Opinie

    • Rosanne Hertzberger

Mijn kind weet niet wat e-mail is

Ik heb mijn oudste zoon, 2,5 jaar, afgelopen week uitgelegd wat e-mail is. Kennelijk was e-mail nooit naar voren gekomen in onze verhalen en ook niet in de tientallen boekjes die de revue passeerden. Het is een opvallend hiaat in zijn toch best uitgebreide kennis over hoe wij grote mensen zoal met elkaar kunnen communiceren. Als baby leerde hij al omgaan met een draaischijftelefoon. Hij weet heel goed hoe je brieven schrijft, postzegels plakt en op de bus doet. Maar e-mail?

Volgens mij zijn we niet de enige. Moderne millennial-ouders vinden het belangrijk om kinderen zo lang mogelijk onwetend te houden op digitaal vlak. Tijdens de rondleidingen op de basisschool zijn we gerustgesteld als we telramen zien en prittstiften en etuis vol schrijfgerei, want o wee, straks weten ze niet hoe ze een pen moeten vasthouden. We informeren bezorgd naar hoelang de scholieren zoal op iPad of Chromebook werken per dag. Meer dan een uur? Twee uur? Vervolgens racen we naar huis om de rest van de dag achter onze schermen door te brengen. Als ik een pen zoek vind ik hem altijd in de speelhoek.

De aversie tegen schermen in moderne huishoudens is deels gedreven door terechte zorg over het welzijn van de kinderen. Iedereen weet dat er flink gepest wordt op sociale media. In Amerika halen jongeren tegenwoordig later hun rijbewijs, drinken ze minder en verliezen later hun maagdelijkheid, omdat ze dag in dag uit alleen op hun kamer aan hun telefoon gekluisterd zitten. Hun sociale levens zijn nogal armoedig en hun mentale gezondheid navenant. Nederlandse oogartsen luiden ondertussen de noodklok over het gezichtsvermogen van een nieuwe generatie. Dat holt achteruit: te veel schermpjes en te weinig buiten spelen.

Kortom, er is terecht reden tot zorg. We hebben het schermpje net iets te enthousiast omarmd in onze huishoudens. We moeten ze nu nodig een plaats geven waar ze louter een dienende rol spelen, en geen dominerende. Kwestie van nieuwe regels en etiquette; het duurt even voordat dat inslijt.

Maar soms verbannen we het scherm nogal fanatiek uit ons leven, zo fanatiek, dat er meer aan de hand lijkt. Er gaat welhaast een soort zelfhaat achter schuil. We hebben een dusdanige weerzin van onze eigen schermafhankelijkheid, dat we uit alle macht proberen te voorkomen dat onze kinderen ook zo worden. De boekjes van mijn zoon gaan vaak over de goede oude tijd van vóór de duivelse smartphone. Een wereld waar moeder in de keuken staat, waar er een stoomfluit klinkt als de trein vertrekt, waar neushoorns op de Afrikaanse savanne grazen en de postbode de brieven komt bezorgen.

Maar er is nog een reden voor een serieus gevecht tegen de schermen in het huis. Want een zekere vorm van digibetisme is ook gewoon bon ton aan het worden. Een beetje gecultiveerd gezin schept op over hoe weinig ze hun smartphone wel niet gebruiken en hoe ze hun kinderen louter met brooddeeg en blokken van onbewerkt hout laten spelen. Vroeger kon je rijke kinderen herkennen aan hun kennis over zinloze zaken als kamermuziek en Latijn. „Marcus et Cornelia in horto ambulant” is nog steeds een soort geheime code die in bepaalde kringen deuren opent. Wie vandaag de dag enigszins geloofwaardig mee wil komen heeft nieuwe nutteloze vaardigheden nodig. Groente telen op een balkon, het verschil kennen tussen een HB en een 2H potlood. Afwezigheid op sociale media en een oude domme telefoon in je tas zijn een nieuw teken van klasse.

Ik vind het overdreven, ons pessimisme over de schermpjes in ons leven. En misschien leidt het er wel toe dat onze kinderen het straks als een enorm gevaar beschouwen in plaats van geweldig gereedschap dat, mits met mate en op verstandige manier gebruikt, nogal waardevolle en nuttige vaardigheden voor de toekomst oplevert.

Ik zie kansen in de komende decembermaand. Want hoezeer ik ook hecht aan het gezichtsvermogen van mijn kinderen, ik hoop tegelijkertijd dat ze hun klasgenoten straks helemaal de moeder programmeren. Mijn zoon krijgt geen autootje en geen schep. Hij krijgt een computer van Sinterklaas.

Rosanne Hertzberger is microbioloog
    • Rosanne Hertzberger