Opinie

    • Marike Stellinga

Hoe dit kabinet de lasten niet verlicht

Als je naar voormannen van het kabinet luistert, zou je als burger zomaar kunnen denken dat de komende jaren miljarden euro’s aan lastenverlichting onze portemonnee invliegen. Vrijdag zei staatssecretaris Menno Snel (D66) het maar weer eens in de Tweede Kamer: „De maatregelen van dit kabinet leiden tot een lastenverlichting bij burgers van 5,7 miljard euro.” Helma Lodders, Tweede Kamerlid van de VVD benadrukte maandag ook al het goede nieuws: „De lasten voor mensen worden met ruim 5 miljard euro verlaagd.” Woepa. U blij, ik blij.

Hoe kan het ook anders in een kabinet met VVD, CDA en D66 erin? De gewone, normale, gemiddelde, hardwerkende Nederlander moet na jaren crisis in de portemonnee merken dat het goed gaat. Premier Mark Rutte (VVD) zegt het, CDA-leider Sybrand Buma zegt het, minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) zegt het. Kortom: voor de burger gaan de lasten eindelijk echt omlaag.

Ik moet u teleurstellen. Ik ben bang dat we blij mogen zijn als aan het einde van de kabinetsperiode de lasten niet hoger zijn dan ze waren toen het kabinet aantrad. Volgend jaar stijgen de lasten in elk geval, erkent ook Snel. Volgens zijn ministerie van Financiën met 100 miljoen euro, volgens de economen van het Centraal Planbureau met 800 miljoen euro. Ik zal u niet vermoeien met de reden voor dit verschil. Het gaat erom dat beide wijzen op een lastenverzwaring volgend jaar.

Of aan het einde van de kabinetsperiode de lasten voor burgers verzwaard of verlicht zijn, moet nog blijken. Bij aantreden voorspelde het kabinet zelf dat er na vier jaar een nul zou overblijven voor burgers: de lasten blijven gelijk. Het Planbureau komt in zijn laatste berekening uit op een kleine verzwaring van de lasten.

Wat is hier nou aan de hand? Liegt het kabinet als het zegt dat de lasten met 5,7 miljard euro dalen? Nee, volgens de Haagse normen niet. Maar de voormannen vertellen maar zelden het hele verhaal. Dat hele verhaal bestaat voor een belangrijk deel uit dé Haagse jargonterm voor financiële nerds: het basispad. Het Centraal Planbureau berekent elk jaar opnieuw hoe de belastingen en overheidsuitgaven veranderen en wat dat betekent voor de overheidsfinanciën, – ook voor de lange termijn, ná de periode van het kabinet dat regeert. Dat noemt het CPB het basispad.

Nou wil het geval dat de formateurs van Rutte III een enorme lastenverzwaring erfden van het PvdA-VVD-kabinet Rutte II. Als het nieuwe kabinet niks zou doen, stegen de lasten voor burgers automatisch met zo’n 5 miljard euro in de jaren 2018-2021. Door de zorgpremie bijvoorbeeld, die de komende jaren verder stijgt. Het huidige kabinet verlaagt de lasten dus fors, maar omdat andere lasten door beleid van vorige kabinetten automatisch stijgen, blijft er uiteindelijk onder de streep weinig van over. En dat bedrag onder de streep is toch wat burgers krijgen. Snel legde dat vrijdag helder uit: „Het is dus de som waar je naar moet kijken.”

Maar waarom dan toch die miljarden blijven noemen? Natuurlijk is het zo dat als het kabinet de lasten niet met 5,7 miljard euro had verlicht, de miljarden uit de portemonnee waren gevlogen. Nu valt dat waarschijnlijk mee. Maar de gewone, normale, gemiddelde Nederlander wordt met die miljarden toch misleid. Die denkt niet: jaja, dat zeggen ze wel, maar er is ook nog het basispad.

Marike Stellinga is econoom en politiek verslaggever. Ze schrijft elke week op deze plek over politiek en economie.
    • Marike Stellinga