May rekent op de ‘whips’

Brexit-akkoord

Na de Brexit-top moet de Britse premier May steun vinden in Londen. Critici voorspellen een crisis.

Theresa May zat op 11 juli 2016 in een kleedkamer van een conferentiecentrum in Birmingham. De schok van Leave bij het Brexitreferendum daverde na. David Cameron had zijn vertrek als premier aangekondigd. May ging een campagnetoespraak houden om Tories te overtuigen dat zij de volgende premier moest worden en niet de laatst overgebleven concurrent Andrea Leadsom.

Vlak voor haar toespraak kreeg May een telefoontje. Ze vertelde niemand in de kamer, inclusief echtgenoot Philip, waar het over ging. May gaf haar toespraak, gaf interviews. Opeens opwinding bij de pers: Leadsom had zich teruggetrokken. Dat was waar het telefoontje over ging. Leadsom had May al op de hoogte gesteld. Anderhalf uur lang wist May dat zij de volgende premier zou worden. „Geen enkele verspreking of gezichtsuitdrukking verried de duizelingwekkende realiteit”, schrijft Rosa Prince, in haar biografie Theresa May: The Enigmatic Prime Minister.

Typisch May: kalm en niet van haar stuk te brengen. Maar ook een politicus die de kaarten dicht tegen haar borst houdt, die de kring van ingewijden zo klein mogelijk houdt.

Na de EU-top van zondag in Brussel verschuift de aandacht naar het Britse parlement, dat in december het Brexit-pakket moet goedkeuren. May probeert even stoïcijns als altijd het Lagerhuis te overtuigen in te stemmen. „Dit is de juiste deal”, zei ze donderdag in het Lagerhuis. „Wij krijgen controle over onze grenzen, geld en wetten.”

Overweldigende kritiek

Toch klinkt van alle kanten van het politieke spectrum overweldigende kritiek: wat May ook belooft, deze deal zorgt ervoor dat de Britten vastzitten aan de douane-unie. Dat betekent zonder invloed op de besluitvorming te veel Europese regels volgen. Vooralsnog is een meerderheid van het Lagerhuis tegen haar plan.

Een van haar problemen is dat ze gewantrouwd wordt door Brexiteers. „Ik kraaide victorie na de referendumuitslag”, zegt Steve Baker, een van de hardliners binnen haar eigen partij en vorige week een van de initiatiefnemers van de mislukte coup tegen May. „Ik waarschuwde toen onmiddellijk: we mogen het niet laten gebeuren dat Cameron opgevolgd wordt door weer een premier die niet echt in de Brexit gelooft. Dat is precies wat geschiedde.”

Eveneens weet May pro-Europese politici niet aan zich te binden. Haar uitspraak deze week dat na de Brexit inwoners van de EU op dezelfde voorwaarden een werkvergunning krijgen als mensen uit India of de Verenigde Staten, viel verkeerd bij gematigde politici bij de Tories en Labour.

EU-burgers kunnen straks niet meer „voordringen in de rij”, zei de premier. Zulke opmerkingen laten zien dat May zelden in staat is een politiek te bedrijven die verschillen tussen progressief en conservatief overbrugt, terwijl dát juist noodzakelijk is komende weken om een parlementaire meerderheid te smeden.

May leunt zwaar op de whips, de partijgenoten die in het Lagerhuis met alle mogelijke middelen fractiediscipline afdwingen. De whips, vernoemd naar de jager die met een zweep de honden bijeenhoudt, zullen in ruil voor steun voor May promoties en eretitels aanbieden. Ze zullen dreigen akkefietjes en affaires uit het verleden op te diepen en aan de pers door te spelen: alles om de 315 Tories in het Lagerhuis achter het akkoord te krijgen.

Naast alle conservatieven heeft May de tien stemmen van de Noord-Ierse unionisten (DUP), haar gedoogpartner, nodig. Zij zijn laaiend over de Brexit-deal, die in hun ogen Noord-Ierland op afstand plaats van de rest van het land. De pro-Europese Tory Dominic Grieve ziet niet hoe May de DUP kan overtuigen. „Je kan ze in dit geval niet paaien door extra geld voor Noord-Ierland uit trekken”, zegt hij.

Hoe het verder moet als May geen meerderheid bij elkaar sprokkelt? Hardliner Baker: „Het is onvoorstelbaar dat May aanblijft als ze de deal niet langs het Lagerhuis krijgt.” Fractiegenoot Grieve pleit voor een nieuw referendum. De afgelopen week is een nieuw scenario ontstaan. Het is denkbaar dat het parlement een akkoord afwijst. Vervolgens raken financiële markten in paniek en keldert de koers van het pond.

Met een economische crisis in het verschiet keuren Lagerhuisleden alsnog het onbeminde akkoord goed. Zo verliep de stemming in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden in 2008, toen politici pas in tweede instantie een plan steunden om ter waarde van 700 miljard dollar de bankensector te redden. Politici willen zich er nog niet over uitspreken. Baker: „Het meest aannemelijk is dat het Verenigd Koninkrijk afstevent op een tijd van diepgaande politieke crisis.”

    • Melle Garschagen