Opinie

    • Rosanne Hertzberger

Botsende idealen blijven geloofwaardig

‘Onbegrijpelijk en irrationeel” noemde Mike Shellenberger mensen die tegen kernenergie zijn. Hij is groot voorstander en reist de wereld over om het nucleaire woord te verkondigen. De milieuactivist maakte een stevige ommezwaai in zijn opvattingen over kernenergie. Hij groeide op als links hippiekind, keerde zich tegen kernenergie, was een fervent voorstander van wind- en zonne-energie. Nu zegt hij in een interview in Het Financieele Dagblad dat zonnecellen vooral „een berg giftig afval opleveren”.

Elke kerk heeft een overenthousiaste bekeerling. Gentech heeft bijvoorbeeld Mark Lynas; eerst anti-gentechactivist en nu prominent voorstander van genetische technieken. Het levert een aantrekkelijk verhaal op: ze zijn altijd net iets strenger in de leer en een kop met ‘why I changed my mind‘ garandeert veel clicks. Wat opvalt: na de grote ommezwaai zijn ze vaak net zo twijfelloos als daarvoor. Dat betekent niet dat het onoprecht is. Noem me naïef, maar volgens mij is het meeste geen theater. Misschien geloof ik ze omdat ik regelmatig dezelfde stijl van debatteren hanteer, en die komt direct voort uit mijn eigen stijl van denken. Leren door te botsen, de grenzen opzoeken en zo nu en dan het roer omgooien.

Zowel Shellenberger als Lynas zijn ambassadeurs van de ecomodernistische beweging. Ik schaar mijn eigen inzichten over voedselproductie daar ook onder. Ecomodernisten hebben een soort Rutteiaans positivisme over zich: techniek is gaaf en gaat de wereld redden en iedereen die het daarmee oneens is, is bang of onwetenschappelijk of beide. De argumenten leunen zwaar op wetenschappelijke inzichten. Bijvoorbeeld dat kernenergie weliswaar een grote investering vergt, maar daarna goedkoop en relatief veilig is. ‘Fukushima’ leverde één dode op, terwijl de aardbeving die aan de kernramp vooraf ging en de vloedgolf die volgde, bijna 20.000 doden tot gevolg hadden.

Nu is (door mensen veroorzaakte) klimaatverandering constateren een tamelijk wetenschappelijke exercitie. Je moet wel heel erg met je ogen knijpen wil je iets anders zien. Maar wat we daar vervolgens mee moeten, is voer voor prachtig debat. En iedereen draagt zijn steentje bij. Vegetarische fietsers wijzen vooral op de vervuiling van vlees eten en autorijden. Kinderlozen wijzen op de dramatische gevolgen van voortplanting. Thuisblijvers schreeuwen om vliegtax. En de nieuwe generatie individualisten wil vooral alles zelf zelf zelf doen. De gasaansluiting loskoppelen en als een mini-Shell driftig in de grond de warmte oppompen. Met goudvissenpoep uit je aquarium je moestuin bemesten.

Gelukkig regeert ‘de wetenschap’ niet en mag iedereen van zijn eigen optimale energiemix dromen – en deels zelf uitvoeren. In praktijk komt de collectieve aanpassing neer op een allegaartje van nogal toevallige maatregelen gebaseerd op lokale idealen, voorkeuren, geschiedenis, angsten, gevoeligheden; weinig wetenschap in te ontdekken. Ons enthousiasme voor wind op zee verraadt een oerhollandse Michiel de Ruyter-achtige maritieme trots en bijbehorende kennis en technologie. Zit het op een dag tegen, dan mogen we vast even gebruiken maken van het verlengsnoer richting België en Frankrijk; gasloze landen waar de bevolking meer gewend is aan het idee van kerncentrales.

In dit soort verhitte discussies zijn het niet de cijfers die botsen. Hier botsen wereldbeelden, idealen, dromen, verlangens en emoties. Mits die enigszins binnen de kaders van de realiteit blijven, is het volkomen legitiem om daarop te varen. Maar het helpt wel als mensen als Shellenberger en ecomodernisten dat toegeven. Zoals wetenschappers vaak verplicht zijn om hun competing interests te tonen, zouden auteurs standaard inzage moeten geven in hun competing ideals. Een soort Kahnemann clausule (van het boek Thinking Fast and Slow): „Mijn snelle brein had allang besloten dat dit de enige juiste oplossing is voor het klimaatprobleem. Mijn langzame brein vond de bijbehorende cijfers en studies.”

Dan zouden we bijvoorbeeld kunnen concluderen dat Shellenberger nog steeds net zo irrationeel is als zijn opponenten en als de jongere anti-kernenergie versie van zichzelf. Dat maakt zijn betoog absoluut niet minder geloofwaardig. Het maakt het des te interessanter.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.
    • Rosanne Hertzberger