Hoogleraar: spoorvernieuwing in Nederland gaat veel te traag

Spoor Nederland toont te weinig ambitie met digitalisering en modernisering van het spoor. Daarmee gaat de beste optie om meer treinen te laten rijden verloren.

Dubbele spoorverbinding op het traject Amsterdam-Utrecht. De treinen op dit traject worden langer, zodat meer mensen kunnen zitten. Het is een van de weinige baanvakken in Nederland met ERTMS. Foto Gerald van Daalen

Nederland werkt niet hard genoeg aan modernisering van het spoor. De invoering van een Europese standaard voor digitale besturing en beveiliging van treinen duurt veel te lang.

Dat zegt Rob Goverde deze vrijdag in zijn oratie als hoogleraar Railway Traffic Operations & Management aan de TU Delft. In zijn rede Waar gaan we heen met de trein? waarschuwt Goverde dat Nederland door trage invoering van ERTMS (European Rail Traffic Management System) de verwachte reizigersgroei op het spoor niet kan opvangen en de aansluiting met de rest van Europa dreigt te missen.

De overschakeling naar ERTMS is voor Europese landen een grote operatie. Invoering kost miljarden euro’s. Dankzij de nieuwe standaard, met voorzieningen die in zowel spoor als trein moeten worden ingebouwd, worden veiligheid en betrouwbaarheid verbeterd. De capaciteit gaat omhoog omdat treinen korter achter elkaar kunnen rijden. Internationale goederen- en hogesnelheidstreinen hoeven bij grenzen niet meer van systeem te wisselen.

Nederland begon voortvarend, vertelt Goverde in een telefonische toelichting. De eerste versie van ERTMS was beschikbaar in 2000, twee jaar later waren er al proeftrajecten in Nederland. De Betuweroute en de hogesnelheidslijn tussen Amsterdam en de Belgische grens zijn voorzien. In 2012 volgden de Hanzelijn en het traject Amsterdam-Utrecht.

Goverde: „In 2012 besloot de regering dat ook de rest van Nederland over zou gaan op ERTMS. Dat werd echter een groot project met weinig vaart. Er zijn nu zeven nieuwe baanvakken aangewezen, het eerste daarvan is pas klaar in 2026. Dat is veertien jaar na het besluit om het in te voeren. Ik snap niet waarom dat zo lang moet duren.”

Deze week werd een trainingscentrum voor ERTMS in Amersfoort geopend. Alle treinen zijn in 2023 voorzien van het systeem. Goverde: „Mooi, maar zonder aangepast spoor heb je daar niets aan, het gaat om de wisselwerking tussen spoor en trein. Essentieel is ook de koppeling met verkeersmanagementsystemen en automatische treinbesturing. Die drie zaken zijn nu gescheiden werelden, ze moeten in samenhang worden ontwikkeld.”

Goverde voorziet vooral capaciteitsproblemen voor reizigerstreinen. De Europese Commissie streeft naar efficiënte goederencorridors door heel Europa en dringt er bij de lidstaten op aan om dat eerst in orde te maken. Nederland voldoet aan die Europese verplichting.

De grote stations worden voorlopig overgeslagen. Treinen moeten daar nog lange tijd terugschakelen naar het bestaande systeem, Automatische treinbeïnvloeding (ATB). Een gemiste kans, volgens Goverde. „De groei van de komende decennia zit vooral in het personenvervoer en stations zijn de knelpunten. Spoor is essentieel voor duurzame mobiliteit, en meer capaciteit is noodzakelijk om de sterke groei van het aantal reizigers op te vangen. ERTMS biedt daar de mogelijkheden voor, maar die blijven onbenut.”

Lees ook wat ProRail aan de drukte op spoor wil doen

ProRail en NS willen ook meer vaart maken. De vertraging is politiek van aard: bewindslieden en Kamerleden schrikken terug voor de enorme kosten. Voor invoering van ERTMS is 2,4 miljard euro beschikbaar tot 2030, mogelijk is 7 miljard euro nodig tot 2050. Private partijen moeten bijdragen. Na instemming van de Tweede Kamer kan de aanbesteding volgend jaar beginnen. Goverde: „Het gaat om veel geld, maar de eerste stap naar modernisering van het spoor moet echt zo snel mogelijk worden gezet.”

    • Mark Duursma