Met de klok mee: David Hogg (18), Trevon Bosley (18), Matt Deitsch (21) en Jaclyn Corin (18)

Foto Olivier Middendorp

Na ‘Parkland’ nu strijden tegen wapens

School shootings in de VS

David, Trevon, Matt en Jaclyn overleefden een schietpartij op hun school. Ze zijn vastberaden de strijd tegen wapens te winnen.

„Het feit dat we dit werk doen is vreselijk”, zegt Jaclyn Corin. „It sucks. Het is prachtig dat we al deze kansen krijgen om onze boodschap te verspreiden. Maar het doet ook pijn. Wij doen dit omdat onze vrienden het niet meer kunnen. Omdat onze vrienden dood zijn.”

Veertien scholieren en drie leraren kwamen dit jaar op 14 februari om het leven toen een 19-jarige oudleerling het vuur opende op de Marjory Stoneman Douglas Highschool in Parkland, een welvarend stadje in Florida. Het was Valentijnsdag. ’s Ochtends had iedereen elkaar omhelsd en cadeautjes gegeven. Nu renden scholieren voor hun leven door de gangen, bloemen en chocola soms nog in de hand.

Lees ook ‘Shame on you’, overlevende schietpartij Florida roept op tot actie

Dát er een school shooting in de VS was, was niet abnormaal – sinds januari zijn er in de VS meer dan dertig schietincidenten op scholen geweest waarbij één of meer doden vielen. Maar dat wat volgde, week sterk af. Een handvol woedende, welbespraakte leerlingen van de school – waar journalistiek en debattechniek gedoceerd wordt – wist in de maanden die volgden de nationale Amerikaanse apathie over wapengeweld te doorbreken. Ze keken recht in tv-camera’s en eisten veiligheid op scholen. Ze vielen de wapenlobby NRA en politici die donaties hiervan aannemen frontaal aan. Ze organiseerden een ‘national school walkout’, en daarna een ‘March for our lives’ in Washington en honderden Amerikaanse en buitenlandse steden, het grootste protest tegen wapengeweld in een generatie.

Tegen die tijd waren de tieners van Parkland al internationaal bekend. Ze stonden op de cover van Time en kregen afgelopen dinsdag in Kaapstad uit handen van de 87-jarige bisschop Desmond Tutu de Kindervredesprijs, die jaarlijks door de kinderrechtenstichting Kidsrights wordt toegekend.

Vrijdag waren ze in Amsterdam, voor een gesprek met jongeren van de Amsterdam International Community School. David Hogg vertelde hoe hij, met anderen verstopt in een kast, zijn medeleerlingen begon te interviewen met zijn telefoon „voor als we het niet zouden redden’. En hoe hij, toen hij er levend uitkwam, aanvankelijk vooral wilde ontsnappen aan het dagenlange, door merg en been snijdende gehuil thuis van zijn zus Lauren, die die dag vier vriendinnen verloor. „Ik had nog nooit zulk huilen gehoord. Ik ging terug naar school, ik gaf 36 uur interviews, ging vier uur slapen en gaf weer 36 uur interviews.”

Na afloop hangen de tieners in een klaslokaal op hun stoelen. Jaclyn Corin legt haar hoofd op tafel, David Hogg glijdt onderuit, Matt Deitsch leunt achterover, Trevon Bosley steunt zijn ellebogen op zijn knieeën. Bij negen maanden non-stop actie voeren en praten komt nu nog een jetlag.

Hebben jullie tijd gehad om te rouwen?

Jaclyn Corin: „Ik kon naar geen enkele begrafenis. Ik was bezig protesten te organiseren. Maar je rouwt terwijl je dingen doet. En ik had heel sterk het gevoel dat we metéén iets moesten doen. Dat we niet uit het nieuws moesten verdwijnen.”

Matt Deitsch: „Ik ging naar de begrafenis van een van mijn beste vrienden, Joaquin Oliver. Hij was jonger dan ik, het was afschuwelijk. Maar in de afgelopen maanden heb ik geleerd dat wij niet de enigen zijn. Overal horen we de verhalen van mensen die familie of vrienden hebben verloren door dit absurde probleem. Wij delen ons verhaal en we dragen al die verhalen van anderen met ons mee. Dat helpt.”

Jullie zijn de eersten die het witte geweld van school shootings nadrukkelijk verbinden met het alledaagse vuurwapengeweld in zwarte binnensteden.

Jaclyn Corin: „Parkland gold als een van de veiligste gemeenschappen van het land. Het is welvarend, aangeharkt. Een bubbel. Die dag knapte onze bubbel. We snapten dat als het geweld bij ons kon komen, álle jongeren hier last van hebben.”

Lees ook Houdt het schieten ooit op in Chicago

Trevon Bosley: „ Als er op een witte school een schietpartij is, zie je de foto’s van de slachtoffers op televisie, je hoort hun namen. Het nieuws over Chicago is altijd: ‘het was een bloedig weekend in Chicago’. De namen worden niet genoemd.”

David Hogg: „Amerika is geen melting pot. Amerika is een salade met alle ingrediënten apart. Het is heel moeilijk dat te doorbreken. Het gebeurt regelmatig dat ik met Trevon of een van de andere mensen uit Chicago een tv-interview doe, echt schouder aan schouder voor de camera. Kijk je het terug, zie je alleen mij; zij zijn eruit geknipt.”

Deze zomer trokken de jongeren maanden door het land, hielden debatten over wapengeweld en riepen andere jongeren op te gaan stemmen. Bij de tussentijdse Congresverkiezingen van 6 november wonnen de Democraten (doorgaans anti-wapen) het Huis van Afgevaardigden terug. De opkomst onder jongeren was in sommige staten significant hoger.

Maar in Florida, jullie staat, wonnen door de NRA gesteunde kandidaten zowel de gouverneurs- als een senaatszetel.

Lees ook Het sterkste wapen van de NRA, een portret van Dana Loesch, het boegbeeld van de wapenlobby

David Hogg: „Ik zal er niet om liegen. Dat doet pijn. Bijna veertig kandidaten die gesteund worden door de wapenlobby zijn weggestemd. Er zijn veel jonge, diverse kandidaten gekozen. Maar in onze eigen staat zijn we misschien niet genoeg geweest. Daar hebben we een fout gemaakt.”

Voel je dat zo, als een fout?

David Hogg: „Wij zijn aan het leren. Leren is dat je heel veel fouten maakt, totdat je één keer succes hebt. We zullen bij de verkiezingen van 2020 succesvol zijn. Of in 2022.”

Jullie proberen jongeren te mobiliseren die zich afzijdig hielden. Maar lukt het jullie ook om tegenstanders te overtuigen?

Jaclyn Cornin: „Mijn vader was een fel verdediger van het tweede amendement van de Grondwet (waarin het recht om wapens te dragen is vastgelegd, red.). Nog op de dag van de schietpartij kregen we ruzie; mijn vader zei dat zo’n schietpartij niets met wapens te maken heeft, dat het een probleem is van geestelijke gezondheid, niet van wapens. Maar drie weken later, nadat hij mee was geweest naar bijeenkomsten en ons had horen praten met politici, dacht hij er heel anders over.”

Matt Deitsch: „Wij zijn in Texas geweest, waar we telkens werden opgewacht door zwaar bewapende pro-wapenactivisten. Kerels van één negentig, met twee geweren op de rug, twee pistolen in de gordel en nog een mes op de kuit. Mijn ervaring is, dat als je met ze gaat praten, je het best snel eens wordt. Eén keer, in Houston werd het eng: maar dat was toen ik met één zo’n bewapende man stond te praten en hij ruzie kreeg met een vrouw, die óók een pistool in haar broekband had zitten. De meesten weten niet wat wij willen. Ze denken dat wij alle wapens willen verbieden, maar wij pleiten alleen voor restricties die levens kunnen redden. Meer dan 95 procent van de Amerikanen wil een universele achtergrondcheck voor iedereen die een wapen koopt. Een grote meerderheid is voor het weer instellen van een verbod op automatische wapens. Niemand, ook wapenbezitters niet, is tegen het redden van levens. Amerikanen kunnen het best eens worden. Alleen hun politici niet, en de paar procent echte wapenfanaten.”

Lees ook ‘We zijn maar kinderen, maar we laten ons niet het zwijgen opleggen’, over de opstand van scholieren en de reactie van de conservatieve wapenlobby

Het succes van de Parkland-jongeren blijkt ook uit de mate waarin ze door wapenfananten bedreigd en aangevallen worden door radicaal rechts. zijn door conservatieve politici uitgescholden. Ze werden onmiddellijk voorwerp van complottheorieën: ze zouden crisis-acteurs zijn, ingehuurd door de Democraten. Ze krijgen doodsbedreigingen en hebben permanente bewaking.

Wapens zijn diep verankerd in de Amerikaanse cultuur. Hoe denken jullie dat te kunnen veranderen?

David Hogg: „Alle grote sociale omwentelingen in de VS begonnen met jongeren die de situatie niet langer accepteerden. Dat geldt voor de burgerrechtenbeweging. Voor de homo-rechtenbeweging. Wij zijn de generatie die is opgegroeid met massaschietpartijen. Ik kan niet accepteren dat vrijheid in de VS samenvalt met het dragen van een wapen. Dat wij moeten bedenken op welke plek in een klas we moeten zitten om de beste overlevingskansen te hebben.”

    • Maartje Somers