Eindelijk erkenning voor visionair filmmaker

IDFA Regisseur Helena Trestíková krijgt een eerbetoon als gast van het jaar op IDFA. Dat zou tijd worden. Haar werk behoort tot het beste wat de rijke Tsjechische filmcultuur heeft voortgebracht.

Met de film 'René', over een man op de rand van de maatschappij, brak Helena Trestíková door in Europa.

Lang voor het veelgeprezen Boyhood van Richard Linklater maakte de Tsjechische filmmaker Helena Trestíková al films waarin we de hoofdpersonen steeds ouder kunnen zien worden. Trestíková werd in 1949 geboren in Praag, toen haar land nog Tsjecho-Slowakije heette. Ze staat erom bekend soms wel meer dan dertig jaar bezig te zijn met haar films, zoals haar werk over het echtpaar Ivana en Václav Strnadovi, dat ze vanaf de dag voor hun huwelijk in 1987 volgde en over wie ze al verschillende films heeft gemaakt.

Een uitzondering vormt de Tsjechische actrice en filmster Lída Baarová (1914-2000). Zij was al oud toen Trestíková haar begon te filmen voor haar portret Doomed Beauty (2016). Het leven van de actrice, die in de jaren dertig kortstondig de minnares was van nazipropagandaminister Joseph Goebbels, reconstrueerde ze aan de hand van een uitgekiende montage van fragmenten uit de films waarin ze speelde. Alsof die speelfilms eigenlijk al haar levensverhaal vertellen.

Levensverhalen vormen de rode draad in Trestíková’s werk.

Aan het begin van Doomed Beauty haalt Lidá Baarová een herinnering op aan een bal waar ze als jonge actrice te gast was en een van haar diamanten verloor. Tot haar grote verbazing legde gastheer, filmmaker en studio-eigenaar Milos Havel het feest stil tot de diamant gevonden was. Baarová vraagt zich af wat ze gedaan had als ze had geweten dat niet veel later de communisten haar al haar juwelen zouden afnemen. Zou ze alsnog naar het sieraad hebben gezocht?

Je zou kunnen zeggen dat al Trestíková’s films over zulke vragen gaan; over het vastleggen van de tijd die steeds verloren gaat en weer teruggevonden wordt; over de vraag of je iets moet zoeken waarvan je weet dat je het later toch weer zult kwijtraken. Het leven. Herinneringen.

‘Time-lapse-films’

In Europa wist Trestíková pas echt de aandacht op zich te vestigen toen ze in 2008 een European Film Award won voor haar film René; weer zo’n langlopend project over een man op de rand van de maatschappij, een nihilist en gelegenheidscrimineel die op een gegeven moment zelfs de filmmaker bestal. Maar Trestíková maakt al sinds midden jaren zeventig dergelijke sociologische ‘time-lapse’-films, zoals ze ze zelf noemt. Ze zijn verwant aan Michael Apteds 7 Up-serie, die sinds 1964 elke zeven jaar een groep Britten volgt. Of meer recent natuurlijk Richard Linklaters Boyhood (2014). Linklater maakte tussen 2002 en 2013 met een groep acteurs een speelfilm over een opgroeiende jongen. Door elk jaar nieuwe scènes te filmen, zie je de acteurs echt ouder worden en is de film een indrukwekkend tijdsdocument.

Het retrospectief dat IDFA nu aan ‘gast van het jaar’ Trestíková wijdt is een inhaalslag. Een verlate kennismaking met een van de belangrijkste Tsjechische stemmen van haar generatie. Ze laat haar camera uitsluitend observeren. Ze gebruikt haar camera niet zoals veel van haar landgenoten deden als gekromde spiegel om de absurditeit van het leven onder het communisme te laten zien. Daardoor lijkt haar werk op het eerste gezicht misschien minder scherp en spectaculair.

In haar top-10 van favoriete films die op IDFA zullen worden vertoond heeft ze zo’n karakteristieke Tsjechische film opgenomen: The Firemen’s Ball uit 1967 van Milos Forman. Dat is een van de beroemdste films van de Tsjechische nouvelle vague; een rake aanklacht tegen corruptie en bureaucratie. Maar als je bedenkt dat ook Forman deels met amateur-acteurs werkte, op locatie, en later in interviews verklaarde dat hij er niet op uit was geweest om een allegorische film te maken maar juist eentje die realistisch was, dan wordt de erfenis van de Tsjechische nouvelle vague in het werk van Trestíková in één klap herkenbaar.

Hoewel ze onder het communisme begon te filmen, is ze ook een van de belangrijkste filmmakers van de post-communistische cinema. De dertig jaar die ze met Ivana en Václav Strnadovi en hun vijf kinderen doorbracht voor de film A Marriage Story, die vorig jaar in een nieuwe montage uitkwam, laat zich beschouwen als een vorm van filmische geschiedschrijving.

Het optimisme van het jonge echtpaar loopt parallel met het einde van de Koude Oorlog en de overgang van communisme naar democratie en kapitalisme. Ivana schikt zich in haar rol als huisvrouw; Václac opent een meubelwinkel. Hun pioniersgeest gaat geruisloos over in ondernemerszin. Al een jaar na hun huwelijk verzucht Ivana dat het leven zo snel voorbijgaat, en dat Trestíková haar over twintig jaar nog maar eens naar haar seksleven moet vragen. Twintig jaar later en een depressie verder heeft ze eindelijk het antwoord op het geheim van een gelukkig huwelijksleven: iemand die je op het juiste moment een knuffel geeft.

Zo spiegelen het persoonlijke en het historische elkaar voortdurend in Trestíková’s films. Misschien moest zich eerst nog meer geschiedenis voltrekken om haar werkwijze nu – bij herontdekking – pas echt als visionair te kunnen ervaren.

    • Dana Linssen