Stef Blok in Afrika - de dominee en de koopman zijn terug

Buitenlandse Zaken Minister Stef Blok bezocht afgelopen week Nigeria, Niger en Tunesië. Een reis langs de migratieroute.

Minister Blok brengt een bezoek aan een moskee in Agadez in Niger. Foto Koen van Weel/ANP

Maandag 29 oktober: Rotterdam airport

Stef Blok is ‘world proof’. Diplomatenjargon voor: flink ingeënt. Op weg naar het regeringstoestel vertelt Blok dat hij de cocktail al in de eerste dagen van zijn ministerschap kreeg toegediend. Daar kan je lelijk ziek van worden. „Maar ik had nergens last van.” Behalve schone overhemden en een tien-koppige delegatie, heeft de minister ook een zwembroek bij zich. Eigenlijk is hij meer van het hardlopen. Zijn tanige postuur verraadt fanatisme. Maar in de vroege uurtjes rond rennen in Nigeria of Niger blijkt lastig, ook vanwege de veiligheid.

En dus zal er de drie daaropvolgende dagen elke ochtend gezwommen worden, zelfs in het met muggen bezaaide buitenzwembad van het Grand Hotel in Niamey. Een dag zonder sport is een dag niet geleefd.

Dinsdag 30 oktober: Abuja

Een Kerstman voor een knaak. Op een tv in het Nigeriaanse ministerie van Buitenlandse Zaken komt een reclame voorbij van een bedrijfje dat kerstmannen verhuurt. Het nieuws meldt dat het onrustig is in Abuja. Shi’ieten zijn slaags geraakt met de politie over de arrestatie van hun religieuze leider. Er vallen ruim tien doden.

Plotseling stuift iedereen de smalle trap van het ministerie af, een dollemansrun van acht verdiepingen. Bovenin het gebouw heeft Blok zojuist zijn ambtgenoot Geoffrey Onyeama ontmoet, maar het persmoment is beneden en er zijn maar twee liften. Blok toont zich tevreden. Hij heeft met Onyeama vrijuit kunnen praten over de voor Nederland cruciale thema’s: handel, veiligheid en migratie. Nederland gaat 1,3 miljoen euro uitgeven aan de reïntegratie van ex-strijders van terreurgroep Boko Haram. De ambassade in Abuja krijgt meer menskracht, om de intensivering van de economische relatie te begeleiden.

Europa heeft Nigeria herontdekt. Letterlijk: Macron, Merkel, May – een stoet aan EU-leiders bezocht het land recent. Uit welbegrepen eigenbelang: Nigeria is een belangrijk herkomstland voor migratie naar Europa, via buurland Niger. Veel slachtoffers van de mensensmokkel zijn afkomstig uit Nigeria. En hoewel er geen acute migratiecrisis meer is in de EU, is niemand erop gerust dat dit zo blijft. De bevolking hier groeit snel – in 2050 zijn er mogelijk 400 miljoen Nigerianen, een ruime verdubbeling. De economie groeit niet even snel mee en in de regio is veel instabiliteit.

Het is die potentieel gevaarlijke combinatie die Europa nu onschadelijk probeert te maken. Voor Blok gaat het om meer dan migratie alleen. „In een land van 200 miljoen inwoners zijn er ook gewoon kansen.” Nederland is nu de eerste handelspartner, maar er zijn kapers op de kust. De Britten zoeken door Brexit naar nieuwe partners. De Russen hebben een kolossaal ambassadecomplex neergezet in Abuja. De Chinezen azen op de Nigeriaanse olie.

Meer welvaart kan juist ook tot méér migratie leiden. Wie geld heeft, kan reizen. Maar daarover zegt Blok: dat zal wel. „Vanuit het oogpunt van menselijkheid is er simpelweg geen alternatief voor economische groei.”

Dinsdagmiddag: radio Amebo

Bless Ibrahim opent haar portefeuille, en toont een stapeltje verlopen Nederlandse verblijfskaarten. Zeventien jaar woonde de 37-jarige moeder van twee in Nederland, totdat ze in april 2016 werd uitgezet. Haar in Nederland geboren kinderen waren zes en zeven en zaten al op de basisschool. „Elke dag vragen ze me: waarom zijn we nu hier, mama?”

Blok is op bezoek bij Amebo, een door de internationale migratie-organisatie IOM gefinancierd radiostation dat waarschuwt tegen irreguliere migratie. De minister praat met terugkeerders en stuit op Bless Ibrahim. Ze vertelt over hoe de haar in Nederland beloofde baan – babysitter – een keihard leven in de illegaliteit bleek te zijn, en hoe haar pogingen om legaal te worden naar de uitgang leidden. En ze wordt almaar bozer. Wat kan Blok terugzeggen? Hij begint voorzichtig over de Nederlandse migratieregels. „Alleen mensen die vervolgd worden komen in aanmerking voor asiel.” Hij zegt ook: „Bedankt voor het delen van je verhaal.”

„Natuurlijk zoekt iedereen een beter leven”, zegt de minister even later in de radio-uitzending. „Maar de meeste mensen zoeken dat liever in hun eigen land.” De presentatoren knikken bevestigend, maar ze stellen ook de vraag die iedereen in Abuja lijkt te stellen: waarom zijn er zo weinig legale manieren om naar de EU te komen? Blok: „Er zijn veel landen waar behoefte is aan goed opgeleide mensen, verpleegsters, technici.” Dus? „Ik weet dat het een beetje grootvaderlijk klinkt, maar investeer in jezelf. En neem nóóit de gevaarlijke route naar Europa.”

In Abuja begon Bless Ibrahim een kapsalon. Maar het zit tegen. „Ik ben 17 jaar weggeweest. In de buurt zien ze ons als buitenstaanders, en dat is slecht voor de zaken.”

Foto’s Koen van Weel

Woensdag 31 oktober: Niamey

We leven nog. De avond daarvoor is de delegatie in colonne naar het vliegveld van Abuja gesjeesd, een wilde rit op pompende Nigeriaanse muziek. In de Nigerese hoofdstad Niamey is het ritme lomer, maar de wegen zijn slechter. Nou ja: niet vergeleken met die van Agadez, de uit leem opgetrokken woestijnstad waar diezelfde dag ook nog naar toe gevlogen wordt. Daar stuitert de colonne letterlijk door de straten. „Het idee is dat ik tijdens al die ritjesmails beantwoord of ministerraadstukken lees, maar op een gegeven moment zie ook ik groen”, zegt Blok aan het einde van de dag.

Aan het begin van de dag oogt iedereen nog fris. In Niamey opent Blok plechtig een nieuw ambassadekantoor. Na jaren van bezuinigingen op diplomatie geeft Nederland er weer 40 miljoen euro aan uit. De post in Niamey is het eerste concrete resultaat. Niger (21 miljoen inwoners) is zelf geen belangrijk herkomstland van migranten, maar het is wel een cruciaal transitland, temeer ook omdat het anders dan omringende landen relatief stabiel is. De EU ziet Niger als topprioriteit en wil meer dan een miljard euro aan het straatarme land besteden. Bloks bezoek wordt zeer gewaardeerd: tijdens de lunch schuiven maar liefst vijf Nigerese ministers en een staatssecretaris aan.

Onder druk van de Europese Unie werd Niger een opvangplek voor vluchtelingen. Lees ook de reportage: ‘Niger is de vuilnisbak van Europa’

Blok bezoekt de gouverneur in Agadez.

Foto Koen van Weel/ANP

Woensdagmiddag: Agadez

De Nederlandse delegatie heeft cadeaus bij zich, Delfts blauwe haringschalen en vazen. De diplomatieke mores schrijven voor dat je altijd iets voor elkaar bij je moet hebben. Doorgaans worden de presentjes discreet achter de schermen uitgewisseld, maar in Niger laten ze graag openlijk zien wat er cadeau wordt gedaan. In woestijnstad Agadez krijgen alle delegatieleden zelfs wat. Voor de hogere diplomaten een traditionele buidel voor geld of tabak, voor de mindere goden sandalen.

Verder valt in Agadez weinig te lachen. De jeugd zit massaal met de armen over elkaar sinds de mensensmokkel strikt verboden is verklaard. En in een IOM-kamp zitten honderden migranten die zijn achtergelaten in de woestijn en het na kunnen vertellen. „Dat we weg willen naar Europa is niet onze schuld”, zegt een van hen tegen Blok. „Kijk naar Niger zelf: dit land heeft uranium maar de elektriciteit werkt er niet. Dat is toch niet logisch?”

Donderdag 1 november: Tunis

Twee knoopjes van Bloks pak zitten wat los, de draadjes hangen alle kanten op. Op de ambassade in Tunis wordt snel gezocht naar een nagelschaartje, want de minister moet straks in sneltreinvaart naar de president, de regeringschef én de minister van Buitenlandse Zaken. Het programma voor vandaag is op Tunesisch verzoek sterk uitgebreid, want ook hier zien ze de Nederlanders graag komen. „Het lijkt soms”, zegt Blok, „alsof we een standaard lijstje afdraaien: dat Nederland veel te bieden heeft qua handel, water, logistiek, havens, landbouw en wat niet meer. Maar mijn gesprekspartners willen het daar doorgaans zélf over hebben.”

Waar ze het minder over willen hebben is migratie. De EU speelt met het idee om in Noord-Afrika ‘ontschepingsplatforms’ te creëren, zodat migranten die op zee worden opgepikt kunnen worden teruggebracht. Een beetje zoals de afspraken die in 2016 met Turkije werden gemaakt. Maar Bloks evenknie, minister Khemaies Jhinaoui, wil er niet aan. „Ik heb het al eens gezegd, en ik zal het nu weer zeggen: Tunesië zal zulke kampen nooit accepteren”, zegt hij tegen de pers. Wat hij wel wil: legale migratiekanalen voor Tunesische jongeren en meer buitenlandse investeringen. Kan het idee van ‘ontscheping’ op de vuilnisbelt? „Zo zou ik dat niet willen zeggen”, zegt Blok later. „Maar als je zulke platforms ooit nodig hebt, heb je een goede relatie nodig om daarover te kunnen praten. En dat is precies waarom ik nu hier ben.”

Lees verder over het Europese migratiebeleid: Ook Europa schuift migratieproblemen van zich af

Nederland wordt volgens de minister een prettige partner gevonden in de EU. „We zijn groot genoeg om invloedrijk te zijn, maar we hebben een niet te grote agenda om als bedreigend te worden ervaren.” Dat hij met Nigeria wél over migratie kan praten, komt doordat Nederland met dat land al een sterke handelsrelatie heeft. Met Tunesië nog niet. „Het gaat om toonhoogte: je moet politici hier niet in een lastige positie brengen door almaar over migratie te beginnen. Dan zeggen zij: wij hebben hier ook nog wel wat andere problemen. Maar het is echt niet zo dat we niet met Tunesië over migratie kunnen praten. Dat beeld klopt niet.”

    • Stéphane Alonso