Opinie

    • Hugo Camps

Adios

De grote verdienste van Max Verstappen is dat hij in de vervaljaren van Oranje het Nederlandse volk nog iets houvast heeft gegeven. Max liet ons juichen, bibberen en glunderen. Met overwinningen en ereplaatsen, maar vooral met zijn spectaculaire rijstijl. De inhaalraces van Verstappen waren huiveringwekkender dan de strijd tussen Lewis Hamilton en Sebastian Vettel. De Formule 1-coureur bewaakte de opwinding van de natie.

Tien podiumplaatsen, overwinningen in Oostenrijk en Mexico; de gepatenteerde driftkikker van het circuit heeft een behoorlijk seizoen achter de rug. Zeg ik als understatement voor een snotneus met Limburgse roots. De Grand Prix van Brazilië had daar nog bij gekund, maar een discutabele actie van Esteban Ocon ontnam hem de zege. Verstappen meteen op de vuist.

Zijn succes in de Formule 1 heeft een aantal mensen in Nederland doen dromen van eerherstel voor Zandvoort. Het racecircuit ligt er nochtans vervallen bij, maar behoort wel tot de canon van de autosport. De chicanes hebben geschiedenis. Maar Zandvoort F1-waardig maken is een miljoenenproject. Francorchamps, een van de mooiste F1-circuits, komt niet uit de kosten, en anders dan de zandbak Zandvoort helpt daar de natuur mee voor een fijn weekendje.

Met de laatste race in Abu Dhabi zit het seizoen er voor Max Verstappen op. Zijn vierde jaar in de Formule 1 is niet ongemerkt voorbijgegaan. Hij heeft talloze zieltjes gewonnen voor de autosport in Nederland. Hij heeft zich getoond als een volwassen geworden talent. Grote jongen van de Formule 1, die wervend over de baan schiet. Alleen aan zijn commentaar ontbreekt de finesse van een gelouterde vedette. Hij speelt nog iets te graag James Dean na: rebel without a cause. Daarin aangevuurd door vader Jos, die nog met riek en vork leeft. De moeder van Max is even fanatiek, maar zij blust zichzelf bijtijds af. Gracieuze madame.

Er had nog meer ingezeten voor Max, maar de Red Bulls waren niet altijd betrouwbaar. De Renault-motor haperde weleens op beslissende momenten. Al geldt dat niet als excuus. Mechanisch ongemak is zeer des F1. Het verhoogt de spanning van de race en geeft de rijders het valse gevoel van gelijke kansen. Die bestaan niet in deze sport want er zijn rijke en arme teams. Veteraan Fernando Alonso heeft het hele jaar met het vehikel van een autokerkhof moeten rijden. De Belg Stoffel Vandoorne, die het F1-circus verlaat, idem dito. De Red Bulls zijn steeds beter geëquipeerd, maar leggen het af tegen Mercedes en Ferrari. Ofschoon de coureurs van de Italiaanse icoon niet aan de verwachtingen hebben voldaan.

Alonso rijdt in Abu Dhabi zijn laatste Grand Prix. Zijn team McLaren heeft voorzien in een speciale livery voor deze gelegenheid. Winst zit er voor de trotse Spanjaard niet in. De McLaren puft tevergeefs als een niet geoliede trottinette. Het is meer een symfonie van de knalpot dan van de motor. Eigenlijk is het een belediging voor de tweevoudige wereldkampioen en gekroonde virtuoos.

Lewis Hamilton gaat voor zijn elfde overwinning van het seizoen. Zijn team Mercedes pakt voor de vijfde opeenvolgende keer de constructeurstitel. Sebastian Vettel heeft iets uit te leggen. Dat heeft Max Verstappen niet. Hij presteerde op niveau, maar zijn driftbuien mogen stilaan achterwege blijven. De rol van lonely warrior is nog schattig, maar het zelfcommentaar kan wat minder. Max mag zijn lieve kant ook eens laten zien.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.
    • Hugo Camps