Opinie

    • Arjen Fortuin

Oorlog niet op de voorgrond in ‘The Long Season’

Zap The Long Season is een van de vele IDFA-gerelateerde traktaties op tv. De documentaire over een vluchtelingenkamp vol Syriërs gaat over de verdrietigheden van het dagelijks leven.

Zahra (rechts) wordt nog niet geaccepteerd in haar nieuwe familie (EO)

Er gaat geen dag voorbij of er is dagelijks leven op televisie – soms heb ik zelfs het idee dat er meer dagelijks leven in mijn televisie zit dan in mijn bestaan. Zoals in Typisch Zevenkamp (BNNVARA), waarin de alledaagsheid in een Rotterdamse volkswijk liefdevol wordt vastgelegd.

Maandag legde de Rotterdams-opgeruimde uitbaatster van een brillenwinkel in een prachtige monoloog ( naast de camera kijkend) uit dat ze ondanks haar ogenschijnlijke vrolijkheid ook haar zware momenten had, thuis op de bank. Ze reed op rollerskates naar huis: „Heerlijk, de wind door mijn haar.”

Even mooi waren de voorzichtige zinnen van Aynur, die na de dood van haar man nu alleen hun kledingreparatiezaak bestiert. „Hij heeft me alles geleerd”, zei ze. “Ik moest het gewoon doen. Ga maar internetbankieren, zei hij.”

Onverwacht bleek ook de documentaire The Long Season (EO) van Leonard Retel Helmrich over een Libanees vluchtelingenkamp vol Syriërs eigenlijk geheel met dagelijks leven gevuld te zijn. Het kamp zit vol vluchtelingen uit Raqqa, die wachten tot ze terug naar huis kunnen zonder IS te vrezen.

Helmrich gunt de oorlog de voorgrond niet: hij laat het dagelijks leven van de vluchtelingen zien. Het gezin van Abu Hussein is het middelpunt van de film. Hij is onlangs in Raqqa getrouwd met Zahra, die daardoor kon ontsnappen aan IS. „Ik moest daar vijftig lagen kleren over elkaar dragen. De hel van hier is beter dan de hel daar.”

Eén dingetje: Abu Hussein wás al getrouwd. „Van de Profeet mag je vier vrouwen hebben”, zegt hij. „Dan mag ik er toch wel twee?” De zegen van de Profeet is mooi, maar misschien had hij het er eerst even met zijn vrouw over moeten hebben. Zij – zeven maanden in verwachting – is furieus en laat geen kans onbenut om op de nieuwe echtgenote te vitten. Abu Husseins idee dat hij wel tussen de twee vrouwen in hetzelfde bed kan slapen, blijkt niet levensvatbaar.

The Long Season is een van de vele IDFA-gerelateerde traktaties op tv dezer dagen. Helmrich lijkt niet veel meer te hebben gedaan dan hier en daar een camera neerzetten. Vooral bij de vrouwen, die lang, openhartig en soms kwaad praten over hun situatie, rokend, thee drinkend. Zij doen verreweg het meeste werk in het kamp, maar ook bij hen slaat de landerige verveling toe.

Ze adviseren elkaar. Wat moet Maria doen die onder druk wordt gezet om 1) terug te keren 2) voor haar moeder te zorgen en 3) te trouwen? Een jonge vrouw is net aangekomen; zij zal trouwen met de man van wie ze houdt. Tot haar ontzetting merkt ze dat de vluchtelingengemeenschap veel conservatiever is dan zij gewend is. Op haar telefoon laat ze een foto van zichzelf in spijkerbroek zien. „Hier moest ik meteen traditionele kleren aan.”

Lees ook: ‘De ene hel voor de andere’

We zien hoe in een provisorisch schooltje wordt lesgegeven, maar ook hoe door het gedrag van kinderen en jongeren een trauma schemert. Een (op het oog) vijfjarige dreigt zijn zusje met een zaag te lijf te gaan. Een schichtige jongeman is zo gefrustreerd over een misgelopen verloving dat hij zijn arm met een mes heeft bewerkt. Hij ontmoet strenge woorden, maar geen begrip.

Aan het slot van de film zien we Abu Hussein zijn oude gezin op een truck laden en vertrekken, denkelijk terug naar huis. Zahra blijft in tranen achter. Het zijn de verdrietigheden uit het dagelijks leven, de dingen die mensen elkaar nu eenmaal aandoen. In het licht van de oorlog en met Helmichs heldere beelden zie je het alleen wat scherper.

    • Arjen Fortuin