Hoge Raad: Openbaar Ministerie neemt te vaak DNA-materiaal af

Het OM moet alleen celmateriaal afnemen bij misdrijven die ook met DNA-data kunnen worden opgespoord. Nu wordt het vaak gedaan bij andere misdrijven.

Archiefbeeld van DNA-onderzoek bij het Nederlands Forensisch Instituut in Rijswijk. Foto Niels Wenstedt/ANP

Officieren van justitie moeten alléén DNA-materiaal afnemen bij verdachten van strafbare feiten die met DNA-onderzoek kunnen worden opgespoord, zoals ernstige gewelds- en zedendelicten. Dat schrijft de procureur-generaal bij de Hoge Raad in een dinsdag gepubliceerd advies. Het OM nam de afgelopen jaren vaker dan nodig celmateriaal af van mensen die in aanraking kwamen met het recht.

‘DNA-bevel’

Het OM is volgens de wet DNA-V verplicht een zogeheten DNA-bevel te geven verdachten van misdrijven waar minstens vier jaar gevangenisstraf voor staat. Er zijn twee uitzonderingen. Eén: wanneer de misdaad die is begaan niet opgelost had kunnen worden met behulp van DNA-materiaal. Twee: als de omstandigheden waarin de misdaad gepleegd is zo bijzonder waren dat het niet waarschijnlijk is dat de dader opnieuw de mist in zal gaan.

Vooral in de eerste categorie constateert het rapport misbruik. In een aantal gevallen zijn ook mensen die berecht zijn voor verduistering, valsheid in geschrift, meineed of economische misdrijven, toegevoegd aan de databank. “Het is de vraag of de inbreuk op het recht op privacy van de betrokkene in die gevallen wel gerechtvaardigd en proportioneel is”, staat in het persbericht van het rapport.

Een ander probleem is dat de regels niet overal even strikt worden toegepast. De Hoge Raad adviseert dat duidelijker moeten worden vastgesteld welke misdrijven wel en welke niet met DNA-materiaal kunnen worden opgelost, om de willekeur en hypergebruik uit het proces te weren. Jaarlijks worden er 22.000 tot 25.000 DNA-bevelen afgegeven.

Lees ook: Moet er een nationale DNA-databank komen?

De databank dient ter voorkoming, opsporing, vervolging en berechting van strafbare feiten. Het onderzoek door de procureur-generaal bij de Hoge Raad was ingesteld na de bevindingen in het Rapport Hoekstra, wat weer werd opgesteld na het opsporingsonderzoek naar de moord op oud-politica Els Borst (D66) in 2014. Rapport Hoekstra signaleerde toen dat het OM, vaker dan het destijds deed, celmateriaal kon afnemen en in de databank opslaan om onder andere opsporing en berechting te versnellen. Hierop is de besluitvorming aangescherpt bij het OM. Het nieuwe rapport constateert nu dus een overcorrectie van de oude situatie.

Correctie (15 november 2018): In een eerdere versie van de tekst stond dat het OM een DNA-bevel geeft aan mensen die meer die minstens vier jaar gevangenisstraf kregen opgelegd. Dit was onjuist. DNA wordt al afgenomen bij mensen in voorlopige hechtenis zijn en verdacht worden van een dergelijk misdrijf.

    • Simone Peek