Weer meer doden wereldwijd door landmijnen

In 2017 steeg opnieuw het aantal doden door landmijnen, naar 2.793, onder meer door de vervolging van Rohingya in Myanmar. Het aantal gewonden daalde wel.

Een Afghaan zoekt naar landmijnen in de provincie Kandahar, waar nog veel mijnen liggen uit de Sovjet-tijd. Foto Muhammad Sadiq/EPA

Het aantal mensen dat stierf door landmijnen nam in 2017 weer toe vergeleken met een jaar eerder. Dat blijkt uit cijfers van de Internationale Campagne voor het Verbod op Landmijnen (ICBL) die de organisatie dinsdag bekendmaakte in Genève.

Vorig jaar kwamen 2.793 mensen om het leven door landmijnen. In 2016 waren dat nog ongeveer 2.100 en in 2015 rond de 1.700 mensen. Het aantal slachtoffers ligt volgens de organisatie nog veel hoger, omdat veel gevallen niet gemeld worden. De meeste doden en gewonden waren burgers, zo’n 87 procent. Wel nam het aantal gewonden vorig jaar af ten opzichte van voorgaande jaren.

Nieuwe mijnen Myanmar

De stijging is volgens de organisatie deels te verklaren door de situatie in Myanmar. Het Zuidoost-Aziatische land vervolgt Rohingya-moslims. Volgens de VN-mensenrechtenraad is zelfs sprake van genocide. De regering van Myanmar heeft vorig jaar nieuwe landmijnen gelegd. Ook in Afghanistan, Colombia, India, Nigeria, Pakistan, Thailand en Jemen nam het aantal landmijnen toe, alleen was de staat in die landen daarvoor niet verantwoordelijk.

In 1998 trad de conventie van Ottawa in werking, waarin veertig landen afspraken geen landmijnen meer te gebruiken of te produceren. Inmiddels is het besluit ondertekend door 164 landen. In 1997 kreeg de Internationale Campagne voor het Verbod op Landmijnen de Nobelprijs voor de vrede uitgereikt voor hun pogingen om anti-persoonsmijnen te verbieden en op te sporen. Vorig jaar zijn 168.000 mijnen wereldwijd vernietigd.

Het aantal slachtoffers, gewonden en doden opgeteld, van landmijnen per jaar:

    • Mark Middel