Gearresteerde Renault-topman Ghosn was tot voor kort nog een held

Renault-Nissan-Mitsubishi

De bij het personeel geliefde Carlos Ghosn, bekend als Le Cost Killer, zou onder meer bedrijfseigendommen voor zichzelf hebben aangewend.

Foto Thibault Camus/AP

Het contrast was enorm. Begin deze maand nog bezocht Emmanuel Macron met topman Carlos Ghosn een Renaultfabriek in het Noord-Franse Maubeuge. De Franse president werd door het personeel met veel tegenzin ontvangen, een vakbondsleider joelde hem zelfs uit. Maar met Ghosn wilde iedereen wel op de foto. De topman, bijnaam Le Cost Killer, had van Renault, en dus van de Franse industrietrots, een wereldspeler gemaakt. Ghosn de held.

Nog geen twee weken later is die heldenstatus nogal aangetast. Maandag werd Ghosn, tevens president-commissaris van zusterbedrijf Nissan, in Japan gearresteerd, nadat Nissan hem beschuldigde van financieel wangedrag. Ghosn, en het eveneens gearresteerde bestuurslid Greg Kelly, zouden jarenlang een deel van hun salaris hebben verzwegen voor de Japanse beurswaakhond. Volgens persbureau Kyodo zouden ze 5 miljard yen – zo'n 38,7 miljoen euro – minder hebben opgegeven dan zou moeten. Ook zouden hij en Kelly eigendommen van het bedrijf voor zichzelf hebben aangewend en investeringen van Nissan fout hebben weergegeven.

In een weinig omfloerst persbericht zegt Nissan dat een klokkenluider de zaak aan het rollen heeft gebracht en dat bestuursvoorzitter Hiroto Saikawa zal aandringen op het ontslag van Ghosn, iets wat het andere zusterbedrijf Mitsubishi nu ook wil. In een 7 minuten durend sorry waarmee Saikawa maandag de persconferentie begon, liet hij weten „naast spijt ook grote teleurstelling, frustratie, wanhoop, verontwaardiging en wrok” te voelen. De koers van Renault kelderde 13 procent, de handel in aandelen Nissan werd gestaakt.

Na eerdere doemscenario’s leek het juist weer goed te gaan bij Renault. Lees ook: De wederopstanding van de Franse auto

De Braziliaans/Libanees/Franse Ghosn, die in Frankrijk studeerde, was bij Renault jarenlang de motor achter de samenwerking met Nissan. Toen de Japanse autobouwer eind jaren negentig in de problemen kwam, nam Renault een belang van 36 procent, dat is opgelopen tot ruim 43 procent.

In 1999 werd Ghosn naar Tokio gestuurd om Nissan te herstructureren. Dat deed hij met straffe maatregelen: fabrieken sluiten, harde targets stellen en lage prijzen bij leveranciers afdwingen. Hij verdiende er zelf goed aan. Zijn salaris en bonussen (ruim 13 miljoen euro in 2017) waren vaak onderwerp van discussie in Frankrijk.

Pas afgelopen voorjaar droeg Ghosn de dagelijkse leiding bij Nissan over. Hij bleef voorzitter van de raad van commissarissen en hij is nog altijd bestuursvoorzitter van Renault en het in 2016 aan de groep toegevoegde Mitsubishi, dat met manipulatie van verbruikscijfers in de problemen kwam. Die laatste toevoeging maakte Ghosn topman van de grootste autofabrikant ter wereld.

Journalisten in Japan wijzen erop dat andere topmannen met veel grotere misdrijven zijn weggekomen. De strenge behandeling van Ghosn zou ook een manier van Nissan kunnen zijn om van de bij sommigen zeer impopulaire baas af te komen. Niet voor niets zei Saikawa in de persconferentie dat Ghosn er al wel heel lang zat, en wel heel veel macht had gekregen.

    • Carola Houtekamer
    • Peter Vermaas