Verwaarlozing, intimidatie en honger in zorginstelling C&S

Misstanden in de zorg Kwetsbare volwassenen én kinderen in een kleine Gelderse zorginstelling kregen weinig hulp, werden geïntimideerd en in sommige gevallen mishandeld. Waarom greep niemand tijdig in?

Illustratie Gijs Kast

Vanaf de rand van het podium kijken de kinderen op naar Samantha Steenwijk, de kersverse finalist van The voice of Holland. Ze staat een paar meter van hen vandaan te zingen. Ook volkszanger Tino Martin treedt op. En de zusjes van O’G3NE: een jaar eerder nog op het Eurovisiesongfestival in Kiev, nu in de partytent van Herstelcentrum C&S in Rijswijk, gemeente Buren.

De instelling viert deze 18de mei 2018 – verlaat – de opening van een nieuw pand. Buiten de partytent staat een foodtruck. Mannen in bruinleren schorten serveren zalm, drumsticks, gespieste garnalen, sla met parmezaanse kaas. Volwassen bewoners van de instelling drinken gratis tapbier en wijn, en dansen en zingen mee met de artiesten. Als zich laat op de avond een polonaise vormt, hossen ze mee.

Eén week later, op 25 mei, rijden medewerkers van de jeugdbescherming hetzelfde instellingterrein op. Medewerkers en volwassen bewoners lopen op hen toe. De kinderen moeten hier weg? Nu? Ja, nu. Ze mogen wat van hun spulletjes mee, maar snel een beetje. Een paar minuten later lopen ze de parkeerplaats op met witte Action-tassen volgepropt met kinderkleding. Een magere bewoner haalt een jongetje met Barça-shirt van zijn schouder en draagt hem over aan een van de jeugdbeschermers. Het jongetje is in tranen. Twee kinderen, beiden zo’n acht jaar oud, omhelzen elkaar voordat ze elk in een auto verdwijnen. Negen maanden hebben ze hier gewoond, maakten ze vriendjes, gingen ze naar school. Nu worden ze afgevoerd.

Het einde van Herstelcentrum C&S is abrupt, maar komt niet onverwacht. Enkele weken eerder hadden de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd en het WMO-toezicht GGD Gelderland-Zuid na gezamenlijk onderzoek vernietigende rapporten uitgebracht over de instelling, die ook nog twee vestigingen in Tiel heeft. „De mix van patiënten is niet veilig voor vrouwen en kinderen.” „Cliënten ontvangen geen of te weinig zorg waardoor hun problemen escaleren.” „Cliënten worden onder druk gezet om te tekenen voor begeleiding die ze niet krijgen.”

Een paar weken later vertrekken ook de volwassen bewoners. Het optreden van de Inspectie en jeugdbeschermers sterkt ze in een gevoel dat al jaren sluimerde: het is écht niet normaal wat hun is overkomen. Ze willen hun verhaal kwijt, zeker als ze vermoeden dat de eigenaar een doorstart wil maken. Een aantal van hen zoekt contact met NRC.

We spraken met zeven oud-bewoners, vijf van hun familieleden en vijf oud-medewerkers over wat zich tussen 2007 en 2018 binnen de muren van C&S in Rijswijk heeft afgespeeld. De ernstige misstanden die zij noemen gaan veel verder terug dan uit de inspectierapporten blijkt. Uitbuiting en verwaarlozing. Manipulatie, hardhandigheid en opsluiting. En hoge, onterechte declaraties van zorggelden.

NRC onderzocht ook de rol van betrokken gemeenten en instanties. Informatie over misstanden blijkt bij relevante partijen lange tijd niet bekend te zijn geweest. Tegen misstanden die wél bekend waren, hebben verantwoordelijken jarenlang niet opgetreden.

Oprichter en eigenaar van C&S is Carla van der Gun. Zij runt de organisatie en is hoofd van de hulpverlening. Ze heeft psychologie gestudeerd in Nijmegen en trainingen doorlopen in onder meer coaching en counseling. Tot 2005 had ze vijf jaar lang een eigen praktijk in Utrecht. Maar het werk daar vond ze onbevredigend. Na zestien sessies was de behandeling afgelopen – meer kreeg ze niet vergoed door de zorgverzekeraars – en een jaar later zag ze dezelfde cliënten opnieuw binnenlopen, weer verslaafd of weer lijdend aan dezelfde angststoornissen of borderline.

In 2005 betrekt Carla van der Gun met man en kinderen een boerderij in het Gelderse dorp Rijswijk, gelegen in de Neder-Betuwe. Daar wil ze kwetsbare mensen ‘beschermd wonen’ aanbieden en fulltime begeleiden op hun weg terug de samenleving in. Volwassenen met autisme kunnen er terecht, licht verstandelijk beperkten, mensen met een angststoornis of een verslaving. En in een veel later stadium ook kinderen, met een scala aan gedragsstoornissen. In 2016 opent C&S ook twee locaties in Tiel, een moeder- en kindhuis en een huis waar vooral verslaafde jongeren wonen.

  1. De volwassenen

    Begin 2016. Een twintiger uit Brabant weet niet meer waar hij het zoeken moet. Overwoog tot voor kort zelfmoord. Heeft een schuld van ruim 20.000 euro. Blowt. Loopt vast in zijn studie. Moet zijn huis uit omdat de huur te hoog is. Weegt maar 55 kilo, terwijl hij 1 meter 80 is.

    Via via hoort hij over Herstelcentrum C & S. Carla van der Gun ontvangt hem met open armen. Ze kan hem helpen bij het oppakken van studie en werk, en bij het ordenen van zijn geldzaken. Hij kan bij haar in therapie en een voedingsprogramma volgen. Om af te kicken kan hij mogelijk naar Spanje, voor een ‘herstelweek’.

    De jongeman wil graag zelfstandig wonen. Ook dat kan. C&S bouwt aan een nieuw pand waar hij over ongeveer een half jaar een appartement kan betrekken, hoort hij. Tot die tijd kan hij terecht in een van de stacaravans in de achtertuin van Van der Gun. De jongeman, bijgestaan door zijn tante, gaat akkoord. Hij betrekt de caravan in april 2016.

    De therapie laat op zich wachten. Het persoonsgebonden budget (pgb) is nog niet geregeld, hoort hij. „Kom eerst even rustig bij”, zegt Van der Gun. Als hij in juni eindelijk bij haar terecht kan, blijkt de therapie plaats te vinden in een kantoortje waar steeds andere cliënten binnenvallen. Van der Gun breekt de gesprekken vaak voortijdig af – „even dit telefoontje afhandelen”. Vaker nog verzet ze de afspraken.

    Het voedingsprogramma komt er niet, schuldhulp blijft uit, verslavingshulp ook. Dat kan de jongeman moeilijk rijmen met de dingen die Van der Gun op 17 mei 2016 zei, toen ze hem chauffeerde naar een afspraak met de gemeente Nijmegen. Die gaat over het ‘beschermd wonen’ in de regio. Onderweg had ze hem toegesproken. Dat het nodig was „dingen aan te dikken” om de juiste zorg te krijgen.

    Van de Gun voerde in Nijmegen het woord, en stelde zijn situatie veel erger voor dan die was, aldus de jongeman tegen NRC. Door ruzie zou hij geen contact meer hebben met zijn familie. Hij zou zwaar autistisch zijn, nog altijd zelfmoordneigingen hebben. Nijmegen verleende de jongeman de indicatie voor beschermd wonen. De gemeente ging ook persoonlijke verzorging en schoonmaakhulp vergoeden: zaken die hij niet nodig had en waar hij C&S nooit om had gevraagd, vertelt hij. De vergoeding voor C&S: zo’n 3.000 euro per maand.

    Dat kwetsbare kinderen hun huis delen met volwassen bewoners met hun eigen sores – wietverslaving, psychoses – ziet de gemeente Buren op dat moment niet als onoverkomelijk

    In ruil daarvoor krijgt de jongeman eigenlijk alleen een dak boven zijn hoofd. Een gebrekkig dak bovendien. De nieuwbouw verloopt trager dan beloofd, dus als de winter aanbreekt is hij nog steeds aangewezen op de stacaravan. Vocht komt door de wanden. Zwarte schimmelplekken tekenen zich af. Regen sijpelt door de naden: de jongeman wapent zich met een kitpistool. Hij koopt ook gasflessen van dik dertig euro per stuk om zich te warmen aan de gaskachel. Onder de deken draagt hij een wollen trui en „een à twee” trainingsbroeken.

    Op zijn vragen antwoordt Van der Gun dat de nieuwbouw niet lang meer op zich laat wachten. Hard klagen doet de jongeman niet. Want, zo had Van der Gun hem duidelijk gemaakt: eigenlijk moet hij voor de caravan huur betalen. Maar omdat hij zoveel schulden heeft, hoeft dat niet. Voor zijn gevoel staat hij bij haar in het krijt. Dus wanneer die winter ook het dak van de caravan begint te lekken, klimt hij er zelf op, met materiaal dat hij zelf heeft betaald.

    Er staan nog twee stacaravans in de achtertuin. Daar wonen een man en een vrouw, al bijna tien jaar. Ook bij hen is het plafond in de winter zwartbevlekt door vocht, ze hebben geen stromend water bij vorst. Ook zij hebben de manco’s aangekaart. Maar Van der Gun reageerde niet echt. Of ze zei: ik heb ook twee jaar in een caravan gewoond. Tegen NRC zegt Van der Gun dat de caravans bij plaatsing „spiksplinternieuw” waren. Echter, op foto’s van bewoners zijn verouderde caravans te zien.

    Toch zijn ze niet geneigd te vertrekken. Vóór de caravan was hun leven al een aaneenschakeling van narigheid. Blijf-van-mijn-lijf-huis in, crisisopvang uit, in het geval van de vrouw. Ze lijdt aan adhd, autisme en borderline. Wonen in een aftandse caravan is dan zo gek nog niet. Bovendien kunnen ze er hun gang gaan. In welke crisisopvang kun je nou om half vier ’s nachts de scheurende metal van Rammstein opzetten? En in welke zorginstelling kun je je ongestoord wijden aan je hobby taxidermie: het prepareren van dode aalscholvers, ratten, muizen en wat er verder zoal in de berm voor het oprapen ligt?

    Voor in elk geval een van de caravanbewoners ontvangt C&S maandelijks 4.000 euro aan pgb-geld, zeker acht jaar lang.

    Of het Van der Guns bedoeling was om bewoners bijna een decennium in een caravan te stallen, is de vraag. Zij heeft acht jaar gestreden voor toestemming om een nieuw pand op haar terrein te bouwen. Maar een bouwvergunning kreeg ze niet omdat de grond in het bestemmingsplan als ‘agrarisch’ was aangemerkt. Het „vergunningentraject” heeft inderdaad „lang geduurd”, zegt de gemeente tegen NRC. Maar omdat Van der Gun een plan had ingediend dat er op papier goed uitzag en ze daarmee voorzag in een behoefte van een type opvang dat in de regio niet aanwezig was, werd het bestemmingsplan uiteindelijk terzijde geschoven.

    De Inspectie voor de Gezondheidszorg is van 2007 tot in 2016 überhaupt niet op de hoogte van problemen bij C & S. Gemeente Buren wel: die weet vanaf 2010 dat C&S caravans heeft staan zonder vergunning. Pas in 2016 zien toezichthoudende ambtenaren er een van binnen. De caravan maakt een „verwaarloosde indruk, met risico’s voor brandveiligheid”. Brandmelders worden geïnstalleerd, en de brandweer geeft een vergunning af.

    Het wonen in de caravan mag daarna nog even doorgaan: het nieuwe pand lijkt immers nu écht bijna af te zijn. In werkelijkheid duurt dat nog ruim een jaar.

    In maart 2017 neemt C&S het nieuwe pand in gebruik. Het bestaat uit zes appartementen, zeven kleinere kamers, een woonvertrek en een keukentje. Van der Gun zegt dat ze er acht ton in heeft geïnvesteerd.

    De caravanbewoners verhuizen erheen. Net als een groepje cliënten dat hun eerste jaar bij C&S heeft doorgebracht in een nabijgelegen woonboerderij. Deze mensen lijden aan een depressie, aan een paniekstoornis, aan een post-traumatische stress-stoornis.

    Ook deze bewoners hebben gekozen voor C&S wegens de ruime mogelijkheden, naast de belofte van passende hulp. Kinderen zijn welkom; twee moeders nemen elk hun dochtertje mee. Huisdieren zijn toegestaan. Zelfs voor paarden is er plek, in de stal van Van der Gun. Voor één paardenbezitter reden om vanuit Groningen te verhuizen naar de Betuwe. Een Culemborgse paardenbezitter met een angst- en paniekstoornis kan haar geluk niet op: én hulp, én haar dochter mee, én haar paard. „Het lijkt wel een sprookje”, zegt ze tegen een vriendin.

    Maar eenmaal verhuisd blijkt de haar toegezegde intensieve exposure-therapie maar niet van start te gaan. Van der Gun zegt: „Ach meisje, maak je toch niet zo druk! Gun jezelf even de tijd om te wennen aan de situatie!”

    Zo gaat het bij alle bewoners. Ze zitten in de woonkamer, kijken tv, praten en roken. Dagbesteding is er niet, op wat houtbewerking na, en pompoensnijden voor Halloween. Op de groep, van acht inmiddels, staat één begeleider, al dan niet bijgestaan door één stagiair.

    Voor de bewoners is zonder uitzondering een breed scala aan zorg aangevraagd. Een vrouw met complexe PTSS heeft via C&S een indicatie lopen voor persoonlijke verzorging, voor dagbesteding, groepsbegeleiding en individuele begeleiding. Maar er is niemand die haar verzorgt of begeleidt. Dat hoeft ook niet. Ze kan het prima zelf. En dat weet C&S. Sterker, de zorginstelling rekent erop dat deze cliënt het pand mee schoonhoudt: in het ‘schoonmaakrooster zomervakantie’ staat ze ingeroosterd voor ‘toilet beneden dames/heren’, ‘maandag t/m zondag’. Ook voor het koken staat ze zeven dagen per week ingeroosterd. Ze doet maandenlang de weekboodschappen voor de hele groep. C&S stelt een karig budget beschikbaar. 10 euro eetgeld per persoon per week, vertellen oud-bewoners en oud-medewerkers tegen NRC. Carla van der Gun zegt dat het budget hoger was.

    Voor de bewoners komen elke maand duizenden euro’s aan pgb-gelden terecht op de rekening van C&S. Van der Gun vraagt hun de urenbriefjes te ondertekenen. Ook voor niet-geleverde zorg. Bijvoorbeeld gedateerd in de maand vóór aankomst bij C&S. De paar bewoners die er wat van zeggen, krijgen een panklaar antwoord. „Dat is administratiegeld”, zegt Van der Gun dan. Of: „De indicatie is al een maand eerder ingegaan.”

    Bij de begeleiders van C&S kunnen bewoners niet echt terecht met hun klachten. Van sommige medewerkers weten ze dat ze vertrouwelingen zijn van Carla van der Gun. Andere medewerkers zijn ook niet geneigd tot het aankaarten van misstanden bij de leiding. Ze voelen zich niet gehoord, en veel ervaring – en dus vergelijkingsmateriaal – hebben ze niet.

    Zorgplannen en beleidsstukken in C&S Rijswijk worden gemaakt door een van de weinige medewerkers met een hbo-diploma. Dit is haar eerste baan in de zorg. Zij heeft net als andere begeleiders – mbo-opgeleid, maar lang niet altijd in de zorg – een tijdelijk contract. Ze zijn al lang blij dat ze een baan hebben, in een periode van overheveling van zorg naar de gemeenten, waarbij in 2015 door bezuinigingen tienduizenden banen verloren gingen. De arbeidscontracten lopen veelal via uitzendbureaus.

    De psychiater die eens in de zes weken langskomt en medicijnen aan bewoners voorschrijft, is ook geen toeverlaat: bewoners staan vaak al na vijf of tien minuten weer buiten, zeggen zowel zijzelf als oud-medewerkers. Vaak met een recept voor medicatie. De psychiater bevestigt noch ontkracht dit, desgevraagd.

    Een cliëntenraad en klachtencommissie ontbreken in eerste instantie. Als die er wél komen, in 2017, voelen bewoners zich nog steeds niet gehoord. Voorzitter van raad en commissie is een oude vriend van Van der Gun. De man, zonder zorg-ervaring, is tevens vertrouwenspersoon van het personeel.

    Als de bewoners al verhaal halen, wenden ze zich dus tot Van der Gun zelf. Maar dat heeft een prijs, zoals de Brabantse twintiger merkt. Als hij het woonhuis van Van der Gun binnenloopt om te protesteren tegen het tekenen van zorg-uren op dagen die hij „zeker weten” heeft doorgebracht bij familie in Brabant, krijgt hij te maken met de man van Van der Gun. Hij heeft lang gewerkt als uitsmijter in het uitgaansleven. „Niet zo zaniken over de uren” zegt hij. En als de jongeman doorzet: „Nu sodemieter je maar op!” Hij pakt hem bij de bovenarmen en smijt hem hardhandig het pand uit. De „vliegles”, noemt de jongen het daarna. Hij vertelt het zijn tante, die mailt dat een „gemeend excuus” op zijn plaats is. Van der Gun biedt de excuses direct aan. Ze spreken af dat het regelen van zijn declaraties niet meer via haar man zal lopen. Een afspraak die ze niet zal nakomen.

    De jongeman tekent voortaan de door C&S ingevulde declaraties. „Ze dreigden me op straat te zetten als ik het niet deed”, zegt hij. „Ik kon geen kant op. En dat wisten ze.” Ook andere bewoners ondervinden de gevolgen van klagen: een vrouw die uit protest weigert haar urenbriefjes te ondertekenen, moet – vijf maanden na aankomst bij C&S – vertrekken. „Via mijn advocaat is dat toen uitgesteld.”

    Illustratie Gijs Kast

  2. De gemeenten

    Bij de gemeente Buren ontstaat in de eerste maanden van 2016 argwaan. De gemeente heeft net een zorgcontract met C&S afgesloten, net als andere Betuwse gemeenten. Vanaf 2015 zijn zij door de decentralisatie van zorgtaken door het Rijk verantwoordelijk voor de inkoop van Wmo-zorg zoals begeleiding en dagbesteding.

    Het valt Buren op dat C&S voor zo’n kleine instelling een wel heel rijk geschakeerde verzameling complexe zorg zegt te kunnen leveren. De gemeente seint GGD Gelderland-Zuid in, Wmo-toezichthouder van de regio. De GGD heeft in april 2016 al van „verschillende kanten” signalen ontvangen over C&S.

    De GGD-toezichthouders bezoeken C&S in Rijswijk en Tiel in mei 2016 en schrijven een maand later een vertrouwelijk rapport. Er zijn 22 „verbeterpunten”. Dat er geen klachtencommissie is. Dat er onvoldoende geschoolde medewerkers zijn, en hun opleidingseisen niet staan geformuleerd. Dat in Tiel vrouwen en hun kinderen niet op aparte groepen verblijven, maar bij mannelijke bewoners.

    Een herhaalbezoek begin 2017 leidt in mei dat jaar tot een tweede GGD-rapport, waaruit blijkt dat de zorg ver ondermaats is.

    Hoe zorgwekkend ook, uit beide GGD-rapporten spreekt niet het grote alarm dat je zou verwachten bij een instelling die bewoners structureel zorg onthoudt, klachten bagatelliseert en mensen intimideert en zelfs mishandelt.

    Wat mogelijk meespeelt: de GGD heeft haar inspectieronde zowel in 2016 als in 2017 aangekondigd. „Als de GGD op inspectie kwam, dan stonden er altijd twee begeleiders op de groep in plaats van één”, zegt een bewoner.

    Waar inspecteurs en gemeenten ook mee te maken hebben in het contact met C&S is het talent van Carla van der Gun om zaken mooi voor te stellen. Een gave die iedereen die haar kent, onderschrijft. „Ze heeft een mooi verhaal”, zegt een gemeenteambtenaar van Buren. „Een verhaal vol visie en idealen.” Een ex-bewoner: „Ze kan nog ijs verkopen aan een eskimo.” Een voormalig medewerker: „Ze was goed in de acquisitie van cliënten, en bedacht dan pas: wat moet ik met ze doen?”

    Los daarvan is het „niet zo eenvoudig”, aldus gemeente Buren, om in te grijpen bij een instelling voor wonen én zorg voor volwassenen. Onderdak elders is voor de „kwetsbare doelgroep” niet zomaar gevonden, en mensen hebben „zelfbeschikking”, ze kunnen zelf bepalen of ze gaan of blijven. „Dus er is veel aan gelegen, als mensen dat zelf willen, om te kijken of je daar de zorg kan verbeteren”, zegt wethouder zorg Daan Russchen (PvdA) terugkijkend – hij trad eind mei 2018 aan.

    Opvallend genoeg verspreiden de GGD, Buren en andere betrokken Gelderse gemeenten de rapporten uit 2016 en 2017 niet onder derden, gewoon omdat dat „beleid” is bij rapporten van het Wmo-toezicht in Gelderland-Zuid.

    Dus als een medewerker van Jeugdbescherming Gelderland in de zomer van 2017 een verkennend werkbezoek brengt aan C&S in Rijswijk, vermoedt hij niets. Sterker: de visie van C&S, met verve gebracht door Carla van der Gun, stemt hem positief: hier zouden kwetsbare kinderen die het thuis niet redden goed tot hun recht kunnen komen.

  3. Heeft u kennis over soortgelijke misstanden bij zorginstellingen?

    Spelen dit soort misstanden ook bij andere zorginstellingen? NRC hoort het graag als u, als (oud-)client of -medewerker daar weet van heeft, of van niet-tijdig optreden van toezichthoudende instanties zoals gemeenten of inspectie.

    1. Heeft u weet van soortgelijke misstanden bij andere zorginstellingen?
    2. Weet u van gemeenten en/of toezichthouders die eerder hadden moeten ingrijpen wegens misstanden bij zorginstellingen?

  4. De kinderen

    „Jullie hebben een goede stap gezet”, zegt Carla van der Gun tegen de vader en stiefmoeder van twee Arnhemse jongetjes. Het is september 2017, het kantoortje van C&S in Rijswijk. Van der Gun – chique gekleed, het haar vastgezet in een clip – blijkt in oplossingen te denken.

    De vader en stiefmoeder zijn uitgeput geraakt in de negen maanden dat de twee jongens bij hen wonen na een verblijf in een pleeggezin. Vooral hun jongste zoon, zes jaar oud, misdraagt zich aan één stuk door. Vazen stukgooien, papegaai Rico pesten. Piemel uit de broek halen en plassen op het bed van zijn broer. Zijn juf staat dertig jaar voor de klas, maar nooit heeft een kind haar zo afgemat. Hij loopt weg, spookt door de gangen, slaat dagelijks klasgenootjes.

    Een schoolwissel helpt niet. Hij pakt een schep op het schoolplein, loopt een andere klas binnen en haalt uit naar de vijand van die dag.

    De jongen heeft niet alleen adhd, een hechtingsstoornis en de verstandelijke vermogens van een driejarige, hij is bovendien epileptisch. Medicijnen voorkomen niet dat hij regelmatig aanvallen krijgt. Hij trilt, schuimbekt en verkrampt. Zijn broer, acht jaar oud, heeft ook adhd, en een gedragsstoornis.

    Jeugdbescherming Gelderland vindt niet één-twee-drie een geschikte plek. Meerdere jeugdzorginstellingen houden opname af: ze weten raad met twee of drie van hun aandoeningen, niet met de hele reeks. Dan noemt iemand C&S. De vader en stiefmoeder bezoeken de website. „Begeleiding bij psychische of sociale problemen”, lezen ze. „Een plan op maat.” „Voor alle leeftijden.” En nog in Gelderland ook.

    Zeker, horen ze Carla van der Gun in haar kantoortje zeggen, het jongetje kan zijn elders gestarte speltherapie hier voortzetten. Zij kan die geven. En tuurlijk, één-op-één-begeleiding is essentieel, komt voor elkaar. De grote broer kan terecht in het huis met de andere bewoners, de kleine kan intrekken bij haar, haar man en hun kinderen. Opgelucht rijden vader en stiefmoeder weg uit Rijswijk. Eindelijk! zeggen ze geëmotioneerd tegen elkaar. Eindelijk hebben we een goede plek voor onze jongens gevonden!

    C&S vangt vanaf de zomer van 2017 meer kinderen op. Volgens Van der Gun begon dat als „crisisopvang”, dat door plaatsgebrek elders uitliep op een langdurig verblijf. Drie broertjes van ongeveer twee, vier en zes jaar oud komen in het pand in Rijswijk terecht. Twee Syrische kinderen en hun moeder, die kampt met een psychiatrische aandoening. Een jonge tiener die zichzelf mutileert, houdt van het zwaaien met messen, en steeds scheldt met „kanker” en „homo”. Er komen zo’n vijf kinderen met ouders naar Rijswijk, en zo’n vijf kinderen zonder.

    Het in huis nemen van kinderen alarmeert gemeente Buren niet. „In die periode waren er voldoende redenen om aan te nemen dat C&S haar kwaliteit zo aan het verbeteren was dat het zich zou oplossen”, zegt wethouder Russchen.

    Uit het tweede GGD-rapport, uit 2017, kwam geen eenduidig negatief beeld naar voren, zegt hij. Zeker, de instelling had tal van ‘verbeterpunten’ niet doorgevoerd en er waren zes nieuwe bijgekomen, maar dertien andere waren wél doorgevoerd. „Dat maakte het verwarrend”, aldus Russchen. De wethouder denkt bovendien dat „onwennigheid” heeft meegespeeld: de zorgtaken lagen nog maar nét bij gemeenten.

    Dat kwetsbare kinderen hun huis delen met volwassen bewoners met hun eigen sores – wietverslaving, psychoses – ziet Buren op dat moment niet als onoverkomelijk. De wethouder benadrukt dat de kinderen „niet langer thuis konden blijven”. En „voor de goede orde”, zegt hij: „Een gemeente kan een jeugdbeschermingsinstantie niet verbieden kinderen te plaatsen.”

    Maar Jeugdbescherming Gelderland heeft bij plaatsing van de kinderen nog steeds geen weet van de zorgelijke GGD-rapporten. Een reeks aan Gelderse gemeenten heeft zorgcontracten met C&S – dat impliceert dat de instelling voldoet aan hun kwaliteitseisen. Jeugdbescherming Gelderland weet dat de kinderen in één pand zitten met volwassenen, maar denkt dat de kinderen in „aparte groepen” belanden, zegt de organisatie tegen NRC. Jeugdbescherming Gelderland wordt hofleverancier van C&S: vanaf de zomer van 2017 plaatst de organisatie te Rijswijk zes kinderen.

    En zo komen in het pand tien veelal gedragsgestoorde kinderen bij acht volwassenen te wonen. De begeleiding wordt niet uitgebreid: een groep van achttien met één begeleider. Soms bijgestaan door een stagiair; soms is die stagiair de enige begeleider. Die aan niets anders toekomt dan het runnen van het huishouden. Broodjes smeren voor ontbijt en school. Helpen met douchen. Halen en brengen van de schoolgaande kinderen. De was doen. Kinderen naar bed brengen. Professionele hulp blijft uit. Vier medewerkers van C&S hebben geen zorgopleiding gehad. Voor vrijwel geen van de kinderen is er een volwaardig zorg- of begeleidingsplan. En basale veiligheidsmaatregelen ontbreken: onderaan de trap is geen traphekje, stopcontacten binnen het bereik van kinderhandjes zijn niet afgedekt en om de sloot net buiten het terrein zit geen hek.

    De volwassenen zien de woonkamer, keuken en gangen veranderen in wat één van hen beschrijft als „grote chaos” en een ander als een „oorlogsgebied”. „Kinderen die elkaar de hoofden inslaan.” „Constant geschreeuw.” „Alleen maar knokken.”

    Eén volwassen bewoner lijdt in het bijzonder. „Zwaar psychiatrisch”, noemen medewerkers en medebewoners haar. Zelf noemt ze zich ‘misofoon’ – hoogst intolerant voor een reeks geluiden. Zoals het geschreeuw van kinderen, dat ze probeert buiten te sluiten door het dragen van een ‘noise cancelling’-hoofdtelefoon. Maar op slechte momenten werpt de vrouw zich op de vloer en begint heen en weer te rollen. Iedereen ziet het gebeuren. De kinderen ook. En iedereen hoort haar schreeuwen. „LAAT ME MET RUST!” of: „IK HEB EEN HERSENBLOEDING!” en: „IK WORD GEK!”

    Ook de andere bewoners lijden onder de chaos. Een vrouw met autisme draagt oorkappen die gangbaar zijn in de bouw. Ze slaapt er zelfs mee. „Anders word je om half zeven uit bed geschreeuwd.” Wietverslaafden gaan meer blowen. De bewoner met PTSS denkt door het geschreeuw tegen kinderen terug aan haar „eigen jeugd, aan dingen die niet prettig waren”. Een bewoner met autisme grijpt meermaals in. „Als twee elkaar de hersens inslaan, dan ga ik ertussen. Ja, sorry hoor. En als die kleine van twee naar de sloot loopt, dan ga ik erachteraan.”

    Dezelfde bewoner grijpt een van de kinderen op een dag vast en duwt het „op onvriendelijke wijze” tegen een kastje aan. „Je wordt het irritante gedrag op een gegeven moment gewoon zat.” Ook door een medewerker worden kinderen soms met harde hand aangepakt, vertellen meerdere bewoners tegen NRC. Luistert een kind slecht, dan pakt hij het bij de arm, de keel of de nek en sleurt hij het kind naar boven. Slaan komt ook voor. Soms worden kinderen door de kamer gesmeten. Een tiener, vertelt een bewoner, loopt „best wel rood aan” als hij bij de strot wordt gegrepen en een paar seconden later met zijn hoofd tegen een paal wordt geslagen.

    Illustratie Gijs Kast

    Het eetgeld blijft 10 euro per persoon. Keer achttien is 180 euro voor alle bewoners, per week. Alleen moeten er nu ook luiers, billendoekjes, kindertandpasta en wasmiddel van worden gekocht. Als de kinderen naar school zijn en de volwassenen ’s ochtends de keuken binnenlopen, is het brood vaak op. Fruit is er ook te weinig. De pubers hebben ’s avonds honger.

    Carla van der Gun is zelden in het pand. Haar man wel. Hij brengt niet alleen de kinderen naar school, hij verstrekt hun ook hun medicijnen. Hij heeft geen enkel zorgdiploma en doet veel van de slaapdiensten, als hij althans niet de slaapdienst doet in de panden in Tiel. Als de GGD op inspectie komt, bezweert Van der Gun een van de bewoners dat ze moet zeggen dat hij alleen maar de kinderen van en naar school rijdt.

    Het epileptische, zesjarige jongetje uit Arnhem dat één-op-één begeleiding zou krijgen, neemt Van der Gun zoals afgesproken bij haar en haar man in huis. Althans, de eerste weken. Zo lang houden ze het uit. Dan plaatsen ze hem, zonder overleg met zijn vader en stiefmoeder, in het huis met de anderen.

    ’s Avonds spookt het jongetje door de gangen en klopt hij op deuren. Dus past C&S het beleid aan: de dienstdoende medewerker doet hem ’s avonds een luier om en draait zijn slaapkamerdeur op slot. Het jongetje beukt dan eerst een tijdje tegen de deur aan en schreeuwt het uit, dat hij zeker niet gaat slapen, en dat hij bang is in het donker. Maar na een tijdje wordt het vanzelf rustig – epileptische aanvallen daargelaten. De volgende dag stinkt de hele kamer naar poep en pis. Het jongetje zelf ook. Andere kinderen bij C & S beginnen hem uit te schelden voor „bacterie”. Ook ’s middags sluiten medewerkers hem op den duur op om hem een ‘tukje’ te laten doen.

    Als hij niet opgesloten zit, ontglipt hij geregeld aan de aandacht. Hij wordt gebeten door een hond die losloopt op het terrein. Een etterende wond is het gevolg. En hij is vaak zoek. Dan blijkt hij in de hooiberg te liggen. Of in de mestvaalt. Of hij fietst de sloot in.

    Tussen mei en december 2017 komen „veel nieuwe signalen” over misstanden binnen bij gemeenten. Maar volgens wethouder Russchen konden ze met de informatie die ze toen hadden „niet tot het oordeel komen dat de acute veiligheid van kinderen in het geding was”. Ze stellen C&S half december niettemin een eis: op 10 maart 2018 moet de zorg écht op orde zijn.

    Jeugdbescherming Gelderland weet daar niets van. Maar jeugdbeschermers gaan ook zelf langs bij de door hen geplaatste kinderen. Gevraagd wat de organisatie in het najaar van 2017 zelf heeft gemerkt van misstanden, zegt deze dat voor „de meeste kinderen” de plaatsing „naar tevredenheid” verliep. Slechts bij „een paar kinderen” ontstonden er „gaandeweg vraagtekens of de zorg goed was.”

    De stiefmoeder van de twee Arnhemse jongetjes denkt te weten waarom veel kinderen tevreden waren. „Het was permanent apekooien bij C&S. Er waren geen regels, geen normen en waarden. Onze oudste vond het prachtig.”

    Over de jongste maken ze zich veel zorgen. Als ze hem een weekend mee naar huis nemen, zien ze dat hij eten uit een winkel steelt. „We zijn veel van hem gewend, maar dit hadden we nog nooit meegemaakt. Hij had gewoon honger!”

    Over hun jeugdbeschermer, verantwoordelijk voor de veiligheid van de jongens, zijn ze kritisch. Ze zou hun zorgen bagatelliseren. In de eerste zeven maanden zou ze slechts twee keer bij C&S zijn langsgeweest. Ze zou de ouders zelfs hebben aangeraden trauma-therapie te volgen, omdat ze zo moeilijk los konden komen van hun kinderen. Jeugdbescherming Gelderland bevestigt noch ontkracht dit: „Wij gaan niet in op de concrete werkuitvoering van onze individuele medewerkers.”

    Begin maart ontsnapt het jongetje, dat geen zwemdiploma heeft, opnieuw aan de aandacht van de staf. Een begeleidster zoekt buiten het terrein. Ze loopt een pad af, een hek langs en de dijk over naar het Amsterdam-Rijnkanaal. Daar ligt hij. Op de natte basaltkeien van de schuin aflopende oever. Beentjes boven, en zijn hoofdje, half in het water, beneden. Bewusteloos. De begeleidster en een toegesnelde tiener van de instelling brengen hem terug, het jongetje komt weer bij. De begeleidster is in shock, merkt een bewoner: ze gilt het uit, zet het jongetje op zijn kamer in zijn natte kleding, draait zijn deur op slot en brengt verslag uit aan Carla van der Gun. Binnen het uur gaat de deur open: hij lijkt weer de oude. Een ambulance wordt niet gebeld, over het voorval mag niets bekend worden. Alleen dat hek: dat moet voortaan maar dicht.

    Een paar weken later komen de toezichthouders van de GGD opnieuw bij C&S langs. Dit keer onaangekondigd en met de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd, omdat nu ook kinderen bij C&S verblijven. De conclusies zijn nu wél alarmerend, al komt het voorval met het jongetje niet ter sprake. Cliënten worden „onder druk gezet om te tekenen” voor niet ontvangen begeleiding. Cliënten worden „geïnstrueerd” misstanden te verzwijgen. Medewerkers hebben „onvoldoende zicht” op de veiligheid van kinderen. En dat is „risicovol” want kinderen verblijven er „zonder ouders” en samen met „volwassenen met uiteenlopende problematiek”. Aldus de conclusie van de Inspectie, acht maanden na plaatsing van de eerste kinderen en kort na een bijna-verdrinkingsdood.

    Met deze rapporten is de weg naar het einde van C&S ingezet. Rond 20 maart schrijven acht Betuwse gemeenten aan betrokken zorgaanbieders dat „er geen nieuwe cliënten mogen worden doorverwezen”. Dat is het moment waarop Jeugdbescherming Gelderland te weten komt dat toezichthouders C&S al sinds 2016 kritisch volgen. In april besluiten de gemeenten Tiel en Buren hun zorgovereenkomsten met C&S op te zeggen.

    Op 17 mei praat Van der Gun met de gemeenten Tiel en Buren. Ze zegt dat ze het toezichtsrapport nog niet heeft gezien. Toen de postbezorger ermee langskwam, zou er niemand thuis zijn geweest: het zou op het postkantoor liggen. Ze denkt met de wethouders die dag afspraken te maken om cliënten elders onder tebrengen. Maar als ze thuiskomt, blijken de gemeenten al bij alle cliënten in Tiel en Buren een brief bezorgd te hebben, dat zij vóór 1 september „een nieuwe oplossing” moeten vinden.

    Gemeenten en jeugdbeschermers zijn achter de schermen dan al hard bezig om nieuwe plekken te regelen voor de kinderen en volwassenen. Er zal hun minder tijd gegund zijn dan gedacht: bij een bezoek van de Inspectie en jeugdbeschermers op 24 mei wordt een personeelstekort geconstateerd in Rijswijk. De veiligheid van bewoners kan niet meer worden gegarandeerd, vindt men. De kinderen moeten weg.

    Daan Russchen treedt net die dag aan als wethouder. „Mijn eerste werkdagen had ik me anders voorgesteld”, zegt hij. „Ik was alleen maar bezig uit te vinden wat er bij C&S was gebeurd. De Inspectie gaf aan dat nu de veiligheid van bewoners in het geding was. We konden niet anders doen dan ingrijpen.” Op 25 mei, een week na het ‘openingsfeest’, worden de kinderen weggehaald. Buren en Tiel mogen van de rechter beslag leggen op rekeningen van C&S. De sociale recherche is een onderzoek gestart naar de financiële administratie. Hun bevindingen, indien gedeeld met het OM, zouden kunnen leiden tot strafrechtelijk onderzoek.

    De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd schrijft eind mei in een laatste rapport eventuele nieuwe zorginitiatieven van de eigenaar van C&S scherp in de gaten te houden. Geen overbodige luxe, want er lijkt sprake van een doorstart. De registratie van C&S bij de Kamer van Koophandel is onder hetzelfde nummer gewijzigd in ‘Solutions in Care’. Het geregistreerde adres is in Woerden: het adres van uitzendbureau Romi, dat eerder personeel van de C&S-locatie in Tiel onder contract had.

    Van der Guns naam komt bij de Kamer van Koophandel niet meer voor, de bestuurder is ‘Kanaalweg Vastgoed’ dat weer schuilgaat achter Administratiekantoor Kanaalweg Vastgoed. Een website is in de lucht. Er wordt ‘beschermd wonen’ aangeboden. En moeder- en kindopvang. En jeugdzorg. Er zijn al advertenties voor personeel verschenen, voor de regio-Tiel.

    Van der Gun heeft nog kosten: de huurpanden in Tiel, het grote pand in Rijswijk dat ze zelf heeft laten bouwen. „Dat is een financiële strop. Dus ik dacht: wat moeten we nu?” Gevraagd of ze betrokken is bij Solutions in Care ontkent ze, waarna ze toevoegt: „Nou ja, van een grote afstand.” Er is een bestuurder, vertelt ze, en een zorgmanager. „Die zijn ermee bezig.” De personeelsadvertenties leidden tot een telefoontje van de Inspectie. „Heel apart. Er is nog niets. Ik snap niet dat men er zo bovenop zit.”

    Na een publicatie in De Gelderlander, vooral over de huizen in Tiel, voelt ze zich door het slijk gehaald. Ze verwijt de bewoners ondankbaarheid. „Je moest eens weten hoeveel ik voor hen heb gedaan. De tijd en energie die ik erin heb gestoken. De sprongen die ze hebben gemaakt om weer op eigen benen te staan. En dan in één keer is alles negatief.”

    Volgens Van der Gun is de negativiteit pas gaan opspelen toen de gemeente en Inspectie ingrepen en haar op afstand zetten van de bewoners. Ze ontkent alle beschuldigingen: van de genoemde hardhandigheid tot het onder druk laten tekenen van zorgdeclaraties. Bewoners hebben wél zorg ontvangen, stelt zij. Volgens haar hebben sommige bewoners „bij herhaling zorg afgewezen”.

    Op het feest van 18 mei kijken betrokkenen met afgrijzen terug. Gemeente Buren moest Van der Guns vergunningaanvraag voor de feestelijkheden wel goedkeuren: ambtenaren konden tot hun frustratie geen afwijzingsgrond vinden. En Carla van der Gun kon het feest niet meer afgelasten: de artiesten waren al geboekt, de catering besteld, de partytent stond klaar. „Kun je je voorstellen hoe het is om daar te staan?”, zegt Van der Gun. „Ik ging dood. Maar ik moest wel.”

    En dus is het feest, die 18de mei. Van de bewoners uit Tiel en Rijswijk komt maar de helft opdagen. Zij die er wel zijn, besluiten er het beste van te maken.„Eindelijk genoeg te eten!”, grappen ze. De vrouw die elf jaar bij C&S woonde, drinkt een biertje of zeven en maakt een pgb-rekensom. „Proost!”, roept ze. „Mijn biertjes vanavond kosten 67.000 euro per stuk.”

Tips? onderzoek@nrc.nl
    • Daan van Lent
    • Ingmar Vriesema