Jetten koerst af op succes in burgemeestersbenoeming

Directe democratie

D66-fractievoorzitter Rob Jetten verdedigde dinsdag zijn initiatiefwet in de Eerste Kamer. Hij lijkt de aanvankelijk sceptische senatoren mee te krijgen.

D66 fractievoorzitter Rob Jetten en minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken . Foto David van Dam

De zalvende woorden van Rob Jetten waren bedoeld om de senaat „gerust te stellen”. Hij „deelt de zorgen” van de senatoren. Jetten, sinds vorige maand fractievoorzitter van D66 in de Tweede Kamer, verdedigde dinsdag in de Eerste Kamer zijn initiatiefwet die de benoeming van burgemeesters uit de Grondwet haalt. En grondwetswijzigingen, daar wordt de senaat zenuwachtig van.

Het was vooraf dé vraag of de senatoren van coalitiepartners VVD (13 zetels) en CDA (12 zetels) zouden instemmen met het D66-plan – al waren beide partijen in de Tweede Kamer voor. Naast de SGP (2 zetels), die principieel tegen is, wordt ook verwacht dat de PvdA (8 zetels) en de Onafhankelijke Senaatsfractie (1 zetel) tegen stemmen. Inmiddels lijkt het zeker dat het voorstel het haalt, ook omdat de vier coalitiepartijen met een gezamenlijke motie kwamen die de onafhankelijke positie van de burgemeester in de toekomst moet verzekeren.

Jettens geruststelling bestond uit de belofte dat hij „zelf ook niet voor die zware presidentiële burgemeester” is, die met een eigen politiek programma wethouders naar huis zou kunnen sturen. Hij onderschrijft dat de gemeenteraad het hoogste orgaan in het lokaal bestuur moet blijven. „Daar verandert deze grondwetswijziging niets aan”, zei hij. Jetten weet ook dat er geen steun is voor een direct gekozen burgemeester.

CDA-senator Ton Rombouts, bij het begin van het debat zeer kritisch, was hiermee „blij verrast”. Hij erkende dat zijn partij een draai moest maken: in 2015 was die in de senaat nog tegen de grondwetswijziging. Maar nu zit het CDA in de coalitie en durft Rombouts het aan, ook omdat de coalitiegenoten zijn motie steunen dat, ook als de benoemingswijze ooit verandert, de burgemeester „onafhankelijk en onpartijdig” moet blijven en een „verbindend bestuurder van alle burgers”.

Voor het schrappen van de burgemeestersbenoeming uit de Grondwet is een tweederde meerderheid in beide Kamers nodig. Daarna wordt het mogelijk met gewone meerderheden iets te veranderen aan de manier waarop burgemeesters worden aangesteld. Sinds begin deze eeuw is het praktijk dat kandidaten sollicitatiebrieven schrijven, en dat gemeenteraden daarna een kandidaat voordragen die de koning dan formeel benoemt.

De meeste partijen zijn daar tevreden over. Met het initiatief van Jetten verdwijnt alleen de – volgens D66 overbodige – grondwettelijke rol van de koning. Die bescheiden, maar lang gekoesterde D66-wens werd in het regeerakkoord van Rutte III binnengehaald, in ruil voor het schrappen van het raadgevend referendum. Senatoren zijn echter niet gebonden aan regeerakkoorden.

Bij het begin van het debat kreeg Jetten vooral steun van ongebruikelijke vrienden: senatoren van de oppositie. PVV-senator Alexander van Hattem noemde zijn voorstel „een historische stap”. 50Plus-coryfee Jan Nagel steunde Jetten ook. „Wij zijn voor directe democratie en hebben geen moeite om dat uit te spreken.”

Dat was een speldenprikje in de richting van D66-senator Hans Engels, die Jettens grondwetswijziging uiteraard steunt maar zijn handen niet wil branden aan de vraag of dat ook tot direct gekozen burgemeesters moet leiden. Hij wil „geen voorschot nemen” op een discussie hierover. Hij kan zich nog goed herinneren hoe een voorstel van toenmalig D66-minister Thom de Graaf in 2005 sneuvelde omdat de partij tegelijk de Grondwet wilde veranderen en rechtstreekse verkiezingen mogelijk wilde maken.

Destijds was de PvdA overigens tegen omdat D66 de grondwetswijziging aan de gekozen burgemeester koppelde. Nu stemt de senaatsfractie tegen de eigen partijlijn omdat het plan van Jetten niet concreet genoeg is over de toekomst.

Principiële tegenstanders

Minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) benadrukte dat door de grondwetswijziging „in principe niks verandert aan de huidige benoemingswijze”. Ze noemde een verandering daarvan zelfs „onwaarschijnlijk”. Het kabinet zal niet met zo’n plan komen: binnen de coalitie is alleen D66 voor de door de bevolking gekozen burgemeester.

Jettens politieke bondgenoten uit de coalitie hielden de spanning er tot in de avond in. De VVD telt zelfs „een aantal principiële” tegenstanders, zei senator Helmi Huijbregts. „We kunnen hier formeel wel tegen zijn, maar de vraag is of het moreel kan”, zei een VVD’er in de wandelgangen. „Dit voorstel is toch uitgeruild tegen de afschaffing van het referendum, een kroonjuweel dat hun eigen minister heeft doorgespoeld.” Bovendien stemde de VVD zowel in 2005 als in 2015 in met de grondwetswijziging.

In een poging de tweespalt in de coalitiepartijen bloot te leggen, heeft de Partij voor de Dieren een hoofdelijke stemming afgedwongen. Dat betekent dat alle senatoren persoonlijk moeten stemmen. Als ze dat opportuun vindt (lees: als het Rob Jetten kan schaden) is de PvdD (2 zetels) ook van plan tegen de wet te stemmen, ondanks eerdere steun. Dat betekent dat nog elf senatoren van VVD en CDA tegen zouden kunnen zijn, zonder dat het voorstel wordt afgeschoten. Zoveel dissidenten worden na de gezamenlijke motie niet meer verwacht.

    • Emilie van Outeren
    • Pim van den Dool