Ton wilde zijn oude moeder dood maken

Wie: Ton

Kwestie: poging tot doodslag, zware mishandeling

Waar: rechtbank Den Bosch

De hoofdpersoon vandaag is een 87-jarige mevrouw, klein van stuk, vriendelijke blik, met rollator, omringd door buren, familie en slachtofferhulp. Haar inwonende zoon Ton, of ‘Tonnie’ (60), is verdachte. Hij heeft haar vorig jaar oktober liggend op de bank geduwd, met haar gezicht in de kussens en twee op haar achterhoofd, waarna hij een kwartier op haar rug en achterhoofd zat en haar met veel kracht naar beneden duwde.

Toen hij van haar af ging was haar kaak gebroken, evenals het borstbeen (op twee plaatsen) en elf ribben. Gezicht, handen, borst en bovenbeen zaten onder de blauwe plekken. Ze had gedacht dat ze zou stikken. Ton beval haar ‘in de stoel’ te gaan zitten en niet de politie te bellen. De rest van de avond zou hij haar hebben getreiterd. Licht aan, licht uit, tv harder, tv zachter. De nacht bracht ze zittend in bed door. Toen Ton de ochtend erna de hond uitliet, vluchtte ze naar de buren.

Dakloos

De rest zit in het dossier. Rapporten van de forensische arts: haar verwondingen hadden fataal kunnen zijn. Van twee psychiaters, over Ton. Processen-verbaal, foto’s, achtergronden. Dat mevrouw eerst wel en toen geen aangifte wilde doen. Dat ze wel wil dat hij ‘hulp krijgt’. Dat Ton ooit dakloos dreigde te worden en zich aan zijn moeder ‘opdrong’ (volgens de officier), die geen weerstand kon bieden. Waarna er een situatie van conflict, uitbuiting en vermoedelijke mishandeling ontstond. In 2015 deed mevrouw een zelfmoordpoging. ‘Diverse hulpinstanties’ kwamen in actie, zonder resultaat, ook omdat Ton zich nogal intimiderend opstelde. Alleen de wijkagent hield stand – die wist Ton met een ‘gedragsaanwijzing’ van de officier van justitie tijdelijk het huis uit te krijgen.

In het huis van bewaring wenst Ton zich eveneens van niemand iets aan te trekken. Van de 24 uur zit Ton er nu 23,5 ‘achter de deur’ – hij mag niet meer aan arbeid of sport meedoen. Hij oogt neerslachtig en vermoeid, gedraagt zich afwerend en boos. Hij spreekt vrijwel onverstaanbaar en meent dat hem onrecht wordt aangedaan. Dat de psychiater hem een ‘narcist’ noemde, steekt hem bijzonder. „Sinds ’97 zorg ik al voor mijn moeder!”

Als de (vrouwelijke) officier hem vraagt wat hij eigenlijk weegt, wijst hij naar de rechters en telt af hoeveel vrouwen daar zitten. ‘Ze’ willen de kwestie neerzetten als ‘grote man tegen klein vrouwtje’, vindt hij. Bij de politie zei Ton dat, als zijn moeder die dag ‘normaal had gedaan’, hij nooit zo’n uitbarsting had gekregen. Aan de psychiatrische onderzoeken deed hij zo min mogelijk mee. Op de zitting wil hij, op advies van zijn advocaat, geen antwoord geven op de vraag: heeft u uw moeder geprobeerd te doden?

De psychiaters beoordelen Ton als een psychopaat: een gestoorde narcist, die liegt, draait en manipuleert. Iemand met een „gebrek aan emotionele diepgang”, een hoge kans op herhaling die verplicht behandeld moet worden met een ‘hoog beveiligingsniveau’. Verminderd toerekeningsvatbaar ook. De officier eist tbs met dwangverpleging en zes jaar cel.

De advocaat, die de zaak net overnam, probeert eerst (zonder succes) de zitting te laten schorsen en brengt daarna vooral nieuwe onderzoekswensen naar voren. Ton is nooit eerder behandeld, dus waarom meteen de zwaarste variant van tbs met dwang opgelegd moet worden?

Beverig

Ook betwijfelt hij of Ton wel echt met boos opzet op zijn moeder is gaan zitten – hij is er ook weer vanaf gegaan. „Dan is er dus iets als: ik wil dit niet.” Voor de advocaat staat niet vast dat Ton door zijn handelen de kans op de dood van zijn moeder ook bewust heeft aanvaard, zoals bij ‘voorwaardelijke opzet’ verplicht is. De advocaat zou moeder graag willen vragen hoe dat ‘moment van afstappen precies’ ging. Als de zitting is gesloten, staat Ton op, draait zich om en zegt zachtjes: ‘Dag ma.’ Ze steekt haar hand beverig op.

De rechtbank veroordeelt Ton twee weken later tot vijf jaar cel met tbs met dwangverpleging vanwege een ‘laffe en gewetenloze’ daad, die duidelijk was gericht op het doden van zijn moeder. Dat Ton na een kwartier ‘op en neer springen’ van zijn moeder af ging, ziet de rechtbank niet als een tegenaanwijzing voor zijn opzet haar te doden.

    • Folkert Jensma