Opinie

Hou vast aan verstandig verdrag over migratie

Juist nu een VN-verdrag migranten helpt én terugkeer regelt moet EU niet terugkrabbelen, schrijven en .

Afrikaanse bootvluchtelingen komen in Spanje aan land. Foto Jon Nazca/Reuters

Na Hongarije en de Verenigde Staten heeft nu ook Oostenrijk gezegd het nieuwe migratieakkoord van de Verenigde Naties niet te zullen ondertekenen. Dit zogeheten ‘akkoord van Marrakesh’, voluit het Global Compact for Safe, Orderly and Regular Migration moet het verantwoordelijkheidsbesef rond migratie vergroten om migratiestromen zo beter te beheersen en veiliger te maken.

Bijna tweehonderd landen hebben sinds 2016 over het akkoord onderhandeld. Nederland zal het akkoord naar verwachting op 10 en 11 december in de Marokaanse stad Marrakesh ondertekenen, ondanks protesten van anti-immigratiepartijen waaronder Forum voor Democratie. Of België dan zal tekenen is de vraag; premier Michel staat onder grote druk van de Vlaams-nationalistische coalitiepartner N-VA om niet te tekenen.

De Europese Unie ondergraaft haar geloofwaardigheid als ze geen eenduidige steun kan geven aan een vrijwillige tekst die het beschermen van mensenrechten en een humane behandeling van migranten voorstaat. EU-commissievoorzitter Juncker heeft al gezegd dat hij het een ‘absurditeit’ zou vinden als de EU aan het einde van dit jaar niet in staat is gebleken een gezamenlijk standpunt in te nemen. Terecht. Hoe kan de EU haar partners waar ook ter wereld dan nog in de ogen kijken?

Beschermen en terugsturen

In 2016 werd in VN-verband besloten om te komen tot een wereldwijde strategie voor veilige, ordelijke en reguliere migratie. Afgelopen zomer lag er een concept-tekst waaraan 192 landen hebben meegewerkt. Het is een soort intentieverklaring over de beste manier om migranten op te vangen, te beschermen én terug te sturen als dat nodig is – veilig en menswaardig. Maar nog voor de onderhandelingen goed en wel waren begonnen, trokken de VS zich terug.

Lees ook: Vijf vragen over het Marrakesh-migratieakkoord

Daarna ronkte de EU dat zij het voortouw zou nemen. Die rol past haar uitstekend. Europa staat voor de bescherming van mensenrechten wereldwijd en kan goed onderhandelen over gevoelige onderwerpen. Multilaterale samenwerking is een fundamenten van ons buitenlands beleid. Federica Mogherini, Hoge EU-vertegenwoordiger voor Buitenlandse Zaken en Veiligheid, prees het afgelopen jaar niet voor niets de leiderschapsrol van de EU in dit proces. Maar nu beginnen ook EU-lidstaten zich één voor één terug te trekken. Een gemiste kans.

Het VN-voorstel haalt migratie immers uit de crisissfeer waar het de laatste jaren in is beland. Migratie is van alle tijden en zal blijven bestaan. Een leidraad die brede steun heeft helpt mensensmokkel en gruwelijke verdrinkingen, zoals op de Middellandse Zee, te voorkomen. Tegelijkertijd kunnen daarmee structurele problemen worden aangepakt. Denk aan de grote groepen migranten die geen toegang hebben tot basisdiensten als gezondheidszorg, onderwijs of zelfs voeding. Denk aan (jonge) migranten die kwetsbaar zijn en in handen vallen van smokkelaars. Of het uitblijven van legale alternatieven voor mensen om (soms tijdelijk) voor werk of studie te migreren.

Krampachtig beleid

Het migratiedossier gijzelt de Europese politiek sinds 2015. De krampachtige manier waarop het buitenlands beleid sindsdien is ingezet om migratie-deals te sluiten met landen in Afrika, maakt dat we als continent van de mensenrechten en de zachte krachten enorme imagoschade oplopen.

Des te pijnlijker is het nu lidstaten de steun een voor een beginnen in te trekken. In Oost-Europa twijfelen Polen en Tsjechië, die al langer sceptisch zijn over migratie, maar nu ook lidstaten als Bulgarije en Estland. Oostenrijk liet twee weken geleden weten geen handtekening te zullen zetten. Dit terwijl dat land als Europees voorzitter aan de onderhandelingstafel zit. In navolging van de Amerikaanse president Trump noemt de Oostenrijkse kanselier Kurz de angst voor het verliezen van soevereiniteit als belangrijke reden. Oostenrijk wil niet beginnen aan een ‘mensenrecht voor migratie’ – maar die angst is ongegrond.

Ja, politieke discussie is nodig, maar dan op basis van feiten, niet angst

Het gaat immers om vrijwillige normen en afspraken. De niet-bindende afspraken onderkennen dat migratie van alle tijden is en willen wel principes uitdragen, maar geen verplichtingen opleggen. Het gaat bijvoorbeeld om normen voor de juridische status van migranten, om zo stateloosheid en rechteloosheid tegen te gaan. Zulke normen zouden gelden voor alle landen die migranten huisvesten - elk land ter wereld dus. Nederland doet nog steeds mee, maar inmiddels op de handrem. Het kabinet wil eerst nog een juridische test en maakt daarmee een knieval voor de ongefundeerde populistische aanval door FvD-leider Baudet. Uiteraard verdient het verdrag een politieke discussie, maar die moet gaan over feiten en inhoud en niet met angst als uitgangspunt.

Lees ook: NRC checkt: ‘VN-verdrag faciliteert op alle mogelijke manieren migratie naar Europa’

Van de ondertekenaars mag verwacht worden dat zij minderjarige migrantenkinderen het recht geven om naar school te gaan, dat ze nadenken over de vraag hoe migranten kunnen integreren in een samenleving, en zo nodig ook over hulp bij terugkeer naar huis. Dat speelt niet alleen in Europa, maar juist ook in Afrika. Als een kind van een migrant bij zijn geboorte niet wordt geregistreerd bij de lokale overheid, blijft het een rechteloos – want ‘niet bestaand’ – kind; dat gebeurt veel in Afrika en Azië.

Het is kortzichtig om dit akkoord, dat de positie van migranten wereldwijd wil verbeteren, de rug toe te keren, zoals Trump, Kurz en Orbán. Zij willen niet geassocieerd worden met een neutrale, misschien optimistische tekst over migratie. Maar Europa is het aan zichzelf verplicht deze afspraken te ondertekenen.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.