Opinie

    • Hans Steketee

Na de grote grasramp

Fotografie Mine Dalemans fotografeerde in de Vlaamse Kempen tijdens en na de grote droogte van afgelopen zomer.

Bilzen Foto's Mine Dalemans

Bij de buren is het gras, zoals bekend, altijd groener. Maar in de stadjes en dorpen rond het Nationaal Park Hoge Kempen, net over de grens in België ter hoogte van het Zuid-Limburgse Geleen, kwam aan die toestand een einde op 2 juni van dit jaar. Toen begon een langdurige periode van droogte, die duurde tot 6 augustus en nu officieel tot ‘landbouwramp’ is uitgeroepen.

Niet dat er in dat natuurpark veel landbouw is – het bestaat vooral uit heide, naaldbos en woeste gronden – maar in de straten, tuinen en parken van Beringen en Lummen was er des te meer van te merken. Daar verdorden plantsoenen, speel- en ligweides en gazons.

Intussen herstelt de stadsnatuur zich enigszins, laat Mine Dalemans, fotograaf bij Het Laatste Nieuws zien in een serie foto’s van vóór en na de Grote Droogte, hoewel het nog steeds niet echt veel heeft geregend en het waterpeil in de bassins van de Hoge Kempen nog steeds laag is.

Veel HLN-lezers klagen dat de verdorring permanent is, en dat alleen opnieuw inzaaien, bemesten en vooral bewateren nog kan helpen. Anderen zagen ook voordelen: niemand had deze zomer bijvoorbeeld last van lawaaiige grasmaaiers.

Intussen zijn dit intrigerende foto’s, die wij zonder de grasramp nooit te zien hadden gekregen. Oké, een zwembad is een zwembad. Maar wat is dat bijvoorbeeld voor een maf huisje op de bovenste set foto’s? Het lijkt wel een baanwachtershuisje, maar er is geen trein – of tram – te bekennen. Op de linker, ‘dorre’ foto zie je het ook zomaar op een Afrikaans dorpsplein staan. Maar op de rechter foto mét groen, en die heerlijke villa’s in bouw- en woningtoezichtloze stijl, weet je dat dit België moet zijn. Maar een maf huisje blijft het. Dankjewel Mine Dalemans!

Lummen

    • Hans Steketee