Lesgeven in twee vakken tegelijk

Onderwijs De Onderwijsraad heeft onorthodoxe ideeën om het lerarentekort te bestrijden. Leraren zelf zijn bezorgd.

Foto Kees van de Veen

Kan een leraar aan het voortgezet onderwijs beter twee vakken tegelijk geven in plaats van zich alleen in bijvoorbeeld Nederlands of wiskunde te specialiseren? Dat vragen leraren zich af naar aanleiding van het advies van de Onderwijsraad Ruim Baan voor de Leraar, dat woensdag werd uitgebracht. Multi-inzetbaarheid zou een uitkomst zijn om het groeiende lerarentekort te bestrijden. Leraren zouden gemakkelijker kunnen overstappen op schaarse vakken of op een ander schooltype, van primair naar voortgezet of omgekeerd. „Meer mogelijkheden tot mobiliteit zorgen voor een aantrekkelijker beroep en bieden daarnaast meer mogelijkheden om lerarentekorten beter aan te pakken”, aldus de raad. Voor iedere leraar vormen de didactische en pedagogische vaardigheden de basis van het beroep, samen met de kennis die nodig is voor het schoolvak, aldus de raad.

Zorgelijk stuk

Onder leraren en onderwijsorganisaties lopen de meningen uiteen of dat zo is. Sommige leraren maken zich zorgen over achteruitgang van hun vak, anderen verheugen zich in de nieuwe mogelijkheden. „Dit gaat niet over onderwijs maar over loopbanen. Vanuit het onderwijs vind ik het een zorgelijk stuk. Ik zie dat de vakopleiding en de vakinhoud een stuk minder aandacht krijgen dan nu het geval is”, zegt Ebrina Smallegange, wiskundeleraar aan een vmbo en voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Wiskundeleraren. Zij vindt dat er te weinig aandacht wordt besteed aan de opleiding in andere vakken en dat er te veel aan de scholen wordt overgelaten. „Als je het vak wiskunde beheerst, kun je nog niet meteen een klas een uur bezighouden met de drie verschijningsvormen van water. Dat is een kunst apart”, vindt Smallegange.

Peuters en kleuters

„Twee vakken tegelijk vind ik lastig. Ze zeggen weleens dat je met een brede opleiding taaldocent met specialisatie Duits ook Engels kunt geven. Zo werkt het niet”, zegt Amber Walraven, universitair docent aan de lerarenopleiding van de Radboud Universiteit in Nijmegen.

De Raad wil ook dat scholen anders worden opgeknipt. Docenten kunnen zich specialiseren in verschillende leeftijdsgroepen: peuters en kleuters tot en met groep 2, kinderen op het basisonderwijs, tieners van 10 tot 14 of de groep daarboven. Hoe hoger de klas, des te gespecialiseerder de docent. Een docent in de onderbouw van het voortgezet onderwijs kan dan ook lesgeven aan de basisschool. Maar Smallegange en Walraven vinden dat een docent in de onderbouw ook moet weten wat er in de bovenbouw wordt gedoceerd en hoe het eindexamen eruit gaat zien.

Er zijn ook optimistische stemmen. De voorzitter van de Algemene Onderwijsbond, Liesbeth Verheggen, vindt volgens een bericht op de bondssite één CAO voor alle leraren „een interessante gedachte”. Het zou een dure gedachte kunnen zijn, omdat basisschoolleraren nu een aanzienlijk lager inkomen hebben dan leraren aan het voortgezet onderwijs.

Eva Naaijkens, schoolleider van de Alan Turingschool in Amsterdam, is enthousiast over het advies. Op haar basisschool wordt precies gedaan wat er wordt voorgeschreven: er zijn specialisten die één vak, zoals lezen, coördineren. Tegelijk geven ze ‘gewoon’ les. „Het loopt als een tierelier”, zegt ze.

Nationale invoering van dit stelsel is nog niet meteen aanstaande. De adviezen van de Onderwijsraad lenen zich vaak niet voor directe uitvoering. Daar zijn het ministerie en de Tweede Kamer voor. Ze hebben wel grote invloed op het onderwijs op de lange termijn. Zo ging een advies van de Onderwijsraad uit 2014 over „een eigentijds curriculum” vooraf aan de huidige overheidsroute tot curriculumvernieuwing.

Pedro De Bruyckere, docent onderwijskunde aan de Arteveldehogeschool in Gent, ziet ook dat de raad het „vakoverstijgende element gemakkelijker maakt”. Hiermee wordt bedoeld dat een leraar meerdere gerelateerde vakken tegelijk geeft, bijvoorbeeld scheikunde en natuurkunde. De Tweede Kamer heeft dit vorig jaar willen beperken, maar nu komt de Onderwijsraad toch weer met het idee.

Vlaanderen

De raad verwijst onder andere naar Vlaanderen, waar docenten al langer in meerdere vakken lesgeven en het onderwijs op een hoog peil staat. Maar het lerarentekort is er in Vlaanderen niet mee opgelost, zegt De Bruyckere. „We hebben binnenkort een even groot probleem als in Nederland. We komen straks tussen 12.000 en 20.000 leraren tekort. Er komt een gemeenschappelijke Vlaams-Nederlandse taskforce om het aan te pakken”, zegt hij. „Achter het advies zit een visie op het onderwijs. Ze promoten tienerscholen, een nieuw tussenschot als alternatieve middenschool. Dat woord mag je in Nederland niet meer gebruiken. Ik heb de indruk dat het voorstel meer gericht is op verandering van het onderwijs dan dat het per se het lerarentekort oplost.”

    • Maarten Huygen