Recensie

Mumford zoekt het in kermismuziek

Het vierde album Delta van de tot stadionattractie gepromoveerde folkgroep Mumford & Sons laat een band horen die naarstig op zoek is naar de vervoering en het onontkoombare van meeslepende muziek. Grote onderwerpen (dood, doem, drugs en depressie) geven zanger Marcus Mumford een robuust handvat om uit te kijken naar het lichtbaken dat hem uit de duisternis moet leiden. De banjo is terug in het instrumentarium, maar onder de hoede van Adele-producer Paul Epworth is Delta vooral een omstandig geproduceerd werkstuk met een elektronische onderlaag geworden. Néé, zou zelfs de meest verstokte Mumford-fan geroepen hebben, asjeblieft geen hiphop-invloeden! Ze zijn er, in de kermiskitschmuziek van ‘Rose of Sharon’ met ingeblikte handklappen en autotune bij een tekst over eeuwige liefde. Ze doen regelmatig hun best om mooi klein te klinken als in debuuthit ‘Little Lion Man’. Maar op de achtergrond loert de megaproductie, die Delta bijna onverteerbaar maakt.

    • Jan Vollaard