Olivetti bouwde ‘de mooiste straat ter wereld’

Kunst op reis Waar leefden kunstenaars? Op reis naar de plekken waar zij hun stempel drukten. Deze week de industrieel/ stedenbouwer Adriano Olivetti in Ivrea.

Foto’s Getty Images, Hollandse Hoogte

Op weinig plekken in Europa is de doorbraak van het modernisme in de architectuur zo mooi te zien als in de Via Jervis in het Noord-Italiaanse stadje Ivrea. De „mooiste straat ter wereld”, zoals Le Corbusier – dé architect van de twintigste eeuw – de Via Jervis doopte, begint bescheiden met een onopvallend bakstenen gebouw waarin Camillo Olivetti in 1908 de eerste typemachinefabriek in Italië begon. Maar pal ernaast staat de uitbreiding van de Olivetti-fabriek uit 1934: een strak, modernistisch gebouw met buitengewoon lange strookramen en een loopbrug naar de oude fabriek. Even verderop in de straat staat deel drie van de Olivetti-fabriek, een meer dan honderd meter lange doos uit 1939 met een spectaculaire, geheel glazen gevel.

Opdrachtgever van de nieuwe fabrieken was Adriano Olivetti (1901-1960). Begin jaren dertig was hij zijn vader opgevolgd als leider van het familiebedrijf. Eerder had de oude Olivetti zijn zoon naar de Verenigde Staten gestuurd om onder meer de fabrieken van architect Albert Kahn in autostad Detroit te bestuderen.

Terug in Ivrea ontpopte Adriano Olivetti zich tot het soort verlichte, kunstminnende ondernemers dat in het tijdperk van het neoliberalisme is uitgestorven. Anders dan bijvoorbeeld Jeff Bezos van Amazon betaalde hij zijn arbeiders niet minder dan gemiddeld maar juist meer. Bovendien was hij een stedenbouwer die van Ivrea de ideale industriestad vol licht, lucht en ruimte wilde maken. Hiervoor nam hij Luigi Figini (1903-1984) en Gino Pollini (1903-1991) in dienst, twee jonge en briljante aanhangers van het razionalismo, de Italiaanse variant van het Nieuwe Bouwen.

Vluchten naar Zwitserland

Figini & Pollini ontwierpen niet alleen de twee modernistische uitbreidingen van de Olivetti-fabrieken, maar ook een naburige woonwijk met arbeidersflats en ruime tuinen waar de Olivetti-arbeiders hun eigen groente en fruit konden telen.

Zelf bleef Olivetti op enige afstand van de fabrieken wonen in het grote familiehuis op een heuvel, de Monte Navale, tot hij, als tegenstander van het fascistische bewind in Italië, in 1944 na een gevangenschap vluchtte naar Zwitserland.

Na de Tweede Wereldoorlog keerde Adriano Olivetti terug naar Ivrea en zette hij zijn werk voort. Niet alleen maakte hij van Olivetti een van de grootste en bekendste Italiaanse bedrijven dat werd bewonderd om de vormgeving van typemachines en andere producten, maar ook ging hij verder met de herstructurering van Ivrea. Voor de cultuur- en ontspanningscentra, woningen, kantoren die Olivetti niet alleen vlakbij de fabrieken, maar ook elders in Ivrea liet bouwen, trok hij architecten van naam aan, zoals Ignazio Gardella.

Ook na Adriano Olivetti’s plotselinge dood in 1960 bleef zijn bedrijf doorbouwen aan zijn droom. Zo verscheen niet ver van de ‘mooiste straat ter wereld’ omstreeks 1970 ‘Talponia’, een complex met 82 ondergrondse woningen achter een ronde glazen gevel van 300 meter lang. Pas in de jaren 90, toen het digitale tijdperk en Olivetti’s neergang begonnen, kwam Ivrea’s bouw tot stilstand.

Stad in verval

Twintig jaar later is Olivetti’s stad in verval. De glazen fabrieken doen dienst als medisch centrum of kantoor en veel gebouwen, zoals het voormalige studiecentrum met zijn mooie gevels van geglazuurde, blauwe bakstenen, staan zelfs leeg.

Maar ook in verval was het hart van Olivetti-stad, de Via Jervis en omgeving, in 2001 bijzonder genoeg om er een officieel openluchtmuseum voor architectuur van te maken. MAAM, zoals het museum is gedoopt, is een wandeling van twee kilometer langs Olivetti-gebouwen waar op zeven punten grote borden in tekst en beeld de bouw van de ideale industriestad uitgebreid toelichten. Veel bezoekers trekt het museum nog niet, bleek op een hete augustusdag afgelopen zomer. Maar misschien gaat dit veranderen nu dit jaar de città industriale van Olivetti op de werelderfgoedlijst van Unesco geplaatst.

MAAM/MAM: mamivrea.it
    • Bernard Hulsman