Dit akkoord lijkt voor te veel partijen niet genoeg

Voorlopige overeenkomst

De deal die de Britten en de EU hebben gesloten, zorgt voor een leegloop van Theresa Mays kabinet. Wat zijn de hoofdpunten van dit voorlopige akkoord?

Wat staat er zoal in de 585 pagina’s tellende voorlopige Brexitdeal die woensdag werd gepresenteerd. Voor welke interpretaties is al dat juridische taalgebruik vatbaar en waarom roept de deal aan Britse zijde onmiddellijk veel weerstand op?

De Ierse grenskwestie

De afspraken waar alle ogen op gericht waren in de voorlopige overeenkomst betreffen de Ierse grenskwestie. De Europese Unie en de Britten willen geen harde grens tussen Noord-Ierland en Ierland, zoals ook afgesproken bij de Goede Vrijdagakkoorden in 1998, die vrede brachten in het door sektarisch geweld verscheurde noorden.

Uit het voorlopige akkoord blijkt dat het Verenigd Koninkrijk met de EU een „gemeenschappelijk douanegebied” wil inrichten als noodoplossing. Dat komt tot stand mocht er in de overgangsperiode tot eind 2020 geen sluitend handelsakkoord worden gesloten dat een zachte grens tussen Ierland en Noord-Ierland respecteert.

Alleen lijkt het er wel op dat er voor Noord-Ierland in die opzet meer Europese regels kunnen gaan gelden dan voor de rest van het Verenigd Koninkrijk. Dit wekt veel weerstand bij de Noord-Ierse gedoogpartner DUP, die steeds heeft gezegd dat een noodoplossing er niet toe mag leiden dat Noord-Ierland anders wordt behandeld dan de rest van het VK.

Daarnaast zijn er voor veel Brexiteers bezwaren tegen de voorwaarden voor beëindiging van deze noodoplossing. Het VK kan die namelijk niet eenzijdig stopzetten. Een onafhankelijke commissie waarin zowel de EU als de Britten leden moeten benoemen, moet bepalen of dit mag, waardoor de kans bestaat dat de noodoplossing eindeloos voortduurt.

Douane en handel

Als een deal in deze vorm wordt goedgekeurd, gaat er een overgangsperiode in tot eind 2020. In die periode proberen het VK en de EU een handelsakkoord te sluiten dat voor beide partijen bevredigend is. In de tussentijd blijven vrijwel alle regels van de interne markt ook op het Verenigd Koninkrijk van toepassing. Dat betekent dat de grens openblijft voor goederen, personen, kapitaal en diensten. Mochten de twee landen er voor december 2020 niet in slagen een handelsdeal te sluiten, dan kan de transitieperiode eenmalig verlengd worden om nog wat extra tijd te kopen. Daarna treedt eventueel de noodoplossing voor de Ierse grens in werking, die ervoor moet zorgen dat de grens met Noord-Ierland ‘zacht’ blijft. In principe kan die noodoplossing, zoals eerder beschreven, wél eindeloos worden verlengd.

Burgerrechten

De rechten van burgers zijn in de deal gewaarborgd, in die zin dat Britten die nu in een van de 27 andere EU-landen wonen daar mogen blijven. Ook behouden zij het recht om gezinsleden te laten overkomen. Voor EU-burgers in het Verenigd Koninkrijk geldt hetzelfde principe. Vanaf 2021, na de transitieperiode, gelden voor nieuwe gevallen andere regels. Hoe die regels er van Britse kant uit gaan zien en hoe Europa daarop zal anticiperen, moet dan blijken. Een van de belangrijkste redenen voor veel Britten om vóór een vertrek uit de EU te stemmen, is het terugkrijgen van controle over de eigen grenzen, lees: immigratie.

The City

Een ander opvallend onderdeel is het voornemen om de Londense City, een van de grootste financiële centra ter wereld, maar beperkt toegang te geven tot de EU-markt. Het is een sterk verwaterde vorm van toegang, maar volgens EU-ambtenaren die het persbureau Reuters sprak „het beste waar de Britten op hebben mogen hopen”. Deze beperktere toegang, die het bijvoorbeeld lastig maakt voor Britse banken om commerciële leningen te verkopen in de EU, is een tegenvaller voor de City, die stevig heeft gelobbyd voor grotere uitzonderingen. Zoals nu is afgesproken krijgen Britse partijen eenzelfde soort toegang als Japanse of Amerikaanse.

Visserij

Ook voor Nederlandse vissers een belangrijk punt: houden zij toegang tot de Britse visgronden? Dat staat niet in de voorlopige deal en moet worden uitonderhandeld in de overgangsperiode. De EU wil vrije toegang blijven houden tot de Britse visgronden. In ruil zou vis uit het Verenigd Koninkrijk zonder heffing de EU in mogen. Vooral de Schotten – met de meeste visgronden voor hun kust – zien niets in dergelijke voorwaarden vooraf. Zij waren al niet voor een Brexit en proberen er door het bedingen van betere voorwaarden voor hun visserij toch nog een schamel voordeel uit te halen. Er is vanuit Schotland dus weinig animo om te bewegen.

De eindafrekening

Over het bedrag dat de Britten moeten betalen om al hun lopende verplichtingen aan de EU af te kopen, was al overeenstemming. De geschatte 40 miljard euro moet de kosten van lidmaatschap van het VK tot het einde van de transitieperiode dekken. Het gaat dan bijvoorbeeld om bijdragen aan EU-onderzoeksprogramma’s en het storten van geld in pensioenpotten van EU-ambtenaren.

    • John Hoogerwaard