Recensie

Sympathiek, sfeervol eetcafé met prima Surinaams eten

Foto Nick Somers

Surinaamse eetcafés, en dan bedoelen we geen toko’s of warungs waar je meestal afhaalt, zijn dun gezaaid binnen de Amsterdamse ring. Natuurlijk, we kennen allemaal Waterkant bij de parkeergarage in de Marnixstraat, maar daar is het al vanaf dag één zo druk dat het een wonder mag heten als je een stoel bemachtigt. We zijn dan ook blij met de komst van Uitvlugt, een royaal eetcafé aan de rand van het GWL-terrein (Westerpark), net niet op het industrieterrein.

Het is er behalve groot ook sfeervol met warm licht, goed zitten in een prettig eclectisch interieur, aardige bediening en het eten is behoorlijk Surinaams. Behoorlijk, omdat er een paar uitstapjes worden gemaakt – van ons hoeft dat niet echt, maar misschien is er vraag naar.

Bij Uitvlugt, waar je op vrijdag trouwens ook kunt dansen, staat een chef aan de kachel die een culi-beroemdheid is in Paramaribo en ver daarbuiten: Nikita Tjon-affo. Hij kookte bij Souposo, hét soephuis van Suriname, en bracht zijn receptuur en ideeën mee naar Amsterdam. En dat betekent dat ie behalve de traditionele Surinaamse keuken ook open staat voor andere culinaire avonturen.

Wij starten met een piki, een klein hapje: baka lever (8,50) en ‘lekker setje’ van zalm en tonijn (8,50). Qua hoofdgerechten kiezen we voor petjil (13,50) en kwa kwa doks (21,50) en we sluiten de avond af met spicy ginger brownie (7,50) met gemberthee (2,80).

Baka lever is een verrukkelijk gerechtje van geconfijte kippenlevertjes – heel mooi klein gesneden en zalig vettig – met knoflook, ui, spek en ernaast toast met mangochutney, waarin wij niet meteen de mango herkennen maar die wel lekker pittig is. Het is jammer dat veel mensen niet van lever houden, in de Surinaamse keuken doen ze er echt smakelijke dingen mee, net als met bloedworst trouwens. Zo authentiek de baka lever is, zo fusion – of eigenlijk ‘confusion’ – is het ‘lekkere setje’ van zalm en tonijn. De rauwe zalm en tonijn zijn volgens de kaart ‘gepekeld in borgoerum’, maar daarmee zal bedoeld worden ingelegd, de bijbehorende komkommer komt uit het zuur… eerlijk gezegd lijkt dit gewoon op sashimi en dan is ook de vis niet mooi schoon gesneden, er zitten nog vezelige slierten en harde stukjes in. Jammer!

De petjil is een smaakvol gerecht voor vegetariërs, een soort gado gado van taugé, Chinese kool, gebakken tofu, kleefrijst en pindasambal. Niet koud, zoals in de Indische keuken, maar warm en mild gekruid. De groenten hebben een goede bite, de tofu is een tikkie krokant, de kleefrijst wat zoetig – je moet er van houden – en de pindasambal is precies van een prettige vloeibaarheid en pittigheid. Kwa kwa doks is eend, geconfijt in masala, die zo van het bot valt; hier en daar is ie een beetje te stevig en dan weer supermals en door de pittige bietensalade en de kwak – een couscous van cassave – is het een mooie eenheid, rijk van smaak met wat gebakken banaan en een schaaltje Madame-Jeanette (héét!) erbij. Ook best pittig is ten slotte de brownie waar ook Madame-Jeanette in zit en ook gember, en ter verkoeling ijs. Gember is sowieso ons thema van de avond: we drinken Moksie Mule, een Surinaamse mix (7,50) van gemberbier (huisgemaakt), wodka, komkommer en munt… heerlijk fris en gevaarlijk lekker.

Inmiddels is de Surinaamse muziek verwisseld voor stevige disco met steeds een wisselend geluidsniveau en het valt ook op dat de bediening wat slordig is. Zo komt ons bestelde water eerst niet en moeten we sowieso lang wachten op de gerechten, terwijl het niet druk is. Toch zijn we uiteindelijk mild gestemd, want Uitvlugt is gewoon een sympathieke zaak met prima eten en een bovenmatig goede sfeer, waar alleen hier en daar de puntjes nog op de i gezet moeten worden. Stom trouwens dat we de pindasoep niet geproefd hebben, het is een van de signature dishes van Nikita Tjon-affo, maar daar komen we gauw voor terug!

Recensent en journalist Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.