Nieuw Oranje slaat toe dankzij een briefje en een late goal

Nations LeagueNederland plaatste zich voor de Final Four van de Nations League door een gelijkspel tegen Duitsland (2-2). Dankzij een briefje en een late goal.

Oranje-aanvoerder Virgil van Dijk viert feest na zijn late gelijkmaker tegen Duitsland (2-2). Nederland wint daardoor groep 1 in divisie A van de Nations League. Foto John MACDOUGALL/AFP

De terugkeer van Oranje op aarde voltrok zich maandagavond via een pijnlijk exposé van machteloosheid, tot Quincy Promes en Virgil van Dijk een paar minuten voor tijd met elk een goal uit het niets de finaleronde van de Nations League afdwongen. In Gelsenkirchen legde Nederland het in alle facetten af tegen Duitsland, toch werd het 2-2.

Het beklijvende beeld is het briefje van assistent Dwight Lodeweges dat via een aantal spelers onder de ogen van Van Dijk kwam. Op het velletje was een opportunistische formatie gekrabbeld, met de aanvoerder als stormram in de spits. Kort daarop, als in een Hollywoodfilm met een eendimensionaal script, viel de gelijkmaker van zijn voet. Zelden was de maakbaarheid van succes zo rechttoe rechtaan.

Na jaren waarin voetballand Nederland zich met een vuistdikke KNVB-rapportage uit zijn misère had trachten te trekken, was een inderhaast uitgetekend strijdplan het slotstuk op weg naar het eerste tastbare resultaat sinds de voetbalcrisis die woekerde tot pakweg de aanstelling van bondscoach Ronald Koeman, begin 2018.

Op het spel stond groepswinst en daarmee kwalificatie voor de Final Four, wie had dat ooit gedacht. Nederland was plots favoriet, na de zege op Frankrijk, om langszij te sluipen ten koste van de wereldkampioen. Een punt was genoeg tegen de gedegradeerde Duitsers. Het was lang een kansloze missie, maar een katerig slot van het interlandjaar, waarin Koeman de reconstructie van Oranje majestueus vormgaf, bleef de ploeg bespaard.

Concentratie

De klappen tegen Duitsland kwamen te makkelijk, te vlug. Met een voetbeweging van Serge Gnabry door het centrum vonden de Duitsers de weg naar 1-0. Er zat meer creativiteit in dat balletje dan wereldkampioen Frankrijk vrijdagavond in de Kuip had weten op te brengen in negentig minuten lusteloosheid tegen het Nederlands elftal, en het was, zorgelijk genoeg, voldoende om de Oranje-defensie te kraken. Timo Werners prachtige trap deed de rest: perfect vanaf rand zestien, de gestrekte arm van Jasper Cillessen ging vergeefs naar de hoek. Matthijs de Ligt zat er niet kort op, het ging te snel allemaal.

Zo wist Oranje weer wat er van een ploeg in de verdrukking gevergd wordt: concentratie, scherpte, ruimtes bewaken. Ze was er niet, die volwassenheid van drie dagen eerder tegen Frankrijk, de beste interland sinds het WK 2014. Dit werd een andere avond, duidelijk, vol harde lessen. Uitgedeeld door de voetbalploeg die zo kort geleden nog honger miste, zo waren de analyses na het mislukte Duitse WK in Rusland deze zomer. Gedegradeerd Duitsland ging nog voor de eer in een duel tegen de favoriete vijand. ‘Mehr Klassiker geht nicht’, stond er in het wedstrijdboekje.

Jonge meester

Opvallend was dat de jonge meester Frenkie de Jong tegen de beruchte Franse balafpakker N’Golo Kanté vele oplossingen vond, maar in de zone opgevangen door de lichtvoetige Gnarby uit de wedstrijd gegumd werd. Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het Nederlands elftal, zo pas en zo massaal weer omarmd door het volk, ideeënloos over het veld zwalkte als in de donkerste dagen van de crisis die achter ons lag. Tegenover een superieur spelende Mannschaft kwam eigenlijk iedereen van alles tekort – durf, inzicht, techniek, overzicht. Ryan Babel viel uit voor rust. Dat betekende het debuut van Javairô Dilrosun, die ook weer uitviel.

Koemans ontwikkelingswerk met Oranje blijft iets magisch. Tot zijn eigen verbazing, zei de bondscoach, ontwikkelden spelers als De Roon en Denzel Dumfries (die niet speelde tegen Duitsland) zich in no-time tot volwaardige internationals. Het hele Oranjejaar 2018 biedt een veelheid van dit soort verhalen, over groeispurten en ontluiking. De gunst van het volk is er, net als de camaraderie in het elftal. „We hebben een norm neergelegd”, zei Koeman zondag over de Nations League-duels waarin de trend opwaarts was, culminerend in de masterclass tegen Frankrijk. „Het kan niet ineens binnen twee drie, dagen heel anders zijn.”

Maar dat was het wel. Zonde en gezond tegelijk. Het gejubel in het ecosysteem rond Oranje was amper te temmen, na vrijdag. Pers, publiek, spelers en bondscoach waren één in adoratie. Het was na rust onvermijdelijk dat met het gaspedaal wat losser onder de voet van de Duitsers Nederland iets meer creëerde. Duitsland verkwistte kans op kans en uit het niets, zoals dat gaat, kwam de 2-1 via Promes, die vijf minuten voor tijd zuiver uithaalde.

De rest is instant interlandgeschiedenis. Het briefje van Dwight, de goal van Van Dijk in de negentigste minuut uit een verlengde voorzet van Tonny Vilhena. Koeman, zo gaf hij toe, wist van niets toen hij het briefje doorgaf aan de eerste speler die hij in zijn buurt vond. Zo blijft zijn ploeg wonderen verrichten – nu op zijn Duits.

Noot (20 november): dit is een geactualiseerde versie van het artikel dat maandagavond is gepubliceerd.

    • Bart Hinke