Toch weer nieuw digitaliseringsproject voor rechtspraak

Miljoenenproject Een nieuwe poging de rechtspraak te digitaliseren zal minder ingrijpend zijn en geleidelijker gaan dan de vorige.

Foto Lex van Lieshout/ANP

De rechtspraak gaat toch weer digitaliseren. De komende jaren moet de rechtspraak „digitaal toegankelijk” worden voor burgers: ze moeten digitaal zaken kunnen indienen en stukken kunnen uitwisselen. Die digitalisering moet veel geleidelijker gaan dan voorheen het plan was. Dat schrijven de Raad voor de Rechtspraak, de organisatie van de rechterlijke macht, en minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) donderdag.

Het gaat om procedures binnen het bestuursrecht en civiel recht. In het asielrecht wordt al digitaal gewerkt, net als in veel strafzaken en faillissementszaken. Bijna de helft van de werklast van de rechtspraak (47 procent) gaat om civiele zaken.

Dit voorjaar trokken de Raad en minister Dekker nog de stekker uit digitaliseringsproject KEI, dat te lang duurde en te veel kostte – ruim 200 miljoen euro, waar oorspronkelijk 7 miljoen euro begroot was. Dekker kondigde toen aan pas akkoord te geven voor nieuwe digitaliseringsprojecten als de rechtspraak met een nieuw plan kwam en „de neuzen dezelfde kant op” staan. Dat is volgens hem nu het geval, schrijft hij donderdag aan de Tweede Kamer. Met de oprichting van een nieuwe it-organisatie en het schrijven van een digitaliseringsplan is er nu „een goede basis om een volgende stap te zetten”, aldus Dekker.

Lees ook: Rechters willen niet opdraaien voor mislukte digitalisering

In de nieuwe plannen wordt veel geleidelijker dan oorspronkelijk het plan was gedigitaliseerd: zaaksoort per zaaksoort, met de eenvoudige soort zaken als eerste, bij één gerecht. Als dat werkt, wordt het vervolgens uitgerold naar andere gerechten en zaaksoorten. Pas als ook dáár de ervaringen goed zijn, wordt digitaal procederen verplicht. En wie op papier wil blijven procederen, kan dat blijven doen. De kosten van het project worden voor volgend jaar op minstens 11 miljoen euro geschat, schrijft Dekker aan de Kamer.

De nieuwe plannen zijn een groot verschil met KEI, dat in een paar jaar tijd zowel de hele rechtspraak wilde digitaliseren als automatiseren – ruim anderhalf miljoen zaken per jaar. Het procesrecht, de regels voor rechtelijke processen, moest tegelijkertijd eenvoudiger worden én gedigitaliseerd worden. Ook moest het werk van rechters en ondersteunend juridisch personeel op de rechtbanken geautomatiseerd worden. Het bleek allemaal veel duurder en ingewikkelder dan vooraf gedacht. Vereenvoudiging van het procesrecht en automatisering van werk worden nu op de lange baan geschoven – precies zoals critici van KEI al lange tijd adviseerden.

    • Mark Lievisse Adriaanse