Minister Dekker: burger krijgt niet meer vanzelfsprekend rechtsbijstand

Herziening stelsel Een gang naar de rechter lost de problemen van mensen onvoldoende op, vindt minister Dekker. Hij wil minder geld voor advocaten en meer voor andere hulpverleners.

Minister Sander Dekker Foto Bart Maat / ANP

Het stelsel van rechtsbijstand gaat flink op de schop. De vanzelfsprekendheid dat mensen voor juridische problemen rechtsbijstand kunnen krijgen om naar de rechter te gaan, verdwijnt. Mensen moeten voortaan meer zélf hun problemen oplossen, desnoods begeleid door maatschappelijk werkers, mediators of juristen. Pas daarna komen ze eventueel in aanmerking voor rechtsbijstand.

Dat is de kern van de plannen die minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) vrijdag presenteerde voor een „modernisering” van de rechtsbijstand. Die is volgens hem nodig omdat juridische procedures nu te weinig problemen van mensen zouden oplossen. Ook moet de groei van het aantal zaken dat via de rechtsbijstand wordt vergoed, worden ingeperkt: de kosten (nu 400 miljoen euro per jaar) zouden te hoog worden.

Mensen moeten in het nieuwe stelsel eerst zelf op zoek naar een oplossing. „Zelfredzame” burgers kunnen online terecht, op gespecialiseerde websites die hen daarbij met voorbeeldbrieven en adviezen moeten helpen. Minder zelfredzame burgers moeten ook bij spreekuren in hun wijk terecht kunnen. Daar moeten maatschappelijk werkers en juristen hen adviseren over mogelijke oplossingen.

Als mensen er zelf niet uitkomen, kunnen ze bij een nieuw op te richten „onafhankelijke instantie” aankloppen met een verzoek om rechtsbijstand. Een soort „huisarts”, aldus Dekker, die met mensen gaat kijken naar welke specialist ze doorverwezen moeten worden en voor welke prijs.

Er komen zogeheten ‘rechtshulppakketten’ die verzekeraars, advocaten en mediators moeten gaan aanbieden en die mensen kunnen inkopen. Lage inkomens krijgen daarvoor een vergoeding van de overheid; hogere inkomens moeten zelf alles betalen. In die pakketten moet duidelijk zijn welke hulp mensen krijgen en hoeveel ze daarvoor zelf moeten betalen. De nieuwe instantie beslist dan ook of mensen daarbij financiële hulp van de overheid krijgen.

Juridische hulp moet in het nieuwe stelsel minder vanzelfsprekend worden. Een gang naar de rechter kán een oplossing zijn, maar ook mediation of financiële of psychische hulpverlening. Dat moet bijdragen aan het oplossen van onderliggende problemen van mensen.

De rol van advocaten wordt in het nieuwe stelsel kleiner. Ze worden als het ware een van de mogelijke hulpverleners bij een (juridisch) conflict, niet meer de vanzelfsprekende. In het strafrecht, bij asielzaken en bij gedwongen opnames blijven advocaten wel standaard een rol spelen. Ook worden advocaten in het nieuwe stelsel niet meer betaald voor het aantal procedures dat ze voeren, maar op basis van de „oplossingen” – bijvoorbeeld succesvolle mediation. De vergoedingen daarvoor gaan waarschijnlijk wel omhoog, aldus Dekker in een brief aan de Tweede Kamer.

De ingreep van Dekker in de rechtsbijstand volgt na jaren van onderzoeken en discussies. Vorig jaar concludeerde de commissie-Van der Meer, de derde commissie in 10 jaar tijd, dat het stelsel van rechtsbijstand goed functioneert, maar wel aan „achterstallig onderhoud” leed. Advocaten krijgen nu namelijk zo’n 28 procent van de uren die ze werken aan zaken in de rechtsbijstand niet betaald. Om toch aan dat „redelijke inkomen” te voldoen, was volgens de commissie jaarlijks 127 miljoen euro extra nodig.

Te veel, vond Dekker, en ook het nieuwe stelsel mag niet meer gaan kosten dan de 400 miljoen euro die er nu jaarlijks naar de rechtsbijstand gaat. Van een bezuiniging is daarentegen ook geen sprake, aldus Dekker in zijn brief.

Dekker zet al langer in op meer juridische zelfredzaamheid van burgers en het minder juridisch maken van conflicten. De stap naar de rechter moet een laatste mogelijkheid zijn, omdat een gerechtelijke uitspraak te weinig de onderliggende oorzaken van een probleem zou oplossen. Daarom lopen er momenteel experimenten met zogeheten ‘buurtrechters’ en ‘spreekuurrechters’, die in plaats van het doen van een harde uitspraak meer samenwerken met buurtwerkers en maatschappelijke organisaties om problemen van mensen op te lossen.

    • Mark Lievisse Adriaanse