Bij een Chinese aanval is Taiwan kansloos zonder de VS

Taiwan is in de ogen van Beijing een afvallige provincie die vroeg of laat weer onder gezag van China moet komen. Taipeh vreest een conflict. Wie moet Taiwan dan helpen?

Mensen poseren bij het standbeeld van Sun Yat-Sen/ Foto Chris Stowers/AFP

„Bereid je voor op oorlog”, zei president Xi Jinping van China eind oktober tegen de troepenmacht die verantwoordelijk is voor Taiwan en de Zuid-Chinese Zee. Een dag eerder wees de minister van Defensie er nogmaals op dat China nooit ook maar één centimeter van zijn grondgebied zal opgeven.

Het is een boodschap die Beijing steeds herhaalt: China zal niet terugdeinzen voor een invasie van Taiwan als Taiwan ook maar iets doet dat lijkt op formele afscheiding van China. Taiwan is in de ogen van Beijing een afvallige provincie die vroeg of laat, goedschiks of kwaadschiks, weer onder gezag van Beijing moet komen.

Voor de Verenigde Staten zou dit een ramp zijn, want Taiwan is de eerste verdedigingslinie tegen China. Onder president Trump is er behalve meer morele ook meer militaire steun. Er zijn meer wapendeals gesloten dan onder Obama, er is een nieuwe, grotere ‘informele ambassade’ gebouwd waar zo’n 800 man werken en het is makkelijker geworden voor hoge Amerikaanse ambtenaren om Taiwan te bezoeken.

Lees ook: China verleidt vooral jonge Taiwanezen

Sinds de verkiezing van Tsai Ing-wen tot president van Taiwan in 2016 praten de regeringen in Beijing en Taipeh niet meer rechtstreeks met elkaar. Dat maakt de situatie in de regio nog explosiever. Een aanvaring in de Straat van Taiwan, opzettelijk of per ongeluk, loopt sneller uit de hand, als beide partijen niet meteen met elkaar in contact treden.

In Taiwan bestaat de angst dat China bewust een conflict uitlokt. Dat kan als China met ernstige interne problemen te maken krijgt die Xi niet zomaar kan oplossen. „We zijn heel bezorgd dat China zich dan op Taiwan richt, ter afleiding van de binnenlandse situatie”, zegt Jaushieh Joseph Wu, minister van Buitenlandse Zaken desgevraagd. „We zijn bang dat zo’n minicrisis ontaardt in een grote crisis. Dat is niet in ons belang, en ook niet in het Chinese.”

Generaal Feng Shih-kuan, tot februari minister van Defensie en nu chef van het pas opgerichte Onderzoeksinstituut voor Landsverdediging en Veiligheid in Taipei, deelt Wu’s angst. Hij vreest dat de VS Taiwan bij een militair conflict niet automatisch zullen bijstaan. „Als de VS zelf in een oorlog met China zijn beland, bijvoorbeeld door de uit de hand gelopen handelsoorlog, hebben ze geen tijd meer voor Taiwan. Dan moeten we onszelf kunnen verdedigen”, aldus generaal Feng.

Maar, vervolgt Feng. „We kunnen geen effectieve tegenaanval lanceren, ze niet eens tegenhouden. Twintig jaar geleden konden we dat nog wel, tien jaar geleden al niet meer.” Feng pleit voor een sterke eigen defensie-industrie, iets waar volgens hem al veel te lang mee is gewacht. Een gewapend conflict kan volgens Feng ontstaan als „China is uitgegroeid van een sterke macht tot supermacht”, wat volgens hem nu nog niet het geval is.

Hij vervolgt: „Als het gaat om een misverstand en niet om een provocatie, stellen we ons zacht op.” Maar als het gaat om Chinese verkennings- of gevechtsvliegtuigen die volgens Taiwan op de verkeerde plek vliegen, dan verstoort Taiwan de radiocommunicatie. ,,Dat is de harde kant. We willen ze nooit de indruk geven dat we ons niet kunnen of willen verdedigen.”

    • Garrie van Pinxteren