Brieven

Brieven 2/11/2018

Sinterklaas

Dáág Zwarte Piet

Rond 2012 begon de landelijke campagne tegen Zwarte Piet. In mijn naïviteit dacht ik dat die figuur direct zou verdwijnen. Zodat alle Nederlanders gezellig Sinterklaas zouden kunnen vieren. Lootjes trekken, surprises maken, gedichten schrijven

en je schoen zetten, wat een grappig feest is het toch.

Maar nee, uit pure domheid werd een vriendelijk verzoek uitgelegd als aanval op het feest zelf. In die tijd was er ook een reclame op televisie waarin een jogger nog even snel een dichte spoorwegovergang over rende. De machinisten van de NS protesteerden en binnen een week was het spotje van de buis. Een kwestie van fatsoen, voortschrijdend inzicht en rekening houden met elkaar.

Want dat konden we ons wel voorstellen, dat het niet zo leuk is als het bloed tegen je ramen spat. Dat het niet zo leuk is voortdurend met een dommige knecht te worden vergeleken drie weken per jaar begrijpen we niet? Vroeger zeiden we Koninginnedag en het was even wennen maar nu zeggen we Koningsdag.

Dag Sinterklaasje,

Daag,

Daag

Groene Piet

Is dat nou zo moeilijk?


via nrc.nl

Wagner

Nazisme kwam later

In de uitgave van 3 oktober schrijft Marijn Lems een stuk over de Wagner-bewerking van een theatergroep (Wagner-bewerking van De Hotshop mist gelaagdheid). Hij gaat daarbij uit van „Wagners nazi-sympathieën”. Mag ik de redactie en de schrijver eraan herinneren dat er een slordige halve eeuw tijd verging tussen de dood van de componist en het nazisme? En vooral dat niet dat laatste, maar Wagners leven en dood eerst komt? Lems zet mensen door het schrijven van onwaarheden op het verkeerde spoor.


vml. vice-voorzitter Wagnervereniging Leipzig

Medicijnen

Het kan anders

De weerzin tegen de griepprik en tegen veel medicijnen wordt mede veroorzaakt doordat het vertrouwen in de farmaceutische industrie zoek is geraakt (De griepprik werkt niet best, maar iets beters is er niet, 19/10). Vandaar de misschien onverwachte vraag of we die industrieën nog wel nodig hebben. Wat mij betreft luidt het antwoord neen.

Laten we een gedachtenexperiment uitvoeren. Om aan geneesmiddelen te komen voor nieuwe ziektebeelden is onderzoek vereist. Dat onderzoek kan verricht worden door universitaire of door onafhankelijke onderzoeksinstituten. Voor de financiering daarvan stellen we onderzoeksfondsen in die gevoed worden met publieke middelen. Onafhankelijke commissies, bestaande uit mensen uit de medische wereld en uit de samenleving, beslissen voor welke ziektebeelden gelden aangewend worden voor onderzoek en welke instelling(en) dat gaan uitvoeren. Alle kennis die voortkomt uit zulk onderzoek is openbaar en vrij beschikbaar, dus ook de mislukkingen want die bergen vaak veel nuttige informatie in zich. Vervolgens kunnen diverse bedrijven aan de slag gaan om de medicijnen te produceren. Dat betekent dat medicijnen voortaan voor een normale prijs in de apotheek beschikbaar komen. In die prijs zit een opcent verwerkt die bestemd is om de boven genoemde fondsen voor onderzoek naar nieuwe medicijnen mee te vullen. We slaan dus meerdere vliegen in één klap. De gezondheidszorg wordt beter betaalbaar. Alle kennis die nodig is om medicijnen te ontwikkelen is niet meer omgeven door patenten en brengt die kennis weer terug van privaat naar publiek bezit. Er worden medicijnen ontwikkeld waar we vanuit de medische wereld en vanuit de samenleving zelf toe besloten hebben. En, als we niet meer overspoeld worden door marketing voor medicijnen – wat het huidige wantrouwen voedt –, dan kan er in de samenleving een open en meer op feiten gebaseerd gesprek gevoerd worden over nut en onnut van bepaalde medicijnen.


medeauteur van De macht van de megaonderneming. Naar een rechtvaardige internationale economie.

    • Joost Smiers
    • Rayke Verhoeven
    • Peter de Bourgraaf