Opinie

    • Coen van Zwol

Tarantino is geen debiel

Column Coen van Zwol Ennio Morricone zou in een interview met de Duitse Playboy zwaar hebben uitgehaald naar Quentin Tarantino. Playboy trekt dat nu deels terug. Maar of het Tarantino überhaupt iets zou hebben uitgemaakt?

De Italiaanse filmcomponist Ennio Morricone, die zaterdag zijn 90ste verjaardag vierde, zou in het decembernummer van de Duitse Playboy Quentin Tarantino bij de knieën hebben afgezaagd. In een voorpublicatie noemde hij hem „een debiel”. Quote: „Tarantino jat van anderen en flanst dan wat in elkaar. Er is niks origineels aan. Hij is ook geen regisseur, tenminste: niet op het niveau van echte Hollywood-grootheden als John Huston, Alfred Hitchcock of Billy Wilder. Die hadden klasse, Tarantino warmt slechts kliekjes op.”

Bijtende woorden voor zijn superfan. Quentin Tarantino (55), connaisseur van de spaghettiwesterns waarmee Morricone ooit doorbrak, gebruikte zijn composities in Kill Bill, Death Proof, Django Unchained en Inglourious Basterds. Met zijn soundtrack voor Tarantino’s western The Hateful Eight verdiende Morricone na vijf mislukte nominaties in 2016 alsnog een Oscar.

Zo’n tirade komt ongelegen, want Morricone zou de soundtrack van Tarantino’s nieuwe film over de Charles Manson-moorden schrijven. Once Upon A Time in Hollywood heet de film, naar de Sergio Leone-klassieker waarvoor Morricone zo’n legendarische soundtrack schreef. Tarantino wilde graag de samenwerking vernieuwen, Morricone zag dat in februari ook wel zitten, mits hij genoeg tijd kreeg, liet hij Deadline weten.

Morricone ontkent nu met de Duitse Playboy te hebben gesproken en dreigt met juridische stappen. Tarantino is een groot regisseur en een enorme persoonlijkheid, laat hij weten. Hij is hem „eeuwig dankbaar” voor zijn Oscar.

Fake news dus? Interviewer Marcel Anders gold als een gerenommeerde journalist en de Duitse Playboy stond achter het interview, dat op 30 juni werd Morricones residentie te Rome, met getuigen. Maar vandaag geeft Playboy in een verklaring aan Der Spiegel toe dat Morricone niet overal correct wordt geciteerd.

‘Django veel te bloederig’

Morricone had de schijn tegen: over Tarantino liet hij zich vaker laatdunkend uit. In 2013 vertelde hij Italiaanse studenten nooit meer voor hem te willen werken omdat het te frustrerend is. Tarantino overviel hem met het verzoek binnen een maand even een soundtrack voor Inglourious Basterds in elkaar te wrotten. Onmogelijk, dus gunde Morricone hem wat oude tracks. „Tarantino gebruikt filmmuziek zonder enige coherentie”, zei hij toen. Zijn slavernijfilm Django Unchained was bovendien „veel te bloederig”. In 2013 volgde een excuusbrief waarin Morricone zijn diepe respect voor Tarantino betuigde.

En Tarantino? Die bleek in 2013 vooral boos dat „een of andere eikel” Morricones woorden had laten uitlekken. „Misschien is mijn werk niet zijn ‘cup of tea’. Ik denk dat het een generatieding is en begrijp dat volkomen. Maar Ennio is een groot kunstenaar en kan fucking zeggen wat hij wil.”

Morricones dankbaarheid lijkt gemengd met enige rancune tegen de jonge kletskous die zijn catalogus plundert en hem soms overdondert. Oude mannen slaan dan aan het mopperen. Maar Tarantino had hem vermoedelijk zelfs dit interview wel vergeven. Want hij is geen debiel.

Deze column is geactualiseerd op 14 november om 11 uur.

    • Coen van Zwol