Brieven

Brieven

Waarom wilden er geen Nederlandse ambachtslieden naar Suriname komen? Volgens Karwan Fatah-Black in het artikel In de stad lonkte de vrijheid (10/11) omdat ze moesten concurreren met de „gratis arbeid” van de slaven. Dat is niet helemaal waar, want de jaarlijkse uitgaven voor een productieve slaaf (afschrijving, voedsel, huisvesting, medische verzorging, en aandeel kosten van de niet-productieve slaven) bedroegen rond 1850 ongeveer 180 gulden per jaar. In Nederland verdiende een ambachtsgezel toen echter rond de 300 gulden per jaar. Dat verschil laat zien dat ondanks de teruggang in de slavenbevolking de slavernij tot het eind een rendabel instituut bleef. Het beste bewijs daarvoor vormen de steeds hogere prijzen, die tot in de laatste jaren voor de emancipatie voor de slaven werden betaald. Er is dan ook geen sprake van dat in de loop der tijd de slavernij economisch gezien minder aantrekkelijk werd. Het tegendeel is het geval. De afschaffing van de slavernij maakte de arbeid in de koloniën duurder, niet goedkoper.


auteur van De Nederlandse slavenhandel
(verschijnt 2019)

    • ---