Recensie

Jan Beuvings nieuwe show: wiskunde was nog nooit zo grappig

Cabaret

Met wiskundige begrippen probeert Jan Beuving in zijn ijzersterke nieuwe show ‘Rotatie’ (●●●●●) greep te krijgen op de wereld. Hij is origineel, grappig en ontroerend. En er zitten ongelooflijk veel perfecte liedjes in.

Jan Beuving Foto Jaap Reedijk

„Dit is een grapje voor mensen die van lege verzamelingen houden”, zegt Jan Beuving wanneer hij net een vergelijking gemaakt heeft tussen de rotatie van een kubus en de rotatie van de aarde. Beuving, die niet alleen een theateropleiding deed (Koningstheateracademie in Den Bosch) maar ook afstudeerde als wiskundige, maakt in zijn indrukwekkende tweede solo Rotatie opnieuw inventief gebruik van wiskundige begrippen en redeneringen.

Is dat niet saai, een cabaretvoorstelling over wiskunde? Nee, want strikt genomen is wiskunde niet het onderwerp van de voorstelling. Het is eerder zo dat de wiskunde Beuvings perspectief op de wereld vormt. Dat maakt hem tot een intrigerende denker en een zeer geestige cabaretier.

Jan Beuving bereikt een wiskundige perfectie in zijn metrisch strakke liedjes

Zo presenteert hij een sterk staaltje kansberekening in een conference over een opdringerige kinderwagenverkoper bij de Prénatal. En zijn fascinatie voor het wiskundige begrip ‘grens’ voert hem met ogenschijnlijk gemak van een tirade over de handhaving van de leeftijdsgrens bij het kopen van alcohol in de supermarkt, naar een komische reflectie op de grens tussen Randstad en provincie.

Grens is een terugkerend thema in Rotatie, net als Beuvings fascinatie voor M.C. Eschers Prentententoonstelling, dat een perfecte rotatie bevat waarvan de schoonheid niet gereduceerd kan worden tot de onderliggende wiskundige structuur.

M.C. Escher, Prentententoonstelling (1956) Foto M.C. Escher Company (www.mcescher.com)

Mooi is dat wiskunde niet alleen aanleiding geeft tot intelligente grappen, maar ook tot persoonlijke bespiegelingen. Beuving gebruikt de wiskunde om grip te krijgen op de wereld. Ontroerend is bijvoorbeeld hoe hij houvast zoekt in kansberekening wanneer hij in de aanloop naar de geboorte van zijn dochtertje moet beslissen over een vruchtwaterpunctie.

Perfectie

Jan Beuving is een klassieke cabaretier, die een wiskundige perfectie bereikt in zijn metrisch strakke en goed rijmende liedjes. Daarin lijkt hij op zijn grote inspirator Kees Torn, maar anders dan Torn staat Beuving ook nog eens zeer ontspannen op het toneel en is hij een goede zanger. En dan hebben we het nog niet gehad over de prachtige composities van pianist Tom Dicke.

Het is ongelooflijk hoeveel sterke liedjes er in de voorstelling zitten. Dat begint al bij het openingslied, een prachtig nostalgisch portret van een met sluiting bedreigd bordeel en haar trouwste werknemer.

Lees ook het interview met Jan Beuving over hoe hij zijn nieuwe programma maakte: ‘Ik ben een regelfetisjist op het ziekelijke af’

Maar Beuving zingt ook komisch over zijn mislukte poging om op te staan voor een bejaarde vrouw in de trein, en hij brengt een ontroerend lied over een boer die aanvoelt dat er iets mis is met zijn kleinzoon. Knap is hoe in deze liedjes, heel subtiel, vaak het thema van de grens verweven zit.

Soms slaat Jan Beuving door in zijn fascinatie voor de wiskunde, zoals in zijn gezongen ode aan de algebra. Dit kennen we bovendien al uit zijn eerste solovoorstelling Raaklijn (bekroond met de cabaretprijs Neerlands Hoop), waarin hij met veel enthousiasme zong over de stelling van Fermat en de tangens.

Veel doet het niet af aan dit knap in elkaar gezette programma, dat bovendien origineel, grappig en ontroerend is. Want net als Eschers kunst is zijn cabaret veel méér dan wiskundige perfectie.

    • Dick Zijp