Recensie

De selfie als nazaat van het dodenmasker

Opera

Een anonieme vrouw die ooit verdronk in de Seine vormt het uitgangspunt voor opera ‘i c o n’. Haar dodenmasker staat aan de basis van een reflectie op hedendaagse beeldcultuur.

Atelier Bildraum, in residence bij het Gentse LOD muziektheater, plaatst de nieuwe opera i c o n in de wereld van de fotografie. Foto Kurt Van der Elst

De kiem van de nieuwe opera i c o n ligt in de Seine, waar op een nacht in de late negentiende eeuw een onbekende jonge vrouw verdronk. Vanwege haar schoonheid en haar mysterieuze glimlach besloot men in het mortuarium een dodenmasker van haar te maken. Daarmee begon een ongelooflijke geschiedenis: door de verkoop van kopieën groeide het masker uit tot een cultobject, gewild door bohémiens en fashionista’s. Generaties schrijvers werden er door geïnspireerd, van Rilke tot Camus. ‘L’inconnue de la Seine’ , zoals ze bekend staat, werd een icoon.

Componist Frederik Neyrinck maakte twee jaar geleden al een kort werk over L’inconnue, op een libretto van Sabryna Pierre, dat reconstrueert wat er met de vrouw gebeurd zou kunnen zijn. Samen met regisseursduo Atelier Bildraum (Charlotte Bouckaert en Steve Salembier) hebben zij dit nu uitgebreid tot een voorstelling van vijf kwartier. Donderdag is de Nederlandse première in het Muziekgebouw aan ’t IJ.

i c o n begint misschien in de negentiende eeuw, maar verwacht geen ouderwetse opera, vertellen de Vlamingen Neyrinck en Salembier via Skype. Het stuk is vormgegeven als een interactief „event”, waarbij de afstand tussen makers en publiek zo klein mogelijk is. „We willen het operagenre desacraliseren”, zegt Salembier. Het kwintet van Asko|Schönberg speelt al terwijl de toeschouwers binnenkomen: „Mensen zitten meteen in onze wereld. Beetje bij beetje wint de muziek het van het gepraat”, zegt Neyrinck.

Selfie

Het masker (‘persona’ in het Grieks) gebruiken de makers als startpunt voor een reflectie op de hedendaagse beeldcultuur en 24-uurs persoonsverheerlijking: de selfie als nazaat van l’inconnue. Atelier Bildraum, in residence bij de producent, het Gentse LOD muziektheater, plaatst i c o n daarom in de wereld van de fotografie, met centraal op de bühne een bed annex podium. De scène is deels fotoshoot en filmset. Tegelijkertijd leveren ze kritiek op de mythe: al die mannelijke kunstenaars die worden geïnspireerd door de lach van een dode vrouw, is dat niet pervers?

De opbouw van i c o n weerspiegelt die kritiek. Sopraan Lieselot De Wilde speelt de ‘onbekende’, die van anoniem slachtoffer uitgroeit tot krachtig icoon. Acteur Tibo Vandenborre, ‘Mr Death’, maakt als fotograaf een tegengestelde ontwikkeling door: hij evolueert van patriarchale macho tot feminiene man. Zowel De Wilde als Vandenborre produceren live beelden, die worden geprojecteerd op een scherm. De visuele gelaagdheid sluit aan bij “de hedendaagse simultaniteit van prikkels,” aldus Salembier.

In Neyrincks muziek draait het dikwijls om klanktransformaties, waarbij een centrale toon op allerlei manieren gekleurd wordt. Hij is daarbij beïnvloed door de „evolutief-repetitieve muziek” uit de late periode van zijn landgenoot Karel Goeyvaerts. In i c o n groeien zulke processen enkele malen organisch toe naar popsongs van de Velvet Underground en Suicide, die dan integraal worden afgespeeld en parallel klinken met de live-muziek, in „een contrapunt van hedendaags klassiek en pop”.

Op tweederde verandert sopraan De Wilde in femme fatale. De rollen worden omgekeerd. Tegelijkertijd maakt Asko|Schönberg een gedaanteverwisseling door en komen de musici „als bandje” op het centrale podium te staan. De muziek is hier heftig en virtuoos, met een sterke drive: „Heel tof dat Asko|Schönberg dat zo goed kan spelen”, zegt Neyrinck. „Dirigent Joey Marijs is duidelijk begaan met het stuk.”

i c o n begint met ruis en een citaat van The Doors: „This is the end, my only friend.” Aan het slot klinkt het opzwepende Dream baby dream van Suicide, dat het publiek na het intense beeldenbombardement met „een goed gevoel” naar buiten moet sturen. „Daarna,” zegt Salembier, „volgt de bezinning – wat hebben we nu eigenlijk meegemaakt?”

i c o n door LOD Muziektheater & Asko|Schönberg o.l.v. Joey Marijs. 22/11 Muziekgebouw aan ’t IJ A’dam; herh. o.a. 20/5 in R’dam. Voor volledige speellijst zie: www.askoschoenberg.nl & www.lod.be
    • Joep Stapel