Opinie

Ook nieuw kapitalisme heeft regels nodig

‘I amsterdam’ is spoedig verleden tijd. Vorige week donderdag stemde de gemeenteraad van de hoofdstad in met de verwijdering van de letters voor het Rijksmuseum. Die staan inmiddels symbool voor het massatoerisme dat Amsterdam dreigt te overspoelen.

De tijdelijke verhuur van woningen is zeker niet de enige oorzaak van de explosie van het stadstoerisme, maar heeft daar zeker fors aan bijgedragen. De opkomst van zogenoemde sleutelbedrijven die honderden Airbnb-woningen tegelijk bestieren illustreert dat het idealisme van onderlinge verhuur heeft plaatsgemaakt voor ouderwets zakendoen.

Lees ook: Nepprofiel met 208 appartementen: de business achter de ‘authentieke’ façade van Airbnb

Er zijn inmiddels allerlei initiatieven om die verhuur aan banden te leggen. Maar kan Airbnb medeverantwoordelijk worden gehouden voor een minder leefbare stad? Hier botst de vrije markt met het algemeen belang. Met de opkomst van internet is ook een zogenoemde platformeconomie ontstaan. In het geval van Airbnb en haar branchegenoten kan worden gesteld dat particulier bezit verandert in een kapitaalgoed. Het huis waarin normaal wordt gewoond, levert plots bij vakantie of absentie meer op dan alleen het particuliere woongenot van de eigenaar.

Dit was ook deel van de belofte van veel internetbedrijven: een revolutie die weliswaar aanvankelijk zou verstoren, ‘disruptief’ zou zijn, maar uiteindelijk een betere wereld op zou leveren. De taxibranche wordt overhoop gehaald door Uber en zijn concurrenten, maar levert flexibel en goedkoop vervoer op. Sociale media brengen iedereen dichter bij elkaar en zouden bijdragen aan een wereld waarin onderlinge bekendheid ook meer onderling begrip zou opleveren. Het individu zou meer te zeggen krijgen in deze nieuwe vorm van versplinterd ondernemen.

Het kapitalisme is een superieure wijze voor de verdeling van schaarste. Anderhalve eeuw ervaring met deze productiewijze heeft ervoor gezorgd dat in veel landen ook de wilde, minder aangename, karaktertrekken ervan inmiddels grotendeels zijn ingedamd. Wetten en regels zorgden ervoor dat niet één bedrijf te veel macht krijgt. Fusies en overnames worden mede daarop beoordeeld. Een verbod op prijsafspraken beschermt consumenten tegen het misbruik van marktmacht. Fabrikanten werden gaandeweg aangesproken op de vervuiling die zij veroorzaakten. De positie van werknemers werd beschermd met arbeidsvoorwaarden, veiligheidseisen en stakingsrecht.

Het is nog steeds de vraag hoe er moet worden omgegaan met het nieuwe kapitalisme van de ‘platformeconomie’. Zijn medewerkers die van gig naar gig rennen werknemers of niet? Moeten platforms als Uber, Airbnb of Facebook enkel worden gezien als een marktplaats waar deelnemers hun waar, huis, zichzelf of hun mening aanbieden? Of moeten zij alsnog worden gezien als normale bedrijven met alle gangbare verantwoordelijkheden voor het handelen van hun medewerkers en de gevolgen daarvan? Wat te doen met het onderliggende principe waarbij het verzamelen en combineren van zo veel mogelijk data het werkelijke bedrijfsmodel lijkt? En hoe om te gaan met de natuurlijke dominantie die dit op dreigt te leveren?

Na een jaar of tien ‘disruptie’ wordt deze discussie acuut. Het rauwe negentiende-eeuwse kapitalisme is met vallen en opstaan veranderd. Dat is een groot goed: de dynamiek van het particuliere initiatief en individualiteit zijn in de mal gegoten van een bestendige samenleving. ‘Beweeg snel en breek dingen’, is de slogan van de nieuwe internetondernemers. Misschien wordt het tijd om ook weer wat heel te laten.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.