Mijn zoon maakt zijn huiswerk niet

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen. Deze week: Een zoon die maar geen huiswerk maakt.

Illustratie Martien ter Veen

Moeder: „Mijn zoon van 17 begon vijf jaar geleden met een hoge citoscore op het vwo. Hij vond het niet moeilijk, maar hij werkte er niet voor. Na twee jaar zakte hij af naar de havo. Inmiddels doet hij 4-havo voor de tweede keer, nu met een ander profiel, maar ook dat dreigt mis te gaan. Hij spijbelt, doet zijn huiswerk niet. Hij vindt het op school wel leuk, maar het leren niet. Thuis gaat hij gamen. Hij stelt leren uit, en als blijkt dat hij het proefwerk toch niet meer gaat halen, maakt hij dat niet.

„Leren is niet voor iedereen weggelegd. Ik vond er zelf ook niet veel aan. Wij vinden het prima als hij naar een mbo gaat om een vak te leren, maar dat wil hij zelf niet.

„Hij heeft op een school een laatste kans gekregen. Hoe motiveren we hem om toch te leren? Pushen werkt op deze leeftijd niet meer.”

Naam is bij de redactie bekend. (Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl

Trainen

Yvonne van Sark: „Het klinkt alsof uw zoon niet weet hoe hij moet leren. Met ‘Ga ’s aan het werk’ kom je er niet. Hij heeft hulp nodig van u of een deskundige om te leren wat effectief leren is.

„Dat begint met samen in kaart brengen: wat leidt jou af, en die afleidingen te verminderen. Het is door de komst van technologie veel moeilijker geworden thuis afleiding te weerstaan. Tieners komen thuis, gaan eerst Netflixen, gamen, en dan is het etenstijd.

„We moeten kinderen leren monotasken: na thuiskomst uit school in blokken van dertig tot veertig minuten onafgeleid aan het huiswerk. Kijk eens op de website en in het werkboek van ‘Remind Learning’; dat zijn studenten die scholieren trainen om te leren.

„Als kinderen hun leerproces niet kunnen organiseren, komen ze in een neerwaartse spiraal: ze stellen hun werk uit, halen onvoldoendes, zo ontstaat er een laag zelfbeeld en sijpelt de motivatie steeds verder weg. Zeggen: ‘Doe maar een niveau lager’ werkt averechts, zeg liever: ‘Natuurlijk kun jij dat!’

„Zodra je hier een gedragsverandering stimuleert die succesjes oplevert, komt de motivatie vanzelf weer op gang.”

Pushen

Bas Levering: „We moeten kinderen al vroeg in de opvoeding leren dat we in het leven dingen moeten doen die we niet per se leuk vinden. Uitstelgedrag is volkomen normaal, maar er is een manier om het effectief onder controle te krijgen. Je moet je gewoon aanwennen om altijd eerst te doen, waar je het minste zin in hebt.

„Het is mooi dat deze ouders niet het allerhoogste willen voor hun kind, maar het mbo wil hij ook niet. Wat wil deze zeventienjarige dan? Daarmee begint het hier: met aan hem te vragen wat hij zelf wil, en dan nuchter en keihard op een rij zetten hoezeer hij in gevaar is, en wat dat betekent voor zijn toekomst.

„Pushen bij pubers werkt misschien averechts, maar u kunt hem, zodra duidelijk wordt wat hij wil en waar zijn motivatie ligt, wel vragen: ‘Als je dat allemaal zo belangrijk vindt, mag ik je dan daarin ondersteunen?’

„Je wilt toch voorkomen dat je kind het je achteraf kwalijk neemt dat hij niet heeft doorgezet. Ik heb volwassenen meer dan eens besmuikt horen toegeven dat ze achteraf gewild hadden dat hun ouders hen meer achter de broek hadden gezeten.”

    • Annemiek Leclaire