Regio’s en gemeenten investeren in fietsenstallingen op stations

Onder het IJ in Amsterdam wordt een kelder uitgegraven waar vierduizend fietsen in kunnen. Ook in Amsterdam Zuidoost, Heerlen en Rotterdam wordt stallingsruimte bijgebouwd.

De fietsenstalling onder Utrecht Centraal, die dit jaar werd opgeleverd en 12.500 plekken heeft. Foto Sem van der Wal/Novum

Het Nationaal Fietsenplan dat staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat, D66) deze zomer aankondigde, wordt voor zeker 245 miljoen euro aangevuld door gemeenten en provincies. Dat heeft Van Veldhoven donderdagavond laat bekendgemaakt. Zelf had ze er al honderd miljoen euro voor vrijgemaakt.

Een groot deel van dat geld gaat naar de aanleg van fietsenstallingen op treinstations. Van Veldhoven wil dat er de komende jaren in heel Nederland 25.000 plekken voor fietsen bij worden gebouwd. Amsterdam krijgt er verhoudingsgewijs de meeste nieuwe plekken bij. Achter het Centraal Station, onder het IJ, wordt een kelder aangelegd waar vierduizend Amsterdammers straks hun fiets kwijt kunnen. Alleen al met dat project is een bedrag tussen de 20 en 25 miljoen euro gemoeid.

Staatssecretaris Van Veldhoven wil deze kabinetsperiode 200.000 forensen “uit de auto halen”.

Bij station Bijlmer Arena komen 1.850 nieuwe plekken. Zowel bij station Rotterdam Alexander als bij station Heerlen worden duizend fietsparkeerplekken aangelegd. Die drie projecten kosten samen zo’n 15 miljoen euro. Verder gaan 53 bestaande stallingen in Nederland op de schop. In totaal moeten daardoor 25.000 nieuwe parkeerplekken worden gecreëerd.

Om Nederlanders te verleiden vaker de auto te laten staan worden vijftien fietsroutes aangelegd, waar fietsers niet gehinderd worden door kruisingen, stoplichten. Die komen onder meer tussen Breda en Tilburg, Amersfoort en Utrecht en Assen en Groningen.

    • David van Unen