"Het principe in Schinnen is altijd geweest: wij zijn voor het azc. Onze wil om mee te werken is altijd vanzelfsprekend geweest. Maar wat mensen niet begrijpen is dat op- en neergaan van het beleid."

Foto Erik van 't Woud

‘Met dit jojobeleid verspeel je draagvlak onder de bewoners’

Burgemeester Schinnen De wil om mee te werken is er altijd geweest, zegt burgemeester Frissen. „Wat mensen niet begrijpen is dat op- en neergaan van beleid.”

„Ik ben niet zo van het actievoeren”, zegt Léon Frissen stellig, „maar wel van het benoemen van tekortkomingen.” Frissen, voormalig Tweede Kamerlid namens het CDA en voormalig commissaris van de koningin in Limburg, is sinds drie jaar waarnemend burgemeester van het Limburgse Schinnen. Bij zijn aantreden was het azc Sweikhuizen, dat een oud klooster vult in zijn gemeente, net twee jaar heropend. Frissen noemt het een voorbeeld van hoe een goede opvanglocatie zou moeten werken: kleinschalig, levendig, ingebed in de gemeenschap.

Toch ging de opvang in Schinnen, met 242 bedden, eerder dit jaar dicht, om nu opnieuw de deuren te openen op verzoek van het COA. „De uitvoerders van het COA doen gewoon hun werk”, zegt hij. Wat hem tegenstaat is het „jojobeleid” van de landelijke overheid.

Jojobeleid: waarom die term?

„Twee jaar geleden werd door het COA nog heel zwaar ingezet op de uitbreiding van het aantal beschikbare plekken in het azc. We moesten hard aan het werk. Regelingen treffen in de ruimtelijke ordening, omgaan met weerstand onder bewoners: moest het wel zó groot? Vervolgens hoorden we dat uitbreiding niet door ging. En een half jaar later hoorden we dat de locatie helemaal zou sluiten.

„Toen heb ik gezegd: wat is dit voor jojobeleid? Ik dacht destijds al: bij het eerste het beste tekort komt er weer een opdracht: gij zult moeten leveren. En dat is nu het geval.”

Het COA zegt: de asielprocedures duren langer, huisvesting vinden is moeilijk.

„Dat kun je wel zeggen, maar als je de internationale politiek volgt en ziet wat voor bewegingen er zijn, in Europa en daarbuiten, dan kun je niet concluderen dat het allemaal voorbij is. En het zal ook niet voorbij zijn. Ondertussen ging het COA terug tot op het bot. Goed functionerende azc’s gaan dicht – en nu weer open. Dat is niet zonder gevolgen.”

Met een heropening is dat toch opgelost?

„Nee. Dit was geen jong azc. Bij de basisschool liepen geschoolde mensen rond, die goed konden werken met de jonge asielzoekers uit Sweikhuizen. Die zijn weg, ontslagen, hebben elders werk moeten vinden. Je moet proberen de medewerkers van het COA die ontslagen zijn weer terug te winnen, in een overspannen arbeidsmarkt. Je hebt aannemers nodig om het gebouw weer klaar voor bewoning te maken, terwijl die ook genoeg klussen hebben.

„In Schinnen zit meer dan dertig jaar ervaring. Het azc was hier gecombineerd met mensen uit de gemeenschap, met het verenigingsleven, met scholen. Dat was een goed geoliede machine. Als ik dat begrijp, moet een minister of staatssecretaris dat toch ook begrijpen?”

Maar leegstand is een kostenpost voor het COA. Wat ziet u voor zich?

„Werk met flexibele schillen. Je moet een conjuncturele teruggang niet als een structurele teruggang beschouwen.”

Conjunctureel, structureel: wat bedoelt u daarmee?

„Migranten komen en die moet je vestigen, dat is een structureel probleem. Je moet er niet vanuit gaan dat dit de komende tien jaar anders wordt.

„Als je dat weet, moet je twee dingen doen. Accepteer dat zo’n centrum even leegstaat, maar gooi het niet dicht. En twee: richt je op de lange termijn. Zorg dat je jonge mensen en oude mensen, gezinnen en alleenstaanden verspreidt over het land. Neem een voorbeeld aan het woonwagenbeleid. Daarvoor is wél geregeld hoeveel elke gemeente opneemt.”

Staat de bevolking van Schinnen daarachter?

„Het principe in Schinnen is altijd geweest: wij zijn voor het azc. Onze wil om mee te werken is altijd vanzelfsprekend geweest. Maar wat mensen niet begrijpen is dat op- en neergaan van het beleid. Wij moeten altijd op zoek naar draagvlak, en zo verspeel je daar een hoop van.”

Lees ook: ‘Já, daar zijn we weer, zei het COA’
    • Rik Rutten