Wat als alle energie schoon is?

Een CO2-uitstoot die minder is dan nul en meer zonnepanelen dan dakpannen. Scenario uit een wereld waarin het energieverbruik officieel schoon is.

Het autootje dat komt aanrijden, stopt precies voor zijn voeten. Tycho Elders gaat op de linkervoorstoel zitten. Terwijl de auto optrekt, pakt hij zijn scherm uit zijn tas. Goed dat hij 34 minuten en 37 seconden moet rijden. Kan hij zich nog even voorbereiden.

Vandaag is de tweede woensdag van februari, de dag waarop het jaarlijkse Greenhouse Gas Emissions-rapport van de Verenigde Naties uitkomt. Dat ze hem vanochtend nodig hadden, was geen verrassing. Sinds Elders in 2051 de Nobelprijs voor Economie en Klimaat heeft gewonnen, moet hij ieder jaar wel iets over de uitstootcijfers zeggen tegen de pers.

Maar nooit eerder belden ze al om kwart over zeven. Een journalist van Youdata, de grootste stream van Nederland, wilde hem spreken over de CO2-uitstoot. Na Youdata had Nieuwsalert gebeld, toen De Krant, en daarna NRC.

De journalisten hadden het, zoals altijd, eerder gehoord dan hijzelf.

Voor het eerst is de CO2-uitstoot op aarde minder dan nul. –0,17 gigaton, dat was de wereldwijde uitstoot in het afgelopen jaar 2056.

‘The Zero’, zo had een van zijn voorgangers dit moment ooit betiteld. Het werd hoog tijd.

Of het een mijlpaal was, had de vrouw van Youdata gevraagd. „Praktisch betekent het niet zoveel”, had Elders onderkoeld geantwoord. „Maar het heeft een grote historische waarde”, zei hij er meteen achteraan. „Je zou nu kunnen zeggen dat alle energie op de wereld schoon is.”

Toen wilde ze ergens filmen.

Loosdrechtse Plassen

Tycho Elders laat Utrecht achter zich, zijn auto rijdt hem naar het noordwesten. Bij de Loosdrechtse Plassen, daar heeft hij afgesproken. Niet bij de kerncentrales op de Maasvlakte, die plaatjes kennen we nu wel. Zijn autootje draait de A27 op. Rechts van hem zoeven containers over de goederenrail.

Hij pelt een mandarijn. Hij zal eerlijk moeten zijn tegen die journalist, bedenkt Tycho Elders. Die Nul is de afgelopen jaren een eigen leven gaan leiden. Alsof we nu helemaal geen broeikasgassen meer uitstoten. Maar zo lang we koeien houden, produceren we methaan, om maar wat te noemen.

En we hebben de afgelopen eeuw natuurlijk te veel CO2 de lucht in geblazen. We moeten nu vanaf de Nul verder omlaag, zal hij uitleggen. Door de schone energie durft hij hoopvol te zijn. Er zijn tekenen dat de ijskappen het houden. Er zijn nog koraalriffen, we kunnen misschien zelfs nog een paar gletsjers in de Alpen redden. Maar dan moet er nog wel meer CO2 uit de atmosfeer, zodat de wereldwijde uitstoot verder onder nul gaat zakken. De Nul als tussenstation, misschien kan hij daar iets over vertellen.

Op een parkeerplaats aan de rand van het Plasbos stopt hij, de bus van de omroep is er al. De journalist die hem gaat interviewen, is hooguit vijfentwintig. „Ik ben Merwe Das. Wij gaan het over de Nul hebben.”

Haar cameravrouw, een mager type met grijs haar, stelt zich voor met een kort „Lieke”. „Zou jij daar willen gaan staan? Daar voor de windmolens.”

De wieken staan bijna stil. In de fossiele tijd noemden ze dat ‘een grijze dag’. Inmiddels lukt het met de ammoniakcentrales en de kernreactoren wel om genoeg elektriciteit te produceren.

„Alle energie is vanaf nu schoon”, begint Merwe Das haar interview. „Wat betekent dat?”

„Bij schone energie,” antwoordt Tycho Elders, „denken we vaak aan windmolens, de zonnepanelen op je dak, of” – hij draait zich om – „die op het water hier verderop. Vuile stroom bestaat bijna niet meer. De afgelopen jaren zijn in India, Indonesië en Egypte de laatste oude kolencentrales gesloten. Er zijn er wereldwijd nu nog drie, geloof ik.”

„Maar,” gaat hij verder, „eigenlijk kun je beter zeggen dat energie vanaf nu ‘CO2-vrij’ is”.

Zijn baas zal tevreden zijn. Het instituut heeft een hekel aan het woord ‘schoon’. Laatst was er nog dat lek in die ‘schone’ ondergrondse CO2-opslag in Texas, dat pas na drie maanden werd ontdekt.

„Olie en gas zijn niet helemaal verdwenen, maar er komt wel veel minder CO2 uit de schoorsteen dan vroeger. Het aantal installaties voor ondergrondse CO2-opslag groeit gestaag door. We hebben er nu wereldwijd ruim negenduizend. En we zien de CO2-verminderende effecten van de grote projecten voor herbebossing. Zoals in Argentinië en Polen, maar ook hier rond de Loosdrechtse Plassen.”

„Stop maar even”, valt Das hem in de rede. „Zoals je het nu vertelt, klinkt het helemaal niet zo baanbrekend.”

„Met de huidige CO2-prijs van 300 euro is het inderdaad niet verrassend dat de uitstoot verder omlaag gaat”, antwoordt Elders iets te snel. „Alleen sommige fabrieken, vliegtuigen en zeeschepen stoten nog CO2 uit. En die uitstoot werd afgelopen jaar dus voor het eerst volledig gecompenseerd door ondergrondse CO2-opslag of bosaanplant. Uitstoten is te duur geworden.”

Das zucht. „Tycho”, zegt ze. „Dat is geen nieuws. Dit weet iedereen.”

Beverburcht

Elders begint spijt te krijgen van dit interview. Zij ook, hij ziet het. Dit gesprek had zo’n mooi excuus geleken om een frisse neus te halen. Nu denkt hij aan het advies dat hij moet afronden over een direct air capture-fabriek die CO2 uit de atmosfeer wast, in Eemshaven. Die nul is leuk, maar hij moet aan de slag met het CO2-beleid tot 2075. Dat is nog knap ingewikkeld.

Merwe Das doet haar jas aan. „We stoppen even.” Ze pakt haar scherm. „Ik vond dit oude rapport gisteren. Er moesten ‘niet eerder vertoonde’ veranderingen komen in eigenlijk de hele maatschappij, schreven ze. En ze waarschuwden voor een hele rij rampen als het niet zou lukken. Voedselschaarste, uitsterven van dieren, bosbranden, overstromingen. Tientallen miljoenen mensen die vervroegd sterven door luchtvervuiling. En de opwarming zou alleen stoppen als we ‘netto nul’ CO2 uitstoten.”

Ze kijkt hem aan. „Dan is vandaag toch ontzettend belangrijk?”

Ach, het IPCC-rapport van 2018. Elf jaar was hij, herinnert Tycho Elders zich. Er waren kinderen op het Jeugdjournaal die staakten met zelfgeschreven protestborden van karton: ‘Telt geld als de ijskap smelt’. Was 2018 niet ook het jaar dat hij voor het eerst op zijn verjaardag, halverwege oktober, met al zijn vrienden buiten was gaan zwemmen? Nu is het een familietraditie.

De verslaggeefster gaat op een bankje zitten tussen de populieren. Elders zet zich ernaast. Hij kijkt naar een beverburcht. „Je hebt gelijk. Ik denk er niet altijd meer aan. De echte, grote veranderingen zijn al van dertig, veertig jaar geleden.”

Het jaar 2018 was, achteraf gezien, het jaar met de hoogste wereldwijde CO2-uitstoot. Dat IPCC-rapport was het begin geweest. Of misschien kwam het doordat China de smog in de steden beu was. Of omdat zonnepanelen, windparken en elektrische auto’s toch al serieuze concurrenten werden voor de fossiele industrie.

Hoe dan ook: in 2019 ging de Duitse bondskanselier om en kwamen er strengere uitstoot-doelen. „De CO2-prijs begon duidelijk te stijgen. Dertig euro, dat vonden we toen heel wat. In hetzelfde jaar voerde China trouwens ook een CO2-heffing in. Daarna zag je dat ‘groenere’ economieën barrières begonnen op te werpen tegenover de ‘grijzere’ landen – zoals de Verenigde Staten in die tijd – bijvoorbeeld door invoerheffingen op CO2-uitstoot te baseren. Dat benadeelde puur fossiele bedrijven. Toen viel ook die ene oliemaatschappij om, eh…”

Das onderbreekt hem. „Merkte je in je eigen leven dat er iets veranderde?”

„Nou, niet echt eig…”

„Jíj niet nee.” Nu onderbreekt cameravrouw Lieke hem. „Jij was te jong. Ik ging vroeger met mijn ouders op vakantie naar Bali. Denk maar niet dat ik dat voor mijn eigen kinderen kon betalen.”

Daar heeft ze gelijk in. Tycho Elders had zijn dochter voor haar achttiende verjaardag haar eerste vliegreis cadeau gegeven. Voor hemzelf is het alweer tien jaar geleden dat hij vloog, de CO2-portefeuille van het instituut is beperkt. Internationale vergaderingen houden ze al lang in de virtuele zaal. De reis naar Stockholm voor de Nobel-ceremonie kostte hem met de trein vanuit Utrecht vierenhalf uur.

Het kost hem moeite zich de wereld van zijn jeugd voor te stellen. Meer dakpannen dan zonnepanelen op de daken. Geen snel spoorwegnet door heel Europa. Aardbevingen door de gaswinning. ‘Tanken’ met een soort grote tuit bij een tankstation. Buiten schaatsen.

We kunnen misschien zelfs nog een paar gletsjers in de Alpen redden

Zelfs het Plasbos hier ziet eruit alsof het er altijd heeft gelegen. Vanaf hun bankje strekt een vochtig loofbos zich uit. Je kunt er gemarkeerde laarzenroutes lopen. Je zou niet zeggen dat het pas eind jaren twintig is aangeplant door Natuurmonumenten. Langs het weggetje waarover ze kwamen, liggen uitgestrekte energieplantages: hectare na hectare vol metershoog, dun wilgenhout. In Nederland telen boeren vooral in het Westen rijshout of populier, dat ze verkopen aan de biomassa-centrales en raffinaderijen.

Oliegewassen zoals koolzaad en deder zag je vroeger ook nauwelijks. Zijn dochter vliegt straks naar Addis Abeba op een mengsel van biobrandstof, ouderwetse kerosine en synthetische brandstof, met elektriciteit gemaakt van CO2. In 2075 zal fossiele vliegtuig- en scheepsbrandstof helemaal uitgefaseerd zijn.

Boven hem schreeuwt een reiger vanuit zijn boomnest. Tycho Elders kijkt naar de verslaggeefster. „En jij? Is er voor jou iets veranderd?”

„Ik woon nog niet zo lang in Nederland”, zegt Merwe Das. „Mijn moeder was een Nederlandse expat, ze plande de aanleg van zonnecentrales in India. Mijn vader vertelt soms over de smog in New Delhi, vroeger.”

Lieke buigt zich naar hen toe. „En uitlaatgassen, zeker”, zegt ze. „Ik rook het laatst bij zo’n oldtimerrace. Vijftig van die Hummers op een rij. Sme-rig.”

Merwe Das lijkt niet te luisteren. „We zijn daar tien jaar geleden weggegaan”, vervolgt ze. „Na een van de hoosregens. Het werd steeds erger. In 2047 kwamen er negenduizend mensen om. Mijn tante en mijn oma verdronken. Daarna wilde mijn vader weg.

„Dus ja. Voor mij is er wel veel veranderd.”

Tycho Elders houdt zijn mond. Het lijkt hem geen handig moment om te zeggen dat het veel erger had kunnen zijn.

Illustratie ‘Wat als…?’
Artbox Studio

    • Hester van Santen