Bemoeienis Rutte leidt nog niet tot pensioenakkoord

Sociale partners De aanwezigheid van de minister-president toont hoe belangrijk het kabinet een akkoord vindt én hoe lastig de kwestie is.

Premier Mark Rutte vertrekt bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Foto ANP/Robin van Lonkhuijsen

Na een nacht lang onderhandelen over een nieuw pensioenstelsel zijn het kabinet en de sociale partners er nog steeds niet uit.

Voor de derde keer deze week schoof premier Mark Rutte donderdagavond aan bij de onderhandelingen over een nieuw pensioen. Samen met minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) sprak hij met werkgevers en vakbonden. Het kabinet hoopte dat de intensieve bemoeienis van Rutte zou helpen om een akkoord te forceren in de al jaren moeizame pensioenonderhandelingen.

Vrijdagochtend rond zes uur gingen Rutte, Koolmees, vakbonden en werkgevers pas uit elkaar. „Iedereen is echt tot het gaatje gegaan”, zei Rutte na afloop tegen journalisten. Of een akkoord nabij is wilden Rutte en Koolmees niet zeggen. Koolmees: „We hebben behoefte om naar de eigen kring terug te gaan en daar te overleggen.” Volgende week gaan de onderhandelingen verder.

De aanwezigheid van Rutte toont hoe belangrijk het kabinet een pensioenakkoord vindt, maar ook hoe moeilijk het is om overeenstemming met de vakbonden te bereiken.

In de eerste plaats onderhandelen zij over een nieuw aanvullend pensioen, dat werknemers opbouwen naast het staatspensioen, de AOW. Maar vakbonden willen in ruil voor hun steun ook concessies over een geleidelijker stijging van de AOW-leeftijd, vroegpensioenregelingen en pensioen voor zzp’ers.

Lees ook: Pensioenakkoord ver weg na harde rente-eis FNV

Het kabinet is bereid de stijging van de pensioenleeftijd te vertragen. Dan zou die bijvoorbeeld niet in 2021 op 67 liggen maar in 2023 of 2024.

De vakbonden willen de stijging van de AOW-leeftijd ook op de langere termijn vertragen. Nu is de stijging een-op-een gekoppeld aan de levensverwachting: voor elk jaar dat we langer leven, moeten we een jaar langer werken. Een vertraging kost al snel enkele miljarden.

Ook over het nieuwe pensioen zelf was deze week nog geen overeenstemming, al staan de partijen dicht bij elkaar. Het nieuwe pensioen gaat meer meebewegen met de situatie op de financiële markten. In goede tijden worden de pensioenen van gepensioneerden én werknemers sneller verhoogd. In slechte tijden wordt er sneller gekort.

Een van de laatste twistpunten is wie betaalt voor de overgang naar het nieuwe pensioen. Mensen die door de nieuwe verdeelregels eenmalig nadeel ondervinden, moeten gecompenseerd worden. De vraag is bij wie die rekening terechtkomt.

Ook willen vakbonden soepeler rekenregels voor pensioenfondsen, zodat zij kleinere reserves mogen aanhouden en sneller de pensioenen kunnen verhogen. Koolmees ziet dat niet zitten. Een optie is om deze kwestie door te schuiven naar een onafhankelijke commissie, maar vakbonden hebben liever meer zekerheid.

Het kabinet hoopt op een akkoord voordat Koolmees zijn begroting moet verdedigen in de Tweede Kamer, over twee weken. De vakbonden hebben geen haast. Zij willen een akkoord dat steun krijgt van hun achterban.

    • Marike Stellinga
    • Christiaan Pelgrim