan Argentinië, waar hij vorig jaar na ruim acht jaar gevangenschap door drie rechters unaniem werd vrijgesproken.

Rechtsverzoek

Vorige maand werd bekend dat Julio Poch in een voorlopig getuigenverhoor voor de Haagse rechtbank vijf voormalige Nederlandse bewindslieden wil horen over hun rol bij zijn uitlevering aan Argentinië. Hirsch Ballin staat ook op het lijstje. De verhoren dienen ter onderbouwing van een schadeclaim tegen de Nederlandse staat van vijf miljoen euro.

Minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) wees vorige maand in een brief aan de Tweede Kamer alle aansprakelijkheid voor de Nederlandse Staat van de hand. Nederland zou alleen hebben voldaan aan een Argentijns rechtshulpverzoek. Hirsch Ballin wil geen commentaar geven. „Ik ben niet de woordvoerder van mijn opvolger”, zegt Hirsch Ballin.

‘Geen sterke zaak’

Argos zegt dat uit de politiestukken blijkt dat minister Hirsch Ballin de politie al in de beginperiode aanspoorde om de zaak toch te onderzoeken. Emeritus hoogleraar strafrecht Theo de Roos en universitair docent Jelle van Buuren leiden uit de stukken af dat het onderzoek in die eerste fase stillag, of dat er plannen bestonden om het stil te leggen. Het is uitzonderlijk dat een minister zich actief bemoeit met strafrechtelijke onderzoeken. In vrijwel alle gevallen beslist het OM zelfstandig welke zaken worden opgepakt.

Het OM bevestigt tegenover Argos dat bij het Team Internationale Misdrijven destijds meerdere onderzoeken kansrijker werden geacht dan de zaak-Poch.

Een anonieme politiebron zegt in Argos: „Dit was voor ons eigenlijk helemaal geen sterke zaak. In die aangifte stond alleen indirect bewijs. En wat op dat moment ook door de hoofden van de beslissers speelt, is de gedachte dat zo’n Argentijnse zaak waarschijnlijk ook politiek gevoelig ligt, vanwege de discussies over de vader van Máxima. Dus om al die redenen werd de zaak-Poch niet verder meer opgepakt.”

Pas na de opdracht van Hirsch Ballin, bijna anderhalf jaar na de aangifte tegen Poch, reisden politiefunctionarissen naar Argentinië om informatie te verzamelen.

De rechtshulpverzoeken die Nederland vervolgens aan Argentinië stuurde, wijzen erop dat het in eerste instantie de bedoeling was Poch in Nederland te berechten. Maar in de zomer van 2008 besloten de Argentijnse en Nederlandse autoriteiten ineens Poch in Argentinië voor de rechter te brengen. Sinds december 2017 woont hij weer in Nederland en is hij uit op excuses en schadevergoeding.

Poch werd eind vorig jaar na een emotionele zitting vrijgesproken. „Beheers uw emoties! Anders laat ik de tribunes ontruimen”, moest de voorzitter van de driekoppige rechtbank door de microfoon brullen
    • Marcel Haenen