Opinie

    • Wilfried de Jong

God heeft het druk met Memphis. En andersom

Het is een fijn span, vermoed ik. Memphis Depay en God. Niemand weet wat de twee elkaar toevertrouwen, maar Memphis verzekert iedereen dat het contact hem enorm helpt. In een verloren uurtje zag ik dit weekend de korte documentaire The Genesis, een vijfdaags reisverslag van Memphis Depay door Ghana. Uit goedheid bezocht de voetballer dove en blinde kinderen in het Afrikaanse land en hij had een donatie in zijn kontzak zitten.

Hij zei: „Mijn geld is niet van mij maar van God.”

En ook: „Ik ben blij met heel veel wat ik heb, maar ik geef ook graag iets terug.”

De onderwerpen God en goede doelen zijn niet populair onder sportjournalisten. Met Johan Cruijff kwam je alleen in gesprek als je het ook over zijn foundation wilde hebben. Stukjesschrijvers tikken liever iets over een vrije trap of het passeren van een tegenstander. Het geldt ook voor mij. Toch vind ik het nu bij Memphis minder storend; zijn diepgelovige gedachtenspinsels maken het me duidelijker hoe hij in elkaar steekt.

Memphis draagt nog steeds excentrieke hoofddeksels en T-shirts, voedt zijn Instagramvolgers met persoonlijke reclame en zal niet snel achter het stuur van een Berlingo zitten. En natuurlijk, hij is nog altijd verliefd op zijn tattoos; in de documentaire toont hij de reuzenleeuw op zijn rug; de manen groeien richting zijn oksels waar een minigrasmachientje heeft rondgetold.

IJdelheid is zijn tweede natuur.

Zijn uiterlijk is imposant – ik doe een moord voor zijn bovenbenen – maar het innerlijk is de laatste jaren meegegroeid. Bondscoach Koeman constateerde al dat Memphis meer oog heeft voor zijn medespelers. Hij sluit zich naar eigen zeggen liever af voor de buitenwereld en viert daarom doelpunten met de vingers in zijn oren.

Die manier van ‘juichen’ is ook een knipoog naar alle dove kinderen die hij in Ghana ontmoette. Memphis liet zich daar meetronen naar scholen waar blinde jongens en meisjes voetballen. Het is een spelletje van drie tegen drie. De blinden liggen in een sporthal vlak voor het doel. Ze gooien hun lichaam pas voor de bal als ze hem van dichtbij horen rollen.

„God heeft hun ook talent gegeven”, zei de Nederlandse voetbalster nadat hijzelf, geblindeerd liggend voor het doel een bal tegen zijn neus en zijn ballen had gekregen. De dove kinderen waren beter in het spel dan hun geadoreerde rolmodel.

Vroeger lazen alle voetballers De ontvoering van Alfred Heineken, nu ligt de Bijbel in de oranje rolkoffer tussen de boxershorts.

Lees ook De metamorfose van Memphis, met de hulp van God

Als het even kan, roept Memphis zijn God aan. Was er volgens Memphis hulp van bovenaf bij de penalty tegen Frankrijk toen hij op het laatste moment ‘à la Panenka’ inschoot? Voor zo’n risicovolle strafschop moet je het hoofd koel kunnen houden.

Met wie had Memphis contact toen hij bij de stip stond?

Met zijn God? Of met Cruijff?

Ach, voor een gelovige voetballer is dat hetzelfde.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.

    • Wilfried de Jong