Meer dan 200 sterfgevallen door ebola in Congo

Politieke onrust en geweld maken de bestrijding van ebola in DRC moeilijk.

Een Congolese gezondheidsmedewerker en iemand uit het noord-oosten van Congo. Foto Olivia Acland/Reuters

In de Democratische Republiek Congo (DRC) zijn sinds augustus 201 mensen overleden aan ebola. Dat meldt persbureau AFP op basis van de Congolese minister van Volksgezondheid. Tijdens deze epidimie van het virus werden tussen de 291 en 326 mensen ziek.

Lees ook: Geweld en politieke onrust hinderen bestrijding van ebola in Congo.

Het is de tiende ebola-epidimie die het land teistert sinds 1976 en de tweede dit jaar. Bestrijdingsinspanningen worden bemoeilijkt door geweld en politieke onrust in verschillende regio’s. Het hoofd van het VN-veiligheidspersoneel riep vrijdag na een bezoek van de directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie op de geboden hulp niet te belemmeren. Hij richtte zich daarmee vooral op de gewapende groepen die actief zijn in het oosten van het land.

De teams die responsactiviteiten uitvoeren “zijn geconfronteerd met bedreigingen, fysieke aanvallen, herhaalde vernietiging van de uitrusting en ontvoering”, zei hij. “Twee van onze collega’s in het team van de spoedeisende hulp zijn zelfs bij een aanslag om het leven gekomen.” Sinds dit jaar bestaat er een vaccin voor ebola. Meer dan 11.000 Congolezen in hoogrisicogebieden zijn inmiddels ingeënt.

Noord-Congo

Het noordoosten van Congo is een conflictgebied waar meerdere gewapende groepen met elkaar overhoop liggen. In Beni, een van de belangrijkste steden in de provincie Noord-Kivu en een centrum van de uitbraak, werden in september na een aanslag de hulpactiviteiten bijvoorbeeld een aantal dagen gestaakt.

Wantrouwen is ook een bemoeilijkende factor bij de bestrijding. Sommige Congolezen denken dat behandelcentra zijn bedoeld voor orgaanhandel, zei een medewerker van het Rode Kruis eerder tegen NRC. De dikke pakken die hulpverleners dragen om infectie te voorkomen, wakkeren de argwaan verder aan. Het gevolg is dat sommige mensen weigeren naar de behandelcentra te komen en soms zelfs op de vlucht slaan, waardoor het virus juist verder verspreid.

Zonder vaccin of behandeling heeft iemand die besmet raakt 90 procent kans om te overlijden aan het ebola-virus. Besmetting komt voor door contact met lichaamsvloeistoffen van iemand die aan de ziekte lijdt. Wie ziek wordt krijgt te maken met plotselinge koorts, spierpijn en -slapte (de ‘droge fase’), gevolgd door braken, diarree, uitslag, verzwakte lever- en nierfunctionaliteit en soms bloedingen (de ‘natte fase’).

    • Simone Peek