Vogels danken gekleurde eieren aan dinovoorouders

Evolutie

Net als bij vogels waren de eierschalen van tweevoetige roofdino’s vaak gekleurd en gevlekt, mogelijk om eierroof te voorkomen.

Kievitseieren in Rusland. Foto Vladimsu / Getty Images/ iStockphoto

Blauwgroen voor de merel, lichtbruin voor de kip, zwartgespikkeld voor de kievit: vogeleieren hebben uiteenlopende kleuren en patronen. Dat onderscheidt ze van reptieleneieren – die hebben steevast een witte schaal. Toch is de gekleurde eierschaal geen ‘vogelinnovatie’, schrijven drie biologen in Nature. Vorig jaar publiceerde hoofdonderzoeker Jasmina Wiemann van de Amerikaanse universiteit Yale in Peer J al een artikel waarin ze vaststelde dat dinosauriërs miljoenen jaren geleden óók roodbruine en blauwgroene eieren legden. Dat leidde tot de vraag of huidige vogels hun gekleurde eierschalen danken aan hun dinovoorouders of dat eierkleur tweemaal apart is geëvolueerd.

Daartoe bestudeerde Wiemann nu samen met twee collega’s negentien eierschalen, deels afkomstig van belangrijke dinosauriërs uit het Mesozoïcum (252 tot 65 miljoen jaar geleden), deels afkomstig van hun huidige nog levende verwanten, zoals de kip en de alligator. Met behulp van microspectroscopie stelden ze vast dat in alle eierschalen van dinosauriërs die tot de ‘eumaniraptora’ gerekend worden pigment aanwezig is. Die eumaniraptora behoren tot de theropoden, een belangrijke groep van voornamelijk gevederde, vleesetende, tweepotige dinosauriërs. Ook de huidige vogels zijn eumaniraptora. Dat betekent dat alle gekleurde eieren een gemeenschappelijke evolutie kennen. In de eierschalen van dino’s die niet tot de theropoden behoorden (sauropoden bijvoorbeeld, zoals de ‘langnekdino’ diplodocus) ontbraken kleuren.

In de dino-eierschalen zaten twee soorten pigment, net als in vogeleierschalen: het roodbruine protoporfyrine (dat zich in de buitenste waslaag bevindt) en het blauwgroene biliverdine (dat dieper de schaal binnendringt). De fossiele eieren waren niet egaal van kleur, maar gespikkeld of gevlekt (dankzij de protoporfyrine).

Bij vogels wordt verondersteld dat kleuren en vlekken het resultaat zijn van interactie met roofdieren: de vlekken zouden ervoor zorgen dat de eieren minder opvallen. Ook kunnen de vlekken ervoor zorgen dat oudervogels ‘vreemde’ eieren in hun nest bijtijds herkennen. Zo kunnen ze voorkomen dat ze per ongeluk eieren van parasitaire vogelsoorten (zoals de koekoek) uitbroeden en andermans jongen grootbrengen.

Mogelijk hadden de dino’s ook last van eierrovers en broedparasieten en leidde dat tot de gekleurde eierschalen, schrijven de onderzoekers.

    • Gemma Venhuizen