Vergoeding raadsleden kleine gemeenten fors omhoog

De vergoedingen voor raadsleden in kleine gemeenten wordt gelijkgetrokken met die in gemeenten tot 40.000 inwoners. In sommige gevallen verviervoudigt de vergoeding.

Een raadsvergadering in de gemeente Ubbergen, die inmiddels gefuseerd is. Foto Flip Franssen/Hollandse Hoogte

De regering gaat de vergoeding voor gemeenteraadsleden in kleine gemeenten verhogen. Dat schrijft minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren (D66) maandag in een brief aan de Tweede Kamer.

Door de maatregel wordt de vergoeding voor raadsleden in kleine gemeenten (tot 24.000 inwoners) gelijkgetrokken met die van gemeenten tot 40.000 inwoners. De verhoging zal van toepassing zijn op 2.442 raadsleden uit 147 gemeenten, schrijft Ollongren. De vergoeding voor deze gemeenteraadsleden lag voorheen tussen de 210 en 618 euro. De nieuwe vergoeding, die met terugwerkende kracht vanaf het moment van aantreden zal gelden, bedraagt 959 euro per maand.

Ollongren trekt voor de maatregel eenmalig 10 miljoen euro uit, om de gemeentebegrotingen van 2018 te compenseren. De structurele kosten zullen worden gedragen door het Gemeentefonds. “Raadsleden vervullen een cruciale rol in onze lokale democratie,” schrijft Ollongren. „Zij verdienen erkenning, een goede toerusting en een passende raadsvergoeding.”

Lees ook: Raadsleden moeten leken blijven met gewone baan

Gemiddeld besteden raadsleden zo’n 16 uur per week aan hun raadswerk, waar 8 tot 12 uur per week het advies is. De meesten hebben hiernaast betaald werk, schrijft de minister. Daarnaast krijgen gemeenten door decentralisaties steeds meer taken erbij, zoals de invoering van de Omgevingswet vanaf 2021. „Goede raadsleden zijn om die reden extra belangrijk geworden”, stelt Ollongren.

De vergoeding voor raadsleden in kleinere gemeenten is al langer onderwerp van discussie. In maart dit jaar adviseerde de Raad voor het Openbaar Bestuur al om de vergoedingen op te hogen. Tegelijkertijd adviseerde de Raad ook om de vergoedingen in grotere steden (met meer dan 100.000 inwoners) geleidelijk te verlagen. Het is nog onduidelijk wat het kabinet met dit voorstel doet.

    • Rik Wassens